Category Archives: Hongarije

Heineken is een dictator of zoiets, zegt Lázár János (zelf volksvertegenwoordiger)

ongersman.nlVandaag is er door Lázár János en Semjén Zsolt een wetsvoorstel ingediend dat ertoe dient te leiden, dat de symbolen als de swastika (hakenkruis), het pijlenkruis (aangepaste swastika van Hongaarse fascisten), en de sikkel en hamer en de rode vijfpuntige ster van de communisten – alle symbolen van dictatoriale politieke systemen dus – verboden worden voor commercieel gebruik.

Gebruik van de symbolen van de regimes en de geassocieerde politieke systemen, als symbool van de regimes en de geassocieerde politieke systemen, was al verboden, alleen is bij deze het gebruik op commerciele producten – Heineken bier (bijvoorbeeld?) – dus ook verboden. In het vooruitzicht gestelde straffen lopen van 500.000 tot max 2 miljard forint voor de onderneming (5% jaaromzet), terwijl er strafrechtelijk ook nog twee jaar gevangenis op staat.

Na de vorige toestanden verbaast dit ons natuurlijk nauwelijks, hoewel de gekunsteldheid en de onbeschoftheid die van Erdogan even lijkt te willen overstijgen.

Dit zijn de belangrijkste paragrafen:
1.§
1) Het is verboden in Hongarije het hakenkruis, SS-teken, pijlenkruis, “sikkel en hamer”, vijfpuntige rode ster of deze afbeeldende symbolen (vanaf nu: dictatoriale symbolen) met als doel winst te maken te:
a) gebruiken
b) laten zien, of
c) goederen of diensten aan te bieden met dergelijke dictatoriale symbolen.
2) Het gestelde onder 1) geldt niet voor documentaires, educatieve, wetenschappelijke doeleinden waarbij de met de symbolen geassocieerde historische gebeurtenissen worden afgebeeld, noch voor doeleinden waarbij de geschiedenis of de huidige gebeurtenissen worden belicht met als doel voorlichting, verschijning of verkoop.
2.§
1) De regering kan per decreet – volledig of ten dele – ontheffing geven van het onder 1. § (1) gestelde verbod, als de aanvrager kan bewijzen, dat aan gebruik van het dictatoriale symbool een speciaal te billijken belang verbonden is, dat de door het dictatoriale symbool betrokken maatschappelijke groepering niet wordt gekwetst en dat het niet gebruiken van het symbool een onevenredig groot verlies oplevert voor aanvrager
(2) Op zichzelf is het feit dat de aanvrager de rechtmatige eigenaar is van het dictatoriale symbool als trademark, nog niet afdoende om te kwalificeren als een speciaal te billijken belang, noch – zonder nadere onderbouwing – voor het kunnen beroepen op onevenredig groot verlies.
(noot ongersman: je hoort ze gewoon nadenken, he?)
1.§
(1) Tilos Magyarországon horogkeresztet, SS-jelvényt, nyilaskeresztet, sarló-kalapácsot,
ötágú vöröscsillagot vagy ezeket ábrázoló jelképet (a továbbiakban: önkényuralmi jelkép) haszonszerzés céljából
a) felhasználni,
b)megjeleníteni vagy
c) önkényuralmi jelképpel ellátott árut vagy szolgáltatást értékesíteni.
(2) Az (1) bekezdésben foglalt tilalom nem vonatkozik az ismeretterjesztő, oktatási, tudományos, az önkényuralmi jelképekhez kötődő történelmi eseményeket ábrázoló művészeti célú, valamint a történelem, illetve a jelenkor eseményeiről szóló tájékoztatás
céljából történőfelhasználás, megjelenítés vagy értékesítés esetére.
2.§
(1) A Kormány egyedi határozatával — teljes vagy részleges — felmentést adhat az
. 1. § (1)bekezdésében foglalt tilalom alól, ha a kérelmező bizonyítja, hogy az önkényuralmi jelképhasználatához olyan különös méltánylást érdemlő
magánérdeke fűződik, amely azönkényuralmi jelkép által érintett társadalmi csoport érzékenységét nem sérti, továbbá a jelkép használatától való tartózkodás súlyos és aránytalan érdeksérelmet jelent a számára.

(2) Önmagában az a tény, hogy a kérelmező önkényuralmi jelképet tartalmazó védjegy jogosultja, nem minősül sem különös méltánylást érdemlő magánérdeknek, valamint — külön indokolás nélkül — nem jogosít az aránytalan érdeksérelemre történő hivatkozásra sem.

 

De Republiek is dood, Leve de Republiek!

ongersman.nlVandaag is Fidesz president Áder János door het Fidesz Parlement gekozen voor een tweede termijn als Fidesz President van de Fidesz Republiek Hongarije.

Daarom brengen wij hier de vertaling van de speach van zijn enige tegenkandidaat, de verliezer, dus, in vertaling:

Dr Májtényi László:

————————————————————————————————–

Geachte Heren en Dames afgevaardigden, leden van diplomatieke verbonden, beste gasten, geachte pers – waaronder ook de uit het parlement geweerde journalisten,

Mijn programma voor het presidentschap is in één opmerking samen te vatten: om het even wat onze opvattingen zijn, om het even op welke partij we stemmen, voor ons allemaal is het beter als we leven onder de macht van instituties, dan onder de macht van mensen. Mensen zijn wispelturig, daarom is onder mensen ons leven minder voorspelbaar, dan als instituties regeren. Als ik mijn dank uitspreek voor de partijen die mij genomineerd hebben, spreek ik daarbij ook mijn dank uit voor de steun die ze daarmee betuigen aan mijn gepubliceerde presidentsprogramma. En omdat mijn programma kritisch is naar het politieke systeem, dank ik vervolgens dat zij hun geloof in de inhoud daarvan, uit hebben gesproken. Dank verder gedurende de afgelopen maanden voor de mensen die me hebben geholpen, mijn familie, echtgenote, Székely Sándor, Gulyás Balázs, Krasztev Péter en Mellár Tamás.

Laten we het preidenstprogramma nu bekijken:
Met het realiseren van totale democratische openbaarheid, het garanderen van mensenrechten, vrije en eerlijke verkiezingen verzekeren dat staatsburgers waarachtige mogelijkheden krijgen om van tijd tot tijd de regerende macht af te wisselen. De armoede is ondraaglijk. De Hongaarse Republiek dient ervoor te zorgen, dat elk lid in menselijke omstandigheden kan leven. De corruptie heeft de staat eronder gekregen. De door de burgers gecontroleerde staat zal met de strengst mogelijke middelen strijden tegen de corruptie, speciaal tegen de vorm die staatsinstituties gebruikt.

Daar komt nog bij, dat duurzame ontwikkeling en de bescherming van toekomstige generaties een belangrijk onderdeel is van de principes die de werking van de staat bepalen. Velen denken dat de vragen rond de rechtstaat ver staan van de dagelijkse zorgen van de mensen. Dat zie ik anders. Of het nou de armoede is die aan de derde wereld doet denken, het gestolen vermogen van het staatspensioenfonds, de trafiks (rookwarenwinkels), Kishantos (noot: gesjoemel met landbouwgrond van ecologische cooperatie) of om het even welk ander stuk ‘rechtmatig’ gestolen landbouwgrond, de gekortwiekte persvrijheid en leermiddelenkeuzevrijheid, de culturele vrijheid of welke andere geconfiskeerde fysieke of geestelijke bezittingen of verworvenheden, we dienen in te zien dat tegenover de persoonlijke zelfzuchtigheid van de machtigen, we alleen op bescherming door onafhankelijke instituties kunnen vertrouwen.
Met correcties, de schulden achter ons latend en de fouten van de Derde Republiek verbeterend, moeten we zo snel mogelijk terugkeren naar de waarden van de grondwettelijke beweging van 1989-1990, in het kort naar de parlementaire democratie. Want het is hoog tijd de macht te beperken van de machtigen tegenover de machtelozen en die van de rijken tegenover de armen, net zo goed als de zelfzuchtigheid dient te worden beperkt van de gezonden tegenover de zieken, de mannen tegenover de vrouwen, de nationale meerderheid tegenover de minderheid, en verder de huidige generatie tegenover de volgende generaties. We willen een vrij en solidair Hongarije. In mijn overtuiging zo min mogelijk staat en zo veel mogelijk solidariteit. We krijgen onze rechten niet van de staat. Die vallen ons toe, omdat we als mens geboren zijn. We willen een land, aan welk elke burger even lief is, of die nou in het politieke midden zit, of aan één van de randen, zelfs extremen. De staat dient dus elke burger in elke zaak met waardigheid en op een gelijke manier te behandelen. Gelijke waardigheid, bedoel ik. Daar volgt uit, dat in het geval van de vluchtelingen moreel en rechtmatig alleen een politiek kan worden getolereerd, die de van hun geboortegrond verdrevenen beschouwt als mensen met een waardigheid die gelijk is aan die van ons. Het enige goede vluchtelingenbeleid is gebaseerd op de morele en rechtmatige verwachtingen van de mensheid. Tegelijkertijd is niet elke vorm van vluchtelingenbeleid goed beleid, gezien dat de kunst van de politiek nou juist is dat veel gezichtspunten dienen te worden verenigd.

Maatschappelijke tegenstellingen vormen het voorportaal van dictatorschap. Het is alsof anderen ook aan Machiavelli’s advies denken “De wijze heerser dient, zo snel daar een mogelijkheid toe is, zichzelf tegenstanders te verzekeren, zo, dat daarmee onbeperkt de macht kan worden vergroot.” Als de heerser vijanden zoekt, dan was dat gisteren de emigrant, vandaag de slechte oligarch, morgen Soros en overmorgen Jij!

Landen kunnen alleen groeien in vrede. Interne tegenstellingen leggen de grondvesten voor oorlogspsychosen, en dat is de grootste barricade die je ontwikkeling kunt opwerpen. Tijdens de verjaardag van de Overeenkomst (noot: Ausgleich tussen Habsburg-Oostenrijk en Hongaars Koningrijk, 1866), die ongevenaarde ontwikkeling en culturele groei heeft gebracht, is dat een gedachte om even bij stil te staan.
We dienen eindelijk die meer dan honderd jaar oude tegenstelling tussen de aanhangers van het historische en die van het moderne Hongarije te doorbreken, waar honderd jaar geleden misschien nog een grote betekenis aan kon worden gehecht, maar die tegenwoordig de grond van het conflict helemaal kwijt is geraakt, het debat is verkild, en een nieuwe Overeenkomst kan worden gerealiseerd als we inzien dat het nationale samenwerkingsmodel allebei de partijen heeft verraden.

Als ik aan maatschappelijke vrede denk, dan denk ik altijd aan Babits Mihály, die zei: “O vrede, vrede / laat het vrede zijn / laat het geleden zijn!” Er zitten echter culturele voorwaarden aan de vrede: er kan geen vrede worden gesloten met armoe, met corruptie, met bedreigingen, met onderdrukking, met milieuvernietiging. Vrede is ook niet stil, bij vrede hoort een voortdurend debat, een dialoog. Zolang de reuzenplakaten en de ophitsende media slechts één mening verkondigen, zal het nooit vrede worden.

Volgens de grondwet van de rechtstaat drukt de president van de republiek de eenheid van het land uit. Volgens mij is die omschrijving niet precies genoeg.  Hij dient de nationale eenheid niet uit te drukken, maar te dienen. De woorden van de president, diens acties en gebaren kunnen de nationale eenheid vooruithelpen maar ook schade berokkenen. Het is hoe dan ook niet goed, als we in termen denken van twee Hongarije’s, ik stel voor altijd een verenigd Hongarije voor ogen te hebben. Tweehonderd jaar geleden is Arany János geboren, zonder wie, als we er al zouden zijn, we hoe dan ook niet diegenen zouden zijn, die we zijn. Vraag ik u, hoe zit dat met Berzsenyi, Radnóti, Pilinszky en vele anderen, hebben die ons niet gevormd tot wat we zijn? En, sprekend met Márai Sándor, zijn we nu niet juist vanwege de mooie en oosterse taal verenigd? En als een strenge Arany ons wijst op de moderne ruzies met hun wrange nasmaak: “Velen houden van ons land / maar haten iedereen / als op grote momenten / niet oprijst een grote, als hijzelf” (noot: ongeveer, denk ik „Sokan szeretnék a hazát;/De gyűlölik minden fiát,/ Ha népszerű alkalmakon/ Oly nagyot, mint ők, nem kiált.”)

Hiermee ben ik aangeland bij de gewenste rol van de president. Ik heb twee voorbeelden voor ogen: Göncz Árpád en Sólyom László. Vanuit persoonlijke autonomie zijn beiden waardige voorbeelden. De nieuwsgierigheid van Göncz Árpád naar iedereen die een moeder had gehad, mocht ik zeer. De juridsche strengheid van Solyóm László is ook navolgenswaardig. De ideale – niet-bestaande – president zou deze twee dingen verenigen. Twee citaten om mijn woorden te onderstrepen, de eerste van Göncz: “Als ik iemand wil dienen, wil ik diegenen dienen, die geen dienaar hebben, de onbeschermden”. Solyóm zei: “Zowel de oppositie als de regering, als de burgers hebben de plicht om aan zekere basisnormen te voldoen. En als deze normen dreigen te vervagen, als één van hen probeert om het overtreden ervan te rechtvaardigen, dan heeft de president de verplichting om op te treden.”

Ik verkoop geen kat in de zak. Als ik word gekozen, zal ik niet langer dan een half uurtje mijn dank betuigen voor de partijen die mij hebben gekozen, want de president van de republiek dient de rechtmatigheid te bewaken en dankbetuigingen behoren niet tot een categorie van rechtmatigheid. Praten we nog even over de personen! Wie alle macht heeft verworven, zal logischerwijze ook alles weer verliezen. Diens weg leidt dan ook, politiek gezien, tot niets. In die betekenis, verricht elk onafhankelijk instituut die persoon, wiens macht wordt beperkt, een enorme dienst. Als gekozen president zal ik niet een glimlachend mannetje worden en ook geen uitgestreken sfinx. In situaties dat het grondwettelijk herstel op het spel staat, is de rol van de president bij uitstek groot. Dit gaat gepaard met de verantwoordlijkheid om alle volgens de grondwet hem ten dienste staande middelen, zo uitputtend mogelijk uit te buiten. Als president zal ik dezelfde middelen toepassen als mijn voorgangers.

In aanmerking genomen dat in de lente van 2013 de grondwettelijke basis van Hongarije is verminkt, zullen er onorthodoxe middelen moeten worden ingezet. Er zijn er twee die ik wil inzetten. Het ene is de vrijwel onbeperkte spreekruimte van de president, waar waarschijnlijk velen van jullie niet van onder de indruk zullen zijn. Maar! Na zes jaar ombudsman te zijn geweest, weet ik dat overtuigende, eerlijke praat soms, ook bij de halsstarrige overheidsorganen, deuren kan ontsluiten waarvan men dacht dat ze niet konden worden geopend. Spreken over de waarheid is nooit zonder impact. Tenminste, in de 17e eeuw dacht men dat de waarheid in een open discussie het nooit zou kunnen afleggen tegen leugens en onwaarachtigheid.
Een tweede aspect dat nog niet is gebruikt, is de mogelijkheid voor de president om onbeperkt wetsvoorstellen in te dienen bij het parlement.
Ook die mogelijkheid wil ik gaan toepassen, sterker nog, regelmatig inzetten. Het parlement hoeft de voorstellen natuurlijk niet aan te nemen maar dient er wel over te debatteren.
Gezien het naderen van 15 maart zou een van mijn eerste in te dienen wetsvoorstellen over de persvrijheid gaan, nu één voor één de bastions van het vrije woord verdwijnen en we misschien niet eens meer zo ver verwijderd zijn van de toestand die Ady Endre in 1901 als mogelijk toekomstbeeld schetste: “Het duurt niet lang meer, of iedere gedrukte regel is verdacht, want ze hebben het op durven schrijven”. Ik zou graag een nieuwe wet uitwerken voor het hoogste gerechtshof, een sociale wet, een hoger en een middelbaar onderwijswet, en een wet tegen de corruptie.

Ik wil opmerken, dat minder laster, leugens, praten over Soros en vreemde agenten misschien beter zou zijn. In het licht van de afgelopen weken zou ik zelfs kunnen vragen, dat, als er hier partijen zijn waarvan de leiders steun hebben ontvangen van Soros, dat die vandaag op mij stemmen. Maar dat vraag ik niet. Als een malafide paardenkoopman met modder gaat gooien, dan zeg ik daar wat van, zoals Arany zei: “niet alleen houd ik mijn mond niet, maar ik ga ook klagen bij Kennis (“nemcsak hogy nem fogom be pörös számat, de a tudásnál teszek panaszt”).
Samenvattend: terugkerend naar onze grondrechtelijke tradities dient de republiek te worden hersteld waarin onafhankelijke instituten de grondwettelijke beperkingen van de machtsuitoefening en onze rechten, garanderen. Een grondwet is nodig, die door een referendum wordt gesteund, die de gedeelde waarden uitdrukt van de groepen die in het maatschappelijk debat actief zijn en die vrede kan stichten.

Wie is die man wiens vlees ik snij?

ongersman.nlEr is goed nieuws. Viktor Orbán houdt zich internationaal tenminste koest. In Brussel liet zijn ego de kans liggen om tegen Tusk te stemmen en daarmee ook de kans om zich verder onmogelijk te maken in Europa.

Gelukkig. Maar aan het thuisfront liggen de zaken natuurlijk anders. Daar kookt het over en een deksel is nergens te vinden.

Németh Szilárd, de vice-voorzitter van Fidesz, is er na dertig jaar nu ook echt achtergekomen dat Soros slecht is. (George Soros, u weet wel, de speculant, multi-miljonair en filantroop van Hongaarse afkomst die vanuit de VS een groot criticus is van Orbán’s illiberale koers en al decennialang geldschieter achter de Central European University en talloze andere subdsidies en beurzen, gericht op het promoten van civil society.) Hoewel hij, Németh dus, waarschijnlijk ook een beetje jaloers zal zijn omdat hij er zelf nooit één gekregen heeft, vergeeft hij zijn Fidesz broertjes die in hun onbezonnen jonge jaren wel op kosten van Soros konden studeren  – Kóvács, Szájer, Orbán, Kövér, Deutsch – en stelt dat ze nu allemaal wel beter weten.

Waarom gaat het toch altijd weer over Soros? Overal duikt-ie op waar Fidesz vermoedt dat er iets onverwachts, mogelijk onaangenaams staat te gebeuren. Als ze los dreigen te worden gerukt van de moederborst waar ze, week en rossig, zalig liggen te lurken.

Zie origo.hu, een vroeger erg nuttig portal maar nu ingedaald als Fidesz-spreekbuis nr. 1. In de show die gemaakt wordt rond het afbreken van de nieuwe kritische partij Momentum zijn zij de cheerleaders. De medeleider van Momentum zou 12 miljoen forint van een bevriende investeerder (dit is niet Soros – er zijn er meer!) hebben geaccepteerd en zijn vader zou 444.hu pagina’s liken op facebook. En hij kan in verband worden gebracht met, inderdaad, je raadt het al: George Soros. Het één nog ongehoorder dan het ander!

Kun je denken: dit is slechts een portalletje, niet meer dan een rimpel in de Hongaarse Platjeszee, maar nee! Want nu wordt de staatstelevisie ook in stelling gebracht. Die het schokkende nieuws van Origo aan het volk presenteert, met opnieuw Soros als hoofdverdachte, hoofdschuldige en nationale hoofdboogieman. Momentum wordt gesteund, of zou kunnen worden gesteund, of indirect worden gesteund, of iemand die ze kennen wordt gesteund, of een werkplek waar ze connecties hebben wordt gesteund. Of anders duikt er altijd wel ergens iets van een stoeptegel op waarover ze hebben gelopen, die werd gesteund door … .

En omdat Freud zich bij voorkeur in versprekingen pleegt te manifesteren, mogen we u deze niet onthouden (met dank aan 444.hu):

 

Mag het nog een tintje grijzer, graag?

Als iemand bij de club echt met zijn hele hebben en houden voor altijd opgezogen lijkt in het eigenhandig gecreëerde machtsvacuüm dat Fidesz heet, dan is het Matolcsy György wel. Mogelijk dacht hij dat het tijd was voor een stunt. Mogelijk hadden de Fidesz-spinsters – zoals altijd in zwaar pro-patria gevecht verwikkeld tegen het Soros Army – een verse sneer nodig. Of is MG nu echt de kluts een beetje kwijt?

Na de toelichting in het Parlement op de activiteiten van de Nationale Bank nam hij de gelegenheid om nog een belangrijk punt te behandelen. We gaan het even netjes vertalen anders is de lol er snel af – de tekst is uitgeschreven door 444.hu (ook na te horen op de parlementaire radio, vanaf ongeveer 9.19). Speciale aandacht voor de literaire hoogstandjes, het mitrailleurvuur aan nuances dat alles behalve moeizaam het geboortekanaal verlaat in de zijdeglanzende climax van deze reus:

Az árnyék onnan van, tisztelt képviselő hölgyek és urak, hogy a Magyar Nemzeti Bank ez a brókerbotrányt, csalásokat leleplező tevékenysége, ez egy sorozatba illeszkedik. Egy forgatókönyvbe illeszkedik. Egy olyan nagy NATO-szövetséges ország budapesti nagykövetségéről folytatott kormánybuktató és jegybankbuktató tevékenységéhez illeszkedik, amely 2014 őszén indult el. Azt kell mondanom, hogy természetesen a Magyar Nemzeti Bank megtalálta volna a csalárdan működő brókercégeket, hiszen Windisch alelnök úr és csapata határozottan és kreatívan, új módszertannal ott volt a cégeknél. De. Nem mindegy, hogy mikor találtuk meg ezeket a csalárdan működő brókercégeket. Tíz-tizenöt év lopássorozatát nem mindegy, hogy január-február-márciusban találtuk meg, vagy esetleg májusban. Miért találtuk meg január-február-márciusban? Mert valakik a Magyar Nemzeti Bankot szerették volna felhasználni arra, hogy bankpánikot keltsenek Magyarországon 2015. áprilisára. Ez a bankpánik be is következett. Négy városban, négy órát tartott. Mondnánk, hogy nem sok. De igenis sokkszerű volt az, még egyszer, hogy egy titkosszolgálati és katonai forgatókönyv alapján a Magyar Nemzeti Bankot egyesek, szövetségeink és barátaink, fel akarták használni arra, hogy megbuktassa a jegybank a kormányt. Ez egy nagyon súlyos árnyék, nagyon sötét árnyék, mély szürke árnyék, egy árnyalata van. Sötét. (…)

De schaduw komt, geachte heren en dames vertegenwoordigers, daarvandaan dat voor de Nationale Bank dit broker-schandaal, deze oplichting-aan-het-licht-brengende-activiteit in een reeks van gebeurtenissen past. In een draaiboek. Het past bij een door een Boedapester ambassade van een grote NATO-partner uitgevoerde regerings- en Nationale Bank- ondermijnenende activiteit, welke in 2014 is begonnen. Ik moet zeggen: natuurlijk had de Nationale Bank de malafide brokerbedrijven wel ontdekt, – onderdirecteur meneer Windisch en zijn groep waren met creatieve, moderne technieken daar bij de bedrijven. Maar. Het maakt een groot verschil wanneer we ze gevonden hadden. Tien-vijftien jaar stelen en dan maakt het verschil of ze in januari-februari-maart worden gevonden, of in, bijvoorbeeld, mei. Waarom hebben we ze in januari-februari-maart gevonden? Omdat iemand de Nationale Bank gebruiken wilde om paniek te veroorzaken in april 2015. En er was paniek. In vier steden, gedurende vier uur. We kunnen zeggen dat dat niet veel was. Maar wat wel schokkend was (onvertaalbaar woordgrapje van de spreker, – hulde! – ongersman), was dat op basis van een geheime dienst – en militair draaiboek de Nationale Bank gebruikt zou gaan worden, door onze bondgenoten en vrienden, om de regering te laten aftreden. Dit is een heel zware schaduw, een heel donkere schaduw, diepgrijze schaduw met maar één tint: donker!

Zelfs als het waar was, hoeveel ratio valt erin te ontdekken? Twee maanden tijd winnen om een geplande economische en politieke coup door te voeren, te beginnen bij een bankcrisis. Hoe paranoide is Matolcsy an sich? Eerlijk gezegd: geen idee, de tijd zal het wellicht leren.

Wat interessanter is – zoals altijd – is de manier waarop er gereageerd wordt. 444.hu heeft moeite de lach in te houden. Vervolgens geeft de betreffende ambassade aan dat ze niet snappen waar het over gaat (voor niet-ingewijden: dit ligt natuurlijk linksom en rechtsom wel voor de hand: de VS geeft – wat het ook is – nooit snel toe). Kijken we verderop, dan. In de Magyar Hirlap – bekend als spreekbuis van de regering – bevat het redactioneel artikel (pag 3, a Megmentő – álláspont) een paar rare opmerkingen. Aha!

De aanhef:

Volgens de berichten – in ieder geval volgens de oppositie – zou de president van de Hongaarse Nationale Bank gisteren ongehoorde speculatieve opmerkingen hebben gedaan over externe krachten die de Hongaarse regering ten val hadden willen laten brengen.

Dan verwacht je natuurlijk vanalles in de rest van zo’n artikel – onder andere wat er daadwerkelijk in staat, namelijk: dat de president van de Hongaarse Nationale Bank verdedigd wordt; dat de oppositie er niets van snapt; dat het best mogelijk zou kunnen zijn; dat de oppositie dom en gemeen is; dat we als bijstanders geen extra informatie kunnen verwachten want het is natuurlijk staatsgeheim; dat de oppositie niet genoeg in de zeik gezet kan worden; maar niet: dat het potentiele waarheidsgehalte van de uitspraak zorgvuldig getest wordt aan de hand van geavanceerde literaire methodes (hoe kun je de introductie van een door Frei Tamás – koffieboer van Fidesz – geschreven spionnenroman in dit verband anders terzijde schuiven). Maar dan, op het einde, dit:

Alles bij elkaar is het ook geen probleem dat de oppositie met argus-ogen de uitgaven van de stichtingen van de Nationale Bank volgt, die ze per definitie afkeurt. Zonder de juistheid van deze aantijgingen te onderschrijven, kunnen we met een gerust hart stellen: de twijfelachtige opmerkingen in het parlement, gisteren, steken schril af bij de positieve resultaten die de door Matolcsy Györgyö geleide Hongaarse Nationale Bank de afgelopen jaren bereikt heeft.
(En dan trapt de schrijver nog even na naar de sceptische ‘oppositie’ dat die mogelijk toch beter het boek ‘de redder’ kan gaan lezen in plaats van het boek ‘2015’. (‘2015’ ging over een internationale samenzwering, iets met banken en crisis; ‘de redder’ gaat waarschijnlijk over een redder – dat zal Matolcsy wel moeten worden, uiteindelijk. Wel bevreemdend, want degene die uberhaupt over het boek 2015 begonnen was, was de schrijver van het redactioneel zelf, dus wie moet nou eigenlijk wat gaan lezen van wie en waarom? De oppositie hoeft niets te doen om de show aan de gang te houden, die leest vast geen boeken van Frei Tamás – waarvoor trouwens iedereen – ongersman incluis, reclame lijkt te maken, … doek! – ik kom hier niet meer uit!)

Dus als ik het goed begrijp, vindt de Magyar Hirlap ook dat Matolcsy te ver gaat met de samenzweringstheorie? Maar we moeten hem dat niet aanrekenen want de man werkt te hard (?): hoe kan het anders zoooo goed gaan met de economie?

Dat wij dat niet in de gaten hebben, sukkels van de oppositie!

 

Heerlijk, helder, na zdorovje!

ongersman.nlBij Heineken weten ze dat een biertje nooit zo koud gedronken wordt. Maar als Hódmezővásárhely per decreet, gesteund door Minister zonder Portefeuille János Lázár, zich uitspreekt voor een boycot van Heineken, hoe ver weg is dan nog het (inter-)nationaal rambachanaal?

In Roemenie brouwt Heineken al sinds jaar en dag Ciuc bier. De naam is de Roemeenstalige benaming voor Csik, dat deel van Roemeens Transsylvanie of Erdély (preciezer: Székelyföld) waar zich nog steeds een meerderheid aan Hongaarse Roemenen (of Roemeense Hongaren) bevindt. Een andere brouwer is nu gekomen met bier dat Igazi Csiki Sör genoemd wordt, oftewel, het echte Csik bier – een vrij directe aanval op Ciuc. Heineken pikte dit niet en ging naar de rechtbank in Marosvásárhely. Die gaf de multinational gelijk, hoewel volgens de Europese mededingingsautoriteiten eerder, Heineken het gelijk niet aan zijn kant had. Maar Csiki Sör heeft ook hop in de oren, want de suggestieve naam Igazi is natuurlijk een weinig subtiele ondermijning van de eigendomsverhoudingen en de (pro-Roemeense) tenaamstelling van Ciuc bier, terwijl ook Csiki sör – voor de helft althans – in buitenlandse handen is met (ook hier weer) Nederlandse achtergronden. Voor de andere betekenis van igazi hoef je het trouwens ook niet te drinken: het artikel betoogt (!) dat Csiki sör inmiddels ook allang geen ambachtelijk bier meer is.

Leuk thema voor na het derde rondje, niet? Waar gaat het nou over? Want dat wordt langzaam een interessante vraag (vooral voor wie nog nuchter is).

Een ‘Haro! / Broeva!’ -stammenstrijd bij de Roemeense Hongaren zoals je bij ons in het dorp vroeger de Bavarianen had en de Hertog Jansen? Zoals je in Hongarije Sopronis hebt (Heineken), Drehers hebt (van Asahi) en Borsodis hebt (van InBev)? De laatste twee ook allebei al van die heel fijne oerdegelijke Hongaarse producten, dus.

Hoe dan ook, het werd een ander verhaal toen ze ook in het Hongaarse Hódmezővásárhely, 600 kilometer verderop, te diep in het glaasje begonnen te kijken. En de uitslag van de rechtzaak als een Roemeense politieke aanval op de cultuur van Csik, van Székelyföld en van de Hongaren in het algemeen beschouwden. (In navolging van Jobbik, overigens). En op de proppen kwamen met een door een democratisch gekozen overheidsorgaan gesanctioneerde oproep tot het boycotten van Heineken. Gesteund door een van de hoogste functionarissen van de Hongaarse regering.

Zoeken ze aansluiting bij Csikföld (als dat al bestaat)? Of andersom?

Zijn de potentiele Russische handelsovereenkomsten ze naar het hoofd gestegen?

Worden ze nu vanwege wangedrag uit de Europese kroeg gegooid?

Maar bovenal: heeft u al enig idee wat uw favoriete pivo moet worden?

Pas op de Plaats op de Weg van Lenin!

ongersman.nl
Fejér Megyei Hírlap

Recent heeft 444.hu min of meer aangetoond dat de regeringsgezinde Hongaarse nieuwssites en kranten een ander perspectief hebben op de oorlog in Syrie dan, waarschijnlijk, u en ik.

Terwijl de rest van Europa kritisch staat tegenover de inmenging van Rusland – om niet te zeggen het optreden van Assad en de door Rusland gesteunde en gestuurde troepen tegenover de opstandelingen sterk veroordeelt, zijn de gevechtshandelingen in en rond Aleppo volgens de nieuwsbulletins van MTV en grote kranten als de Magyar Hirlap toch vooral overwinningen op de terroristen. In het stuk van Magyar Hírlap worden één op één alleen de verklaringen van woordvoerders van het Russische leger overgenomen. Dus de rebellen, dat waren ook terroristen.

In een wereld waarin de nuance sowieso een bedriegde diersoort aan het worden is, begint de reikwijdte van deze door Russia-today cs. aangezwengelde desinformatie nu zichtbaar vorm te krijgen.

Gelukkig komt het andersom ook een enkele keer voor – getuige het gehackte interview met Viktor Orbán dat in de print verscheen bij de Fejér Megyei Hírlap. Een paginabreed interview waarin de premier heerlijk uit heeft kunnen pakken maar waarin een paar eigenaardigheidjes slopen. De volgende quotes zijn geen quotes van hem:

„… mi kikértük az emberek véleményét, BÁR NEM ÉRDEKELT MINKET”

… wij vroegen de mening van de mensen, HOEWEL ONS DAT NIET INTERESSEERDE

„… és az ápolónők bérét 2017-ben és 2018-ban is folyamatosan emeljük. A KÓRHÁZI HULLÁK SZÁMA IS EMELKEDIK.”

… en de inkomens van verpleegkundigen gaan we in 2017 en in 2018 ook voortdurend verhogen. HET AANTAL LIJKEN IN DE ZIEKENHUIZEN EVENEENS

„A korrupciós vád mint politikai lejárató eszköz teljes mértékben megszokottá vált. MI IS HASZNÁLJUK.”

Het beschuldigen van corruptie is een methode die in de politiek dagelijks gebruikt wordt om tegenstanders onmogelijk te maken. OOK WIJ GEBRUIKEN DIT

„Azt kívánom, hogy MINÉL TÖBBEN TALÁLJANAK VISSZA A KARÁCSONY POGÁNY ÉRTELMEZÉSÉHEZ, hiszen mégiscsak a Megváltó születését várjuk.”

Ik hoop, dat steeds meer mensen terugkeren naar de KETTERSE INTERPRETATIE VAN HET KERSTFEEST, want we wachten tenslotte allemaal op de Verlosser.

 

Ongersman wenst U een glimlach en een gezegend humanistisch-liberaal kerstfeest!

 

‘Breking Futurum: Ergernismachine krijgt Nobelprijs voor de Vrede’

stress2Ook al blijft wetenschapsjournalist Steven Stroeykens (van De Standaard, what’s in a name?) in radioprogramma OVT ontkennen, – het einde is natuurlijk wel nabij!

Gelukkig zou ongersman junior met achteruitziende blik jaren later een post produceren die als een deksel op dit potje paste.

Íme:

24 november 2024, Budapest – van onze correspondent

De Nobelprijs voor de Vrede gaat dit jaar naar de Turks-Cypriotische professor Vamik Volkan. Zijn grootste verdienste, zo oordeelt het Nobelprijscomité in ballingschap, is de ontwikkeling van de ergernismachine. Deze socio-sim wordt unaniem beschouwd als zijnde van cruciale betekenis voor de wereldvrede en de globale verzoening in het algemeen en die van PostPaks (pp) Hongarije in het bijzonder. Vamik bedankt voor de eer maar weigert vooralsnog zijn hersenen te laten invriezen.

Het belang van de ergernismachine, zo grittert het Nobelprijscomité vanuit de Joegoslavische ambassade, is in het veld niet te onderschatten. Voortvarend op oude in-brain technieken die nog door Facebook werden geintroduceerd, heeft Vamik met zijn team canvas geschopt waarin basaal reroten street opportuun is. Dat was hard nodig: na de kernramp voelden veel Hongaarse burgers zich opgelaten en stuurloos. President-select Soros stuurde Vamik in het najaar van 2018 naar het verwoeste Boedapest, waar de laatste André Goodfriend, coordinator van Marshall-plan 3.0 voor Hongarije, aantrof. Het klikte meteen.

Goodfriend wilde eerst en vooral de polars contreren en vroeg Vamik’s hulp bij het stoplappen. In de valuit verschuilde zich namelijk nog steeds Poetin’s schaduw en ook Trump’s korte bewind was nog maar pas geleden met behulp van FBI-leaks 1 en 2, respectievelijk, begonnen en beeindigd. De ruspionnen rukten met hun creavoluties onbekommerd op (stembusfraude in Bulgarije en Moldova, coups in Montenegro, Fillon in Frankrijk en de zoveelste aanslag in Sarajevo) en nog in 2017 werd Poetin in Novoassad (waar ooit Aleppo had gestaan) tot opperste tsaarab gekroond.

Dat de Russische overheid al die tijd hackers in dienst had, was al jaren gevoeglijk bekend. Ook dat die hackers tot de slimste en meest persistente trollen en saboteurs behoorden. Maar wisten we toen al dat ze ook in de diepste krochten van Slot Facebook rondhingen en stratomondiaal aan het aso-simmen waren? Nee! Net als met de stijgende zeespiegel hielden normale mensen zich daar niet mee bezig. Reaguurders dachten that’s life en kozen vertegenwoordigers die de deur dicht beloofden te houden. “Liefst een raket in mijn tuin en een Rus op Soestdijk!“, dementeerde men in Nederland kalmpjes verder toen Paleis Soestdijk in voorjaar 2017 verkocht werd aan Poetin’s oligarchen.

Gelukkig hebben we nu eindelijk weer eens iets voor in de etalage. Wat Vamik ontwikkeld had, is namelijk een socio-sim op basis van een meningswisselaar. De oude, veelal gehackte Facebook-algorithmen worden daarmee omgedraaid: associaties lopen niet in de richting van hogere parallelliteit maar strikt in tegengestelde richting.

‘Vooral op Westers canvas, in kleine groepen en onder gecontroleerde omstandigheden werken dergelijke meningswisselaars vaak beter dan verkiezingen’, zo concludeert het Nobelprijscomité in ballingschap.

 

 

Een punt erachter

zononder2Als een verschijnsel niet langer een gedachtenspinsel van een enkeling is maar langzaam een bepaalde critical mass gaat bereiken, dan hebben we met een echte trend te maken. Zo groeit binnen het georganiseerde en het ongeorganiseerde verzet het doemdenken over het primaat van FIDESZ tot proporties die het langzaam onmogelijk maken alle destructieve energie nog met een sisser te sussen. Ook niet voor zover het Ongersman betreft.

Intussen is het The show must go on bij circus Fidesz. “Wie deze dagen nog op de straat leeft, die wil daar leven”, stelde Nyitrai Imre, staatssecretaris voor welzijn. De Forbes lijst met 33 rijkste Hongaren laat intussen zien dat als het infuus uit Brussel iemand van de straat houdt, dat vooral de oligarchen van Fidesz zijn. Onderwijl nemen lokaal en nationaal de incompetentie, het gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel en het onvermogen om met kritiek om te gaan alleen maar verder toe. Om wellicht straks abomidabel te worden als de HVG gelijk heeft en binnenkort vrijwel alle regionale kranten binnen bereik van Fidesz-vriendjes zullen komen.

Enzovoorts en zo verder. Met 1956 herdacht en vers in het geheugen is spelen met de gedachte aan revolutie een merkwaardige troost. Hongarije heeft er een verscheidene gehad die nergens op uitliepen – 1848, 1918, 1956: de nationale feestdagen bestaan uit het koesteren van mislukkingen.

Het is buigen of weggaan, in dit land. Maar niet voor Ghaith Pharaon. Al of niet als economische vluchteling heeft deze schimmige zakenman inmiddels meerdere vingers in de Hongaarse politieke pap. Zo duiken op de weinige portals die nog onafhankelijke (of doelzoekende) berichtgeving in het vaandel hebben staan, de laatste dagen berichten op over Pharaon en Mészáros Lőrinc (uitleggen wie dat is, doe ik niet meer) die elkaar vrijwel zeker afgelopen zomer in Kroatie ontmoet hebben.

Uit de krant van Simicskai, MNO.hu

Vertrouwelijke gegevens uit internationale documenten zijn in de openbaarheid gebracht door Juhász Péter – beweerde eerder Németh Szilárd, nadat de Együtt voorzitter een regeringsschrijven in de openbaarheid had gebracht. In het uitgelekte document valt te lezen dat Pintér Sándor het Saoedische Koninkrijk vraagt om een officieel standpunt ten aanzien van Ghaith Pharaon. In het document worden de Hongaarse activiteiten van deze persoon ook genoemd, waarover we al meer hebben kunnen vernemen de afgelopen tijd: aan hem gelieerde ondernemingen hebben de kastelen van Seregélyes en van Hőgyész in handen gekregen, alsmede het hoofdkantoor van de Postabank aan de József nádor tér (nota bene van een bedrijf gelieerd aan Tiborcz István), en zelfs onroerend goed tegenover het huis van Orbán Viktor in Buda. Vorige week werd duidelijk, dat MOL ook al zaken heeft gedaan met het oliebedrijf van Pharaon en dat de Magyar Nemzeti Kereskedőház (Hongaars Internationaal Handelshuis) en een Pharaon bedrijf samen een NV hebben opgezet. Dit alles, terwijl de VS autoriteiten al sinds 1991 een opsporingsbevel voor Pharaon hebben uitstaan. Verder schreef een Frans rapport in 2002 nog dat hij in verbinding staat met het financiele netwerk van al-Kaida.

(De links zijn de originele van het stuk in MNO.hu, – ongersman)

Maar waarom boeit dit alles ons, nu, zo op de valreep van het failiiet?

Omdat volgens Karácsony Gergely er meer achter zou kunnen gaan zitten. Omdat de Fidesz clan nu zo diep in de misdadige, internationaal niet-salonfahige apestront rondbanjert, dat zelfs de meest trouwe circusfan straks in ontzetting het hoofd af zal kunnen wenden en Fidesz de tent zal kunnen sluiten.

Inderdaad, veel voorwaardelijk gejeremieer en wishful thinking in bovenstaande regels. Maar bijstand kwam altijd al uit onverwachte hoeken – en ook niet uit verwachte hoeken – dus waarom zou de FBI, die ongetwijfeld alles weet over Orbán cs., niet een handje mee kunnen helpen met de eerste revolutie in Hongarije, die gaat LUKKEN!

Critical mass rules!

Haro!

Broeva!

Leve Hongarije!

Blijft hopen!

(doek)

(en op komt Jobbik)

Een onschuldig vluchtje boven niemandsland

rogan_heli
© Bors

Er is iets gebeurd waarop het echt adequate antwoord nog gevonden moet worden. Iets wat schokt met een diepgang die de alledaagse politiek tot een kinderspelletje maakt. En, wat misschien nog wel erger is: kinderspelletjes tot een alledaagse vorm van politiek.

We wisten al een tijdje dat de diverse media-kanalen in Hongarije soms in vreemde handen waren. Index.hu, van oudsher een (regerings-) kritisch portal, was in feite eigendom van FHB directeur Spéder Zoltán, financieel rechterhand (inderdaad, intussen weliswaar gevallen) van het hogere Fidesz echelon. Toch deed en doet index lekker waar ze goed in waren en zijn: frisse en priemende berichten over misstanden en andere zaken die beter konden in met name Hongarije.

Ergens was dit gegeven ook een troost. Als dit soort berichtgeving naar buiten mocht, als de media die dit soort geluiden ten gehore brachten, nominaal in handen waren of konden zijn van hen die door die media bekritiseerd werden, dan kon de politieke aardappel nooit zo heet zijn als-ie in de media wel te boek stond. Ik bedoel, als het spel daaruit bestaat dat vriend en vijand kleuren kan wisselen als het hun uitkomt, als meningsvorming en waarheidsbevinding ondergeschikt zijn aan economisch belang, dan kan dat ook een relativerende werking hebben. Kijk maar naar Simicska Lajos, media etc-mogul, gedumpt door Fidesz en nu – met dezelfde journalistenclub – een regeringskritische koers varend. In feite puur voor de lol van het dwarszitten.

Maar nu hebben ‘ze’ redelijk onverwacht de stekker van de Népszabadság eruit getrokken. Officieel omdat die verliesgevend was. Afgelopen weekend is een motorkoerier schijnbaar bij alle journalisten en medewerkers aan de deur geweest om ontslagbrieven langs te brengen. De journalisten mochten vanaf dat moment niet meer het gebouw in en hoewel de hoofdredacteur graag wil praten met de eigenaren en managers, blijken die voortdurend ziek, weg of anderszins niet beschikbaar te zijn. Op een overnamebod van 1 euro voor de verliesgevend krant, van de kant van de journalisten, wordt niet gereageerd. Zelfs de New York Times gaat in een commentaar op de zaak in.

De directe aanleiding lijkt te zijn de commotie rond Rogán Antal, minister van propaganda, die wel of niet gebruik had gemaakt van een helikopter voor privé-doelen, (hij ontkende), die daarover wel of niet had gelogen toen er een foto bleek te zijn van de helikopter en het gebruik dat hij ervan gemaakt had (hij stond erop), die waarschijnlijk wel of niet pissig werd toen die vervelende zeurpieten weer waren begonnen te mauwen over hoe hij zich te gedragen had als hoogwaardigheidsbekleder. En/of Matolcsy György, die moest ervaren dat er regelmatig vraagtekens werden gezet bij de kwaliteiten van zijn yoga-vriendin als bestuurslid van diverse Nationale Bank-stichtingen. En het referendum, natuurlijk.

“We zijn het zat!” moeten ze gedacht hebben. Dus trokken ze bij Népszabadság de stekker eruit. He? Wacht even, dat zijn toch twee verschillende dingen? Niet helemaal: wat er verder, dieper achter zit, weten maar weinigen helemaal. Het schijnt dat een overname al langer in de lucht hing. Dat Orbán (laten we uiteindelijk hem de schuld maar weer geven) al langere tijd Nemzeti Sport in handen wilde krijgen, alsmede een aantal regionale bladen die niet zelden flink anti-regering kunnen zijn. Daarom was Mediaworks Zrt een lekker hapje. Népszabadság, echter, was een bonus, een vlag op de lading die er bij overname niet meer op mocht zitten.

Want hoe fortuinlijk: laat Népszabadság / mediaworks Zrt nu net in handen zijn van een Oostenrijkse magnaat – Heinrich Pecina (hier het één en ander over hem in het Duits, via een partner van direkt36.hu in Oostenrijk) met van oudsher warme connecties met Hongarije. Een magnaat die in april dit jaar door direkt36.hu en Falter is aangetroffen in de Panama Papers, onder andere met de verkoop van een firma – wintercastle – aan Erős Zsolt, jachtvriendje van Pecina en voormalig directeur van de MFB (Hongaarse ontwikkelingsbank, van 2002 tot 2010 – onder MSZP regeringen, dus). Pecina, die door de Oostenrijkse autoriteiten onder de loep wordt genomen vanwege handelen met voorkennis en/of andere hardnekkige beschuldigingen die de ronde doen over hem en – opnieuw – Erős Zsolt en andere toenmalige vriendjes met regeringstoegang tien jaar geleden of daaromtrent. In die jaren deed de Oostenrijkse OMV een vijandig bod op het Hongaarse MOL waarbij flinke hoeveelheden MOL-aandeel snel en in verdachte richtingen van eigenaar verwisselden (waarschijnlijk uiteindelijk uitdraaiend op staatseigendom tegen hoge kosten, want iemand moet uiteindelijk altijd de prijs betalen en wie is daar beter geschikt voor, dan het gewone publiek). Zo zat het een beetje in elkaar, waarbij volgens atlatszo.hu) de ene dienst – népszabadság om zeep helpen en dan mediaworks verkopen – wel eens de andere dienst – belemmering van onderzoeksgerelateerde verzoeken van Oostenrijkse autoriteiten – waard zou kunnen blijken.

Merkwaardig, dan, dat iets dergelijks niet al veel eerder is gebeurd met index.hu. Die zit immers bij Spéder Zoltán en die heeft ook wel wat af te kopen gehad bij Fidesz.

Waar begon het ook alweer allemaal mee? Oh ja, een leugen over een vluchtje met een helikopter. Nou, wat kan daar nou zo mis mee zijn? Als ze van zo’n onbenullig leugentje bij Fidesz wakker zouden moeten liggen, als het vanwege zo’n voorval al in ze op zou moeten komen misschien op te moeten stappen, dan hadden ze allang niemand meer over gehad. Zelfs Bill Clinton, die wel of niet gedingest is geworden door Monica Lewinsky, werd uiteindelijk bijna impeached niet vanwege het dingesen, maar vanwege het liegen erover. En dat impeachen (of iets vergelijkbaars) kun je in Hongarije natuurlijk wel vergeten.

Blijft over het dingesen. Rogán bácsi, waar gaat het toch over? Een schandaal wordt namelijk steeds verdachter naarmate de tijd vordert. Zeker na een paar dagen is het eindprodukt – de aal, zeg maar – nooit meer de originele gebeurtenis – de schande – waar het mee begonnen was. Liquidatie van Népszabadság was een bijprodukt, een kans. Wat wordt er verborgen gehouden waarvoor dit soort pijnlijke stappen min of meer vrijwillig gezet wordt?

Want dat het in dit geval niet (alleen) een kwestie van timing is, lijkt evident. Dan moet het haast wel een verstoppingstruc zijn. Waarom mogen, bijvoorbeeld, de journalisten van Népszabadság hun familiefoto’s niet eens ophalen van hun bureau’s, laat staan hun harde schijven copieren?

Waar gaat dit landen?