Tag Archives: Ferenc Puskás

Index uit als je overstag gaat

ing_varosligetJa-ja, we komen zo aan voetbal toe. Maar eerst even dit. Kent u Ambrus Attila nog? Oftewel Viszkis? Tussen 1993 en 1999 kraakte deze Roemeens-Hongaarse bankrover ongeveer 30 Boedapester banken en postkantoren, met meer dan 140 miljoen forint tot resultaat.  Tegen het einde van zijn carriere werd hij zowat op de voet gevolgd door de Hongaarse media en het publiek, dat deze vrijbuiter min of meer aan de boezem had gesloten. Toen hij uiteindelijk werd opgepakt was het een beetje alsof Robin Hood zelf gevangen was genomen. Tijdens zijn strafzaak bereikte Ambrus het toppunt van omgekeerd heldendom, toen zijn advocaat als verzachtende omstandigheid aan meende te kunnen dragen, dat Viszkis – door de wapens van veiligheidsbeambten consequent af te pakken – altijd bloedvergieten had weten te voorkomen. De romantisering deed denken aan de Betyárok, de legendarische rovers van de Bakony, die het voortdurend aan de stok hadden met de in Habsburgse dienst opererende Pandoeren (die naam alleen al!).

Een dergelijke ambivalente houding tegenover autoriteit, sluit aan bij een ander opzienbarend volkstrekje van de Hongaren. Ze spelen graag hard-to-get als het gaat om buitenlandse partners. Door de geschiedenis heen heeft het land voornamelijk moeizame verhoudingen gehad. De Turkse periode laten we even buiten beschouwing – te ingewikkeld; wat daarvoor kwam was volgens velen al het begin van alle ellende: de bekering tot het Christendom. Dan, van het Habsburgse Rijk, via de Asmogendheden, naar de Sovjet-Unie en dan weer bij de EU (en eventueel ooit weer terug naar Rusland?): vrijwel altijd stribbelt het land wat tegen. Bijt het in de hand die voedt. Willen ze eerst en vooral erkend worden, om pas daarna wat op tafel te (kunnen) leggen. Vuistregel: wie ons wil hebben, daar zetten we ons tegen af.

Inzake voetbal werkt 444.hu naar het zich laat aanzien volgens het adagium dat de beste wraak, een goed leven is. Maakt even niet uit dat Orbán zich gelauwerd voelt, voetbal is voetbal en belangrijk. Dat is fijn want dat brengt ons dichter bij de essentie: wat is het Hongaarse volk (van plan)?

Bijvoorbeeld met het door 444.hu aangehaalde interview dat Bernd Stock, de Duitse trainer van het Hongaarse elftal, gegeven heeft aan een Duits blad. Het bevat enkele interessante observaties over de mentaliteit van de Hongaren.

– Szkeptikusnak tűnnek a magyarok.
– Futball tekintetében semmiképp sem nevezném bátornak, vagy előremutatónak a közeget. Ezt érezni a játékosokon, akiknek újra és újra a fejükbe kell verni, hogy merj vállalkozni, emeld fel a fejed, nézz az ellenfél szemébe, és légy büszke, hogy ezt a mezt viseled.

– Honnan ez a félelem?
– Talán túl hosszúak az árnyékok. Nézz körül Budapesten: Puskás Ferenc köszön vissza mindenhol. Még sört is neveztek el róla. A sikerek hatalmasak, a hagyományok tiszteletreméltóak, de ez bénítóan is tud hatni.

Sokat beszélnek a kishitűségről. A norvég meccsek előtt például állandóan azt hallgatták, hogy kéne döntetlenre játszani kinn. Aztán az 1-0 után azt, hogy kéne megúszni a hazai meccset. És nagyon unták.


De Hongaren lijken sceptisch.

Het voetbal is niet dapper of vooruitstrevend. Dat zien we ook bij de spelers, tegen wie we voortdurend moeten zeggen: wees moedig, kijk je tegenstander in de ogen, wees trots dat je dit voetbalshirt aan hebt.

Waar komt die angst vandaan?

Misschien zijn de schaduwen te lang. Kijk maar eens rond in Budapest. Puskas Ferenc staat op elke straathoek. Er is zelfs een bier met die naam. De successen zijn enorm, de tradities dienen te worden gerespecteerd, maar dat kan ook verlammen.

Ze praten ook over de kleinachting van de Hongaren. Voor de Noorse wedstrijd hoorden ze regelmatig, dat ze op gelijkspel moesten spelen. En na de 1-0 , hoe ze er zonder kleerscheuren uit zouden kunnen rollen. Dat was erg vervelend.

In het vervolg hiervan pleit 444.hu al voor het benoemen van buitenlanders op verantwoordelijke plaatsen, bijvoorbeeld als hoofd van de Nationale Bank of de Belastingdienst. Serieus bedoeld. Een fenomeen dat in andere landen overigens vaker blijkt voor te komen.

Alweer jaren geleden had ik een (Nederlandse) collega die regelmatig verzuchtte hoe en wat hij het helemaal en allemaal anders zou aanpakken “als hij hier burgemeester zou zijn”. Helaas, … .

De conclusie hangt in de lucht dat Hongaren niet in staat zijn zelf paal en perk te stellen aan hun eigen handelen – zie de creatieve corruptie – of zelf het beste uit zichzelf te halen – zie de voetballers en de burgemeesters.

Het lijken wel twee kanten van dezelfde medaille te zijn: misschien dient het land wel eerst door een enorme crisis te gaan, voordat er een zuiverende, serieuze tegenbeweging op gang zal komen.

Hoe dan ook, het succes van de Hongaren biedt perspectief, voor als de Belgen er onverhoopt uit mochten vliegen.

‘t Is maar een spelletje … (KHF-2)

spelletje_small“Na ugye”

Vanavond, 15 november 2015, heeft voetballend Hongarije geschiedenis geschreven. Na de winst op Noorwegen met 2-1 in eigen huis, kan Hongarije door naar het EK. Geen kleine overwinning: voor het eerst in 30 jaar mag het land weer eens deelnemen aan een groot voetbaltoernooi; voor het eerst in 44 jaar aan specifiek het EK.

Dat was lang wachten! In de jaren 50 van de vorige eeuw waren de verrichtingen van de Arany Csapat, het (Gouden) Hongaarse voetbalelftal, ongeveer de laatste aanleiding voor de gemiddelde Hongaar om trots te zijn op zijn land. En voor velen ook de eerste.

De naam Ferenc Puskás is nauw verbonden met dat succes. De legendarische aanvoerder bracht zijn team tot een tweede plaats op het WK van 1954 (achter West-Duitsland). De verwikkelingen rond 1956 trokken een flinke wissel op zijn carriere: het Honvéd clubteam speelde net in het buitenland toen de revolutie uitbrak en besloot niet terug te keren. Puskás kon pas na een tweejarig voetbalverbod van de UEFA aan de slag voor Real Madrid.

Democratisch Hongarije rehabiliteerde Puskás in 1993, waarna hij tot vlak voor zijn dood in 2006 nog regelmatig gehuldigd en geeerd werd. Dat geeft niet alleen aan hoe groot en belangrijk zijn prestaties waren; het laat ook zien dat de echte winnaars, de positieve rolmodellen, voor jonge Hongaren niet voor het oprapen liggen.

Voetbal en politiek zijn in Hongarije een nieuw huwelijk aangegaan. De regerende partij van premier Viktor Orbán – met de man zelf voorop – dicht het voetbal namelijk een belangrijke gidsrol toe. Of hij houdt er zelf teveel van, dat kan natuurlijk ook. Feit is dat momenteel een deel van het ‘volk’ juicht in en om de al gebouwde en de nog geplande stadions voor het volksspel. Een ander deel gruwt van de brood-en-spelen mentaliteit van de grote aanvoerder en moet bijvoorbeeld niets hebben van de nieuwste plannen om voetballes verplicht te maken op Hongaarse scholen.

Orbán zelf, aanwezig tijdens de bewuste wedstrijd, moet ongetwijfeld gedacht hebben (met een Hongaarse variant op Johan Cruijff): elk voordeel heeft potentieel nog meer voordelen! Zijn twitterreactie liet weinig te wensen over: een simpel “Na ugye”, wat iets betekent tussen ‘Toch, he?’ en ‘Nou dan!’ in.

Hoe het ook zij: na de wedstrijd, live op de televisie, glunderde de verslaggever van de staatsomroep niet alleen vanwege de doelpunten. Wat er als eerste bij hem opkwam was – nou wordt het even goed opletten: de gedachte aan de reactie die zijn collega van de Noorse televisie gaf (die sloeg zich schijnbaar op de knieen van opluchting, een week of wat geleden) toen bekend werd dat Noorwegen en Hongarije tegen elkaar uit zouden komen. Wraakgevoelens alom. Hij stond in ieder geval midden tussen de Lonsdale Boys en de Ria-Ria-Hungaria schreeuwers en liet zich met genoegen op de schouders slaan.

Datzelfde kon niet gezegd worden van de verslaggever van de ATV, een meer aan de oppositie gelieerde omroep. Vlak voor de wedstrijd, ter plekke bij het stadion, meldde die zuinigjes dat er zekerheidsfunctionarissen rondliepen met zware wapens, dat de supporters zeer opgewonden waren en dat die zelfs met hen (de tv-ploeg van ATV) problemen hebben en dat terwijl zij (de tv-ploeg dus) Hongaren zijn, – even pauze, om er half lachend, half verontschuldigend aan toe te voegen: volgens hen dus niet!’

Geen grote, wereldbestormende ontwikkelingen maar wel symptomatisch voor de zich verwijdende breuk waar op afgestevend wordt in dit land dat het recht van de sterkste tot grondrecht heeft verheven.

Volgende keer: vluchtelingen komen en emigranten gaan.