Monthly Archives: March 2016

Kapitein Iglo in barensnood

OpusztaszerEr waren mensen die de activiteiten van de voetbalsupporters in Rome ergens nog vergoeilijkten. Of in ieder geval probeerden er iets aan uit te leggen, er iets van te begrijpen. Diep in deze verwarde barbaren zou bijvoorbeeld de banier kunnen wapperen dat “in Nederland niemand zich iets moet inbeelden, ook zo’n fontein niet!” Tenminste, zoiets las ik ergens. Zit vast wel wat in maar het leidt toch feitelijk gewoon nergens naar.

Er zijn er gelukkig al een stuk minder die de gebeurtenissen in Köln recht meenden te kunnen doen. In de billen knijpen als teken van antropolgische verwaarlozing of misschien wel juist pre-emancipatoire ontluikingsdrang. Jah … .

Door in stormachtige tijden op cruciale kruispunten de verlichte wegwijzers stevig te verankeren, blijft de positie van een vijand-gedragen regering het beste overeind. Sterker nog: die wordt verstevigd.

Eén van die wegwijzers is Nógrádi György. Veel gehoord veiligheids-expert, veelvuldig aanwezig op de Hongaarse buis. Hij heeft altijd zijn woordje (en zijn telraam) klaar en als het niet zeker is, dan doe maar voorzichtig.

Kijk maar naar de alarmfase-perikelen. Sinds november vorig jaar zijn er vier niveau’s:

  • 4: als er aanwijzingen zijn over dreigende terreuracties in Nato of EU landen waarbij Hongarije betrokken is of zou kunnen raken;
  • 3 (middelmatig): als de dreiging toe is genomen, of als er in EU of NATO-landen, of in buurlanden van Hongarije, terreuracties zijn geweest waardoor de dreiging in Hongarije is toegenomen;
  • 2: als er concreet gevaar is voor terreuracties in Hongarije of als er in Hongarije volgens de beschikbare informatie terreuracties verwacht kunnen worden;
  • 1: als er een ernstige terreuractie is geweest met directe implicaties voor Hongarije of als er in Hongarije ontwikkelingen zijn die in verband kunnen worden gebracht met terrorisme.

De stadia zijn werkelijk ongeveer zo vaag als hierboven vertaald, tenminste, zowel in de beschrijving van Index als van het TEK zelf, die dezelfde taal bezigt. Ik sluit niet uit dat de regering en de TEK weet wat ze hier bedoelen en waar volgens hen de verschillen in zitten – velen daarbuiten weten het zeker niet!

Verder: Graad (fokozat) 4 is steevast de lichtste in het rijtje, de minst ernstige (in tegenstelling tot bijvoorbeeld graad 3 bij brandwonden – die altijd de zwaarste is geweest in het Nederlands en de rest van de Europese talen). Verder wordt de 3e graad structureel middelmatig genoemd – wat niet meevalt met vier gradaties. Het kan zijn dat de 5e graad de basisgraad zou zijn maar wat niet genoemd is, daar kun je geen betekenis aan ontlenen.

Toch gaat het er niet om de lachers op de hand te krijgen.

  • we weten dat het TEK – met een enorme geldings- en bewijzingsdrang rondloopt;
  • we weten dat Fidesz werkt aan een mogelijkheid om een nieuwe twee-derde meerderheidswet door de kamer te jassen met meerdere beperkingen voor in bange tijden;
  • we weten (en merken) dat de ballib pers en zelfs de politieke oppositiepartijen onder druk staan om ‘mee te werken’ aan de veiligheid van het land en dus eventueel de voorstellen van Fidesz zouden kunnen gaan steunen;
  • we kunnen ons voorstellen dat in dergelijke precaire situaties weinig zo fijn dingen kan versnellen als het – als enige – beschikken over – al of niet bestaande – kennis of informatie;
  • we weten dat de retoriek van de regering ijzersterk is voor een tweedeklasser en puur en alleen voor kniesoren wel eens wat te wensen overlaat op het gebied van sensitiviteit en specificiteit:
    • Europees = christelijk
    • christelijk = niet moslim
    • vluchteling = moslim
    • moslim = niet Europees  ⇔  terrorist = moslim
    • niet moslim = Europees
    • niet moslim = niet terrorist
    • ƒ(x) x → 0, y → 0
    • geen vluchteling = geen terrorist

Waar in London na de bommen van 2005 opgeroepen werd tot eenheid – Blair zei: “Ze willen dat we elkaar in de haren vliegen, – dat zullen we dus niet doen!” Waar mensen in Brussel verder proberen te gaan met hun leven door te laten zien dat die zelfmoordsukkels het helemaal bij het verkeerde eind hadden. Daar is in Hongarije ook de gemeenschappelijke vijand niet meer van iedereen. Die vijand is namelijk meer van de regering, dan van u en mij en het stemvee. Terwijl in London, in Brussel, de ‘vijand’ in dezelfde straten rondliep als de (rest van) de samenleving. En moslim was/is. Misschien zelfs wel vluchteling …

Waarom zitten we in vredesnaam, in Hongarije, nou momenteel in fase twee?

Even zoeken op trefwoord terrorfenyegetettség (terreurdreiging)

Het mocht tijd worden, het was toch een beetje alsof de zombies Boedapest al hadden overgenomen en we hiero de laatsten dreigden te worden die erachter zouden gaan komen. Maar goed. Bij de MNO als refrein dat de regering zich lekker aan het nestelen is in een comfortabele terreurdreiging, al dan niet gebruik makend van extra rechten, al dan niet noodzakelijk, al dan niet gepland. En dat het maar de vraag is of de samenleving nu bang is voor terroristen of de regering bang is voor de samenleving. Echt sterk is het artikel verder ook niet.

Het lijkt wel alsof iedereen paaseieren aan het schilderen is. Of zombies aan het jagen.

2016 gaat een heel raar jaar worden voor het humanistisch project: aan de ene kant de Syrische oorlog, de chaos en de nasleep inclusief vluchtelingen en Cold War II; aan de andere kant Trump die Clinton de keuken in zal proberen te jagen.

In Zuid-Hongarije hadden ze al zoveel Living Dead gekeken, dat ze dachten dat het minstens vluchtelingen moesten zijn die ‘s nachts te paard de streek onveilig maakten.

Maar goed dat Nógrádi György altijd antwoord heeft.

—————————-

Naschrift: schitterend gesprek gevonden (van 22 maart jl.) tussen Bakondi György en Kálmán Olga in de kluwen van het gelijk.

Bakondi György

Hieruit blijkt dat de dreiging – op niet ontvangen informatie gebaseerd is maar dat op de één of andere meta-manier daarmee een dreiging ontstaan is die werkelijk is (ervaren wordt). In ieder geval door Bakondi cs. Olga is zoals altijd heerlijk bezig (‘Maar zo is het altijd: we weten nooit wat de dag van morgen brengt?!’), slaat de politicus met zijn eigen papieren en definities om de oren en krijgt dan het verwijt ‘Dus volgens U is de stap van de overheid niet juist?’ waarmee we terecht dreigen te komen op het niveau van kroegdiscussies die we gewoon zijn van Fidesz-notabelen. Maar daar gaat ze niet op in. Onnodig te zeggen dat Bakondi vanalles doet behalve: uitleggen, irreele angsten wegnemen, gepaste dapperheid en oplettendheid stimuleren, of wat dan ook dat een verantwoordelijke leider zou kunnen doen die op dergelijke momenten een natie vooruithelpt.

KHf extra 2: onverwachte draai aan retoriek grote leider (maar niet heus)

citadelHeeft U wel eens het vragenuurtje gezien van kormány-info (min of meer elke donderdagmiddag rond 2- 3 uur op MTV1)? Niet de standpunten van de regering, niet de verklaringen, de bakladingen met eigengereidheid die in het eerste deel over het volk wordt gestort. Nee: het vragenuurtje. Dat is leuk (en niet meer terug te vinden): de antwoorden van kabinetsminister Lázár János en woordvoerder Kovács Zoltán op de gerichte vragen van vriend en vijand.

Om te beginnen doet Lázár dat best bewonderenswaardig. Je hebt witte pingpongballetjes die je al van verre aan kunt zien komen: de inkoppertjes, de fijne vragen van bijvoorbeeld de Magyar Hirlap, Magyaridök en dergelijke. Goed voor nog wat extra spierballentaal, wat fijne quotes en een aai over de regeringsbol. En dan zijn er de zwarte pingpongballetjes, die beter maar niet teveel door de ether kunnen vliegen. Kritische vragen. Waarschijnlijk zijn ook die wel van tevoren aangemeld, maar toch.

Hoe ze gepareerd worden levert best mooi toneelwerk op. En: het gaat er alles bij elkaar best gemoedelijk aan toe. Met gevlei en wat feitenkennis weet Lázár soms zelfs het perspectief van de kritische kranten – ‘de regering is een boevenbende en elk streep rook is vuur’ – een draai te geven. Lázár gaat zelfs in debat – met zichzelf en een paar linkse stereotiepen, maar toch. Bijvoorbeeld over de vraag waarom Hongarije geen kunst zou mogen kopen, of de Nationale Bank dat niet zou mogen doen. Dat doen ze in Oostenrijk en in de VS toch ook! En hij bluft zich vrij, trekt zich aan een ongekend feitje door de branding het droge op, sleurt de belager langszij en hakt de gladste aal in stukjes om ze af te serveren met een knapperig korstje van humor en/of vergevingsgezindheid. Prachtige machinator, die man!

Het voordeel van de twijfel. Zullen we hem dan maar even volgen?

De precieze opmerking van Lázár kan ik dus niet meer vinden maar het kwam erop neer dat het westen nog kan leren van de Hongaarse mediawet. Iets met rectificaties die door een Zweedse krant niet werden toegestaan en een Belgische uitgever die aan censuur doet. Dit laatste geval gaat als volgt: een Franse tekst van een professor aan Sorbonne gaat inderdaad over het uit de winkels halen van een publicatie waarin de Hongaarse minister van Justitie, Trocsányi, voorkomt. Er is een lange inleiding over het belang van vrije meningsuiting en het gevaar van censuur en dan een dik eropgelegde veroordeling van de achterliggende ‘geveinsde’ en de achterliggende ‘vermeende’ motivatie. Geveinsd: status wetswetenschapper + minister/politicus is niet verenigbaar. Vermeend: Hongaarse minderheidsstandpunt tov verplichte strekking van EU-beslissingen is te explosief om te verspreiden.

Het geheel doet sterk denken aan een storm in het glas water, temeer daar onderaan het artikel wordt vermeld dat de keuze van de uitgever al is bijgesteld. Toch klimt Magyaridő, die andere spreekbuis van de regering, op de barricades en gaat ook het kritische portal 24.hu aan de haal met het verhaal met een eigen cynische ‘die vervelende westerse kranten toch, foei!’, dit weer op basis van de uitlatingen van Lázár zelf.

Een klucht, dus. Mooi beeld van de eeuwige vliegen die links en rechts elkaar – genetisch bepaald lijkt het wel – af moeten vangen. Waarbij ze allebei zeker weten dat zij het zijn die in het verdomhoekje zitten en niet de andere kant en daarnaast hebben ze allebei ook nog eens het grootste gelijk van de wereld.

Je hebt dus politieke elites – die het altijd met elkaar oneens zullen zijn. Je hebt vertolkers en spreekbuizen in de pers en in functie, die het altijd oneens met elkaar zullen zijn. En je hebt mensen zoals U, ik en het Hongaarse stemvee.

En je zou een vloeibare samenleving moeten hebben. Waarin het middenveld van intermediairs (of hier) verdwijnt omdat de burger wilsbekwaam zou zijn geworden.

De Nederlandse pers functioneerde decennialang met hoor en wederhoor als leidend principe. Bij die pers komen alle betrokkenen aan bod, of het nou om ontslagen in de zorg gaat, om problemen met een voetbalclub of om de plofkippen: vakbonden, klanten, leveranciers, werknemers, belangengroepen, overheid. Hoe verzuild de pers ook was, meestal konden zij – en hun lezers – best hun eigen perspectief scheiden van de grotere politieke ontwikkelingen en verhoudingen. Dat was een mooie mijlpaal en die kan nu inderdaad langzaam overboord. Nieuwsuur dat nog pretendeert bovenop (al) het nieuws van de dag te zitten, dat is een beetje achterhaald in onze flitsende info-maatschappij met al die dwarsverbindingen en alternatieve pressie-middelen. Puur als je kijkt naar de historische noodzakelijkheid en mogelijke verdere ontwikkelingsstappen, bedoel ik dan even.

Kijk naar de vluchtelingen. Er zijn burgerinitiatieven, mensen die zich op de radio en in de kranten van hun juiste instelling kwijten en rondbazuinen dat ‘we er wel uit komen’, en hulpverleners die zich zorgen mogen maken omdat vluchtelingen in hun nieuwe onderkomens niet behoorlijk kunnen koken zoals een normaal gezin betaamd.

De crux ligt in dat betamen. Daar kun je over praten. Vloeibaar of niet.

In Hongarije – waar ze geen geld verdienen, maar geld zoeken – liggen de kooltjes allemaal in het vuur, denkt men. En de enige die ze eruit mag halen is de regering. Die weet bijvoorbeeld dat er niemand, nog geen 1294 mensen, dit jaar binnen zullen komen. Die weet hoe je bij een referendum de vraag zo moet stellen, dat het goede antwoord eruit komt. Die weet dat, als je streng bent, je een signaal afgeeft dat begrepen zal worden. Die weet dat humanistische project afgelopen is en dat respect tegenwoordig afgedwongen wordt met autoriteit. Die weet dat vluchtelingen – echte vluchtelingen, juist: die drie met die paardenkop die mogen blijven – net zoveel steun verdienen als de normale mensen in Hongarije – en ze dus moeten werken (want, laten we wel wezen: ze verdienen geen steun, maar ze zoeken het). En iedereen moet werken. Zo is het toch, meneer Lázár?

Szijjártó Péter, de nationale oetlul, zegt dat Hongarije vorig jaar 400.000 vluchtelingen heeft opgevangen, dat die eten hebben gekregen etc. en dat het niet waar is dat ze geen hulp hebben gekregen, maar ze verdienen het toch ook niet want het zijn geen vluchtelingen, maar economische emigranten. En dat mag hij zeggen. Kan gewoon. Hij kent ze namelijk allemaal. En de TEK ook. Al die verrekte kooltjes in het vuur. Het merendeel van de onwetende Hongaarse stemmers kent misschien één of twee donkere mensen. Van heel vroeger, uit de tijd van socialistische broederregimes en uitwisselingsstudenten. Noem ze met een gerust hart opportuun-racistische mensen (van de xenofobie zien we voorbeelden genoeg). En hoewel de halve kudde regeringsleden gestudeerd heeft in het buitenland – niet zelden gefinancieerd door aartsvijand Soros – zijn het toch deze ‘hardwerkende’ mannen met hun grote gezinnen die middels hun toegewijde spreekbuizen Viktor’s Volk de angst en het ontzag inboezemen die hij verdient.

De polarisering van Hongarije is natuurlijk al heel oud. Sinds 1989 werkt vooral één kant heel hard eraan: Fidesz. Decennialang is er structureel en nauwgezet gekoerst op de twee-partijstaat. Fidesz heeft KDNP geannexeerd, de MDF geannihileerd, de Kisgazdapárt (eventjes) voorop de bumper gehad (weet u nog: Torgyán als mogelijke president?) en voor alles categorisch het recht geclaimd te allen tijde te doen wat ze willen, omdat de tegenstanders ‘fout’ zijn. De totale politisering van links naar rechts (of eigenlijk niet politisering, maar partificatie).

Waar in Nederland wordt samengewerkt, voor zover mogelijk samen beslist, en men gevoelig is voor elkaars posities en gevoeligheden – voor zover die niet gericht zijn op totale uitsluiting van andere meningen en oplossingen (extreem tolerant of juist totaal vreemdelingwerend), heeft in Hongarije heeft bij voorbaat een extreme visie de overhand – vanwege de Partij – en wordt zelfstandig denkende, fatsoenlijke burgers met gevoelens van compassie en medemenselijkheid in de richting van de hulpbehoevende, van overheidswege te verstaan gegeven dat ze zich moeten schamen.

Ungváry Rudolf zegt dat Viktor Orbán een dictator is en het nodig heeft dat mensen hem liefhebben, zoals alle dictators. Daarom worden mensen die hem niet genegen zijn, en andersom, uitgesloten. Soms met sociale stickers, verwaarlozing en discriminatie, soms letterlijk door de atmosfeer die te drukkend wordt om te blijven.

Wat zal het worden, vandaag? Als honden konden bidden zou het kluiven regenen …

 

 

 

KHf extra: Onverwachte draai aan retoriek grote leider (1)

haaiOm te beginnen is er het laatste boek van Umberto Eco, Numero Zero. Een loser-journalist laat daarin zijn talenten los op een (fictieve) dagbladformule waarbij projecties uit de onderbuik, via insinuaties en verdraaiingen, achterklap en roddelpraat tot journalistiek worden verheven. Hierbij komen vanzelfsprekend allerlei methodes aan bod, van geavanceerde technieken voor associatieve, manipulatieve nieuwspresentatie tot en met het optimaal uitspinnen van dubbele ontkenningen van uitspraken die om te beginnen al in de mond waren gelegd (of zelfs geheel verzonnen).

In de praktijk niets nieuws, natuurlijk. Zowel in Nederland als in Hongarije stralen krantenkoppen van links naar rechts vooringenomenheid uit. Verhogen we de inzet: de inhoud van het nieuws is één ding waarover te steggelen valt. De toon van het nieuws is weer een heel ander geval.

Kétfarku kútyapárt piro3
Foto: Kétfarkú Kutya Párt

De Kétfarku Kutyapárt, een onnavolgbare satirische klub (nu ook al partij – voor een staaltje van hun kunnen klik op de foto hiernaast) heeft vorig jaar zomer een alternatieve editie (link is een pdf document) van Magyar Hirlap uitgebracht. Een ‘goed nieuws’ editie. Welke coulisse (goed nieuws voor wie?) er nu precies verschoven is, is niet helemaal duidelijk: sommige fictieve artikelen komen over met een heftigheid die de Magyar Hirlap gewoon is maar verkondigen precies de feiten-versie die de Hirlap niet graag zou zien. Omgedraaid komt ook voor: lief nieuws dat niemand kwaad doet, – een beetje zoals het jeugdjournaal, vroeger.

De website Mediavadasz positioneert zichzelf als het weerwoord op de wijdverspreide links-liberale ‘vuilnissites’ (szennyoldalak) op het web. Onderwerpen en gebeurtenissen worden er besproken met als doel het gepretendeerde gelijk van ‘links’ te de-bunken. Zo stellen ze concreet over de plakaat-affaire van vorig jaar – de kritiek op de overheidsplakaten (die voortkwamen uit en aanleiding gaven tot stemmingmakerij rond de vluchtelingen), dat de reclameboodschappen van het Kétfarku Kutya-partij/Vastagbőr- verband die daarop ten antwoord verschenen (met o.a. ‘Sorry for our prime-minister’) en de verwijzingen naar bijvoorbeeld de bijbel (‘vluchtelingen zult U voeden’) hoogst verwerpelijk zijn. Want dat zou het aankweken van schuldgevoel zijn.

Wat denkt de KKP wel van christenen? Dat het een sukkelige, zelfopofferende liefdadigheidsinstelling is? Of dat ze de inbreker in huis binnenlaten, geld in diens zakken stoppen en ook nog eens het mes op de eigen keel zetten? De linksliberalen rekenen het de Hongaarse conservatieve christenen aan dat ze niet genoeg christelijk zouden zijn? Absurd!

Polemiek wil altijd gelijk hebben, als het even kan voor 100%. Polemisten zijn er vaak op uit elkaar helemaal onmogelijk te maken, liever nog met één enkele voltreffer dan op ‘punten’. De schrijver heeft schijnbaar niet door dat satire geen polemiek is – in die zin dat satire niet voor 100% gelijk kan hebben omdat het gebruik maakt van originele bronnen waarop satire zichzelf botviert (en dientengevolge voor alles wijst op hypocrisie).

Hij die zonder zonden is, werpe de eerste steen is in Hongarije opgewaardeerd tot een verlammende alles of niet toestand met alleen nog maar schreeuwers aan beide zijden. Als je kritiek durft te hebben, dan moet je ook meteen klaar staan om alle politieke associaties die via die kritiek in je ‘eigen nest’ te leggen zijn, te weerleggen. Als je tegen de verkeerde zegt: ‘Viktor verrijkt zichzelf’, dan krijg je terug dat die-en-die zich nog veel meer verrijken of verrijkt hebben, of de multi’s, of wat dan ook. Een vraag met een wedervraag beantwoorden, kritiek met een schep erbovenop.

Kijkend naar foto’s van Amerikaanse moordenaars haal ik het ‘slechte’ in de mens er niet altijd uit. Is het objectief zichtbaar, dat iemand een ‘slecht mens’ is – niet dom, of lelijk, maar echt slecht? Vaker lukt dit niet, dan wel. Vanaf een nieuwsportaal, een verzamelportal waar nieuws van allerlei bronnen verwerkt is, komt het ook wel eens voor dat je niet één-twee-drie weet wat het nieuws dat je leest, nu wil zeggen. En net als je je aan het opwinden bent over de kop en de stemmingmakende paragrafen, blijkt dat het stuk de ‘goede kant’ op wil. Of andersom. Op het verkeerde been staan bij het lezen van een story – of dat nu fictie is of non-fictie – kan heel heilzaam zijn.

Nog iets raars, tenslotte. Uitleggen is in het dagelijks Hongaars magyarázni. Uitleggen zou op die fiets in het Nederlands (ver-?)nederlandsen worden. Waarheid gebaseerd op identiteit en niet op logica.

Volgende keer: de vloeibare samenleving, kormany-info vragenuurtje en de vraag of Belgie en Nederland nog iets kunnen leren van de Hongaarse media-wet (volgens Lázar wel)

 

 

Teachers teachers: KLIK hier voor level 2

visegrad, királyi palotaIn de aanloop naar de demonstratie van 15 maart, een poging om op een rijtje te zetten hoe de diverse Hongaarse krantenlezers de slag om onderwijsland Hongarije aan zich voorbij zien trekken.

Volgens de overheid is er nog steeds niets aan de hand en wat er wel is, dat is sowieso doorgestoken kaart, partijpolitieke nonsens en verkapte kinderarbeid. Zoveel wisten we al. Magyar Hirlap (de ‘spreekbuis van’ voor oningewijden) begint vol overdrive de vuile was binnen te halen. Er kan misschien wel wat veranderd worden aan de KLIK, en ja, misschien zijn krijtjes toch wel handig, dat soort verlichte inzichten. Als doekje voor het bloeden meldt de krant ook dat bijna iedereen straks (alweer?) een zwembad, sporthal of volledig nieuwe school kan verwachten. Maar de grootste gemene deler van hirlap-nieuws is toch wel dat we terug kunnen naar de keuken. Want kijk: hoe zeer worden nu al weer klassen, gezinnen en langzaam het hele land in tweeen gespleten door die vervelende politiek. Een heerlijk kitscherig artikel dat haar licht laat schijnen over de kunst van het moddergooien en de wortels van het kwaad in het algemeen en het goed van Fidesz-KDNP in het bijzonder. Waarop iedereen wordt uitgenodigd in hetzelfde licht (die keuken, dus) te komen staan, want (het laatste woord krijg je niet, dat moet je nemen) de oppositie zou toch al in duigen liggen.

Een handschoen die weer opgepakt wordt door de Magyar Nemzet (krant van Simicka Lajos, oud vriend nu vijand van Orbán) met als achterliggende gedachte (niet bij het ‘in duigen liggen’ als zodanig maar bij dit laatste ‘weten’ van Magyar Hirlap) dat het narratief van overheid en hofkranten bijna geloofwaardig had gewezen. Bijna, maar niet helemaal. Want:

  1. ja: de protesten stamden ooit uit vaktechnische overwegingen
  2. ja: de eeuwige oppositie kan de kans bijna niet laten liggen om haar eigen punt te maken
  3. ja: er klinken wel eens ongepaste geluiden door die de ontvankelijkheid van de vakbonden ondermijnen

Maar:

  1. nee: daarmee wordt het protest niet minder waard (inhoudelijk)
  2. want nee: een regering schrijf je ook niet af op basis van de misdaden van één moordlustig parlementslid

Maar helaas:

  1. gooit de regering wel degelijk de gerechtvaardigde argumenten en de eeuwig-pruttelende oppositie op één hoop
  2. gooit ze daarmee meteen de kritiek op het KLIK en kritiek op de regering op één hoop
  3. denkt de regering dat zij persoonlijk het legitieme algemeen belang is en de complete rechtgeaarde civiele sector en alle andere goedwillende burgers van Hongarije vertegenwoordigt (en dus vooral niet aan partijpolitiek doet)
  4. mag je dus wel meedenken over het KLIK, maar niet tegen het KLIK zijn (vandaar dat gedoe over wie er uitgenodigd werd voor en meedoet aan de rondetafel-gesprekken, bijvoorbeeld)

Echter – en nou komt de mooiste van het stuk: het KLIK is ontstaan uit de koker van een re-contra-geselecteerd gezelschap.

De regenten van bourgeoisie zullen ooit het ‘geselecteerde’ gezelschap hebben uitgemaakt. Het communistische kader werd vervolgens ‘contra-geselecteerd’, terwijl daaruit weer door een volgende selectie het ‘re-contra-geselecteerde’ groepje ontstond van (wat MNO noemt) het christelijk nationaal-conservatieve potentieel. Waar we dus nu mee ziten.

Wow!

Te mooi om te laten liggen, al is niet helemaal duidelijk wat ons nu te doen staat. De Magyar Nemzet sluit het verhaal nu kort – door te stellen dat daarom het KLIK niet kan worden gezien als waarachtige vaktechnische organisatie maar uiteindelijk een controle- en pers-instrument zal blijven om de laatste zelfstandigheid van scholen uit te roeien – en doet voor vandaag de luiken dicht.

OK?

Gaan we nu wel of niet demonstreren?

Zo ja: tegen wat en voor wie?

Hoe diep gaan we?

Want als we het aan de Nepszabadság vragen, dan wordt er net zolang aan de KLIK-boom geschud tot de grond eronder bezaaid ligt met rotte appeltjes.

 

Er is een roos ontsprongen …

En de veteranen rollen over elkaar met veel gezucht, deskundige adviezen en meewarige waarschuwingen:

  • wat dapper
  • wat een clown
  • waar zitten de gaatjes in het Fidesz pantser voor deze pijl?
  • maar goed dat ze geen ‘verleden’ heeft
  • maar ze heeft wel een heden – ze werkt voor een stichting met politieke doelen
  • maar dat is ongehoord
  • maar wel logisch
  • laten we haar maar snel weer vergeten
  • dit is het laatste onderwijsproduct dat de Fidesz nog schade toe kan brengen
  • etc

veel van hetzelfde van alle kanten maar dan om net iets anders.

Overeind staat dat dit meisje niet minder is dan een belofte. Iets waarop velen zaten te wachten. Maakt niet uit of ze de nieuwe uitdager van OV wordt. Misschien vinden ze weer iets om het tij te keren. Heeft ze wel hamsters gemarteld of klasgenootjes afgeperst. Daar gaat het niet om. Het gaat erom dat hier even een vergezicht geboden is, dat ons niet alleen confronteert met haar en wat ze voorstelt maar ook met onszelf en wat we positief – naar omstandigheden – voor kunnen stellen.

Als het stemmetje dat zegt: Waarom ook niet? Het zou best kunnen …

Je hoort wel eens dat Fidesz misschien wel verre van ideaal is maar dat niemand anders in aanmerking komt om het land bij elkaar te houden. Een sterke hand krijgt nog altijd meer gedaan dan slappe hap. Persoonlijk geloof ik dat niet, want ik heb ooit het optimisme gezien – in andere tijden – maar bovenal heb ik de structurele afbraak gezien die Fidesz de afgelopen jaren meende te moeten verzetten.

Het wordt hoog tijd dat er getimmerd gaat worden. Demo’s en burgelijke ongehoorzaamheid, tussentijdse overwinningen in lokale verkiezingen en fijne, mediagenieke meiden zijn allemaal leuk en aardig voor momentum maar een echte vuist tegen de afbraak is vaak ook een hand naar de medemens.

Want Fidesz, die houden we zelf overeind. Met onze angsten, onze aversies, onze rethoriek. Allemaal, samen, tegen elkaar.

Tijd voor vervelling!

Dus dat WAS Mad Max in de achteruitkijkspiegel … !

nummerbord HongarijeVier Hongaarse regio’s in de staart van Europa.

De staat van het wegennet op zelfs de Budapester Rózsadomb en andere gouden bergen in aanmerking genomen, verbaast niemand dat nog, waarschijnlijk. Wegdek wordt in de winter opengebroken en in de zomer geplakt. Of andersom. In vier, vijf of nog meer lappen.

Het ene jaar wordt de waterleiding gelegd. Dichtgeplakt. Dan komt er gas bij. En dichtgeplakt. Dan glavezel erbij. En dichtgeplakt. Oh, sorry: glasvezel. En weer dicht! Riolering? … Stoep? En tussendoor, voorwaar, eens in de zoveel tijd een burgerinitiatief tot bestrating, op eigen kosten en uitgevoerd door dezelfde boevenbende. Geen schijn van kans, dus. Intussen staat – jaar in jaar uit – de linkerhelft van de weg, als het goed regent, helemaal blank. Maar denk niet dat iemand op het idee komt om meteen even … Nee, joh, te ingewikkeld! Misschien ergens in de volgende eeuw. Laat stromen, die beken!

Kortom: het lijkt Skane wel. Vanaf de rug van een gans, bedoel ik dan.

Snelwegen, bruggen: van hetzelfde bonte laken een pak. Ik hoef me niet eens in te houden want gelijk heb ik toch wel. Is het wegdek net enkele jaren geleden gelegd, lopen de scheuren er alweer in. En het rare is: dat gebeurt dus niet omdat er zo vreselijk veel (vracht-)wagens overheen knallen. Dat gaat … helemaal vanzelf! In de zomer omdat het warm is en droog, in de winter …

(Als het gaat om absurde snelwegen, is de M6 mijn persoonlijke favoriet. Hoeveel viaducten daar om te beginnen wel niet in zitten! Dat stukje tussen afslag Rácalmás-Kulcs en de brug bij Dunaújváros, 19 kilometer.  Daar zitten niet alleen nog twee afslagen/viaducten tussen maar ook nog eens vijf (5!) viaducten voor tractorpaadjes. En daarmee was de prijs van deze snelweg – per kilometer – hoger dan die van het Kroatisch stuk van Zagreb naar Rijeka, door de Dinarische alpen, met ontelbare (belangrijke) tunnels en andere werken.

Het moet allemaal wel in een groter plan passen. Maar welk?

  • Geld verdienen

Niet slecht, maar dat kan op zovéél manieren! Waarom nou precies op deze?

  • In Budapest zullen ze denken: ze zouden er eens aan mogen wennen, dat het verkeer ook gladjes kan verlopen. Dat nooit!

Ook niet slecht maar nog niet helemaal. De waarheid moet daar nog onder kunnen.

  • Vrees dat de ketellappers straks geen werk meer zouden hebben (of de automonteurs).

Te prozaisch.

  • Of dat iemand aandelen heeft in UNIX Autoonderdelen (dat zullen de laatste autootjes zijn die je straks nog ziet rondrijden)

Zal ongetwijfeld, maar nog steeds niet genoeg.

Dus wat meldt ons index, vanochtend:

Eigenaars van busjes en terreinwagens worden door het Hongaarse leger benaderd met verzoeken tot informatie omdat hun vervoersmiddelen de databank in moeten. Dat is één stap vóór vorderen, als het ooit oorlog wordt of als de noodtoestand uitbreekt.

Het (volks-)leger heeft ons weer nodig! Dat was het: burgers hebben na jarenlang afzien en training goede auto’s verworven – geschikt voor de omstandigheden zoals we die kennen – zodat ten tijde van oorlog en/of noodtoestand het Hongaarse leger in een oogopslag over betrouwbare en up-to-date mobielen beschikt.

De overheid denkt met u mee!

Of:

De privatisering is een beetje doorgeslagen.