Tag Archives: Klein Hongarije feuilleton

Oorlog is zo vreselijk!

Babaakocsiban_smallDeze dagen is het 72 jaar geleden dat Boedapest onder vuur lag van de Russen, of, zo u wilt, de Hongaren bevrijd werden. Hoe dan ook een bittere pil.

Onze vriend Krisztián Úngváry, historicus met een prachtige naam, acht derhalve de tijd rijp voor een kijkje achter de toenmalige schermen. Zoals waarschijnlijk wel bekend hebben in de eerste weken van 1944 Duitse en Hongaarse legereenheden pogingen gedaan om uit te breken naar het Westen, tegen de directe orders van Hitler in. De Hongaarse verliezen als gevolg van de uitbraak waren enorm, vertelt Úngváry, groter bijvoorbeeld dan de Amerikaanse verliezen op Omaha Beach rond D-Day. Toch worden de gevechten rond Boedapest door ‘de instanties’ al jarenlang genegeerd, terwijl bepaalde andere elementen de uitbraak juist zien als een weliswaar tragische, maar toch ook als een heldhaftige daad.

Dit laatste, zo zegt Úngváry, kan snel met statistieken worden ontkracht. Van de uitbrekers overleefde slechts een fractie de oorlog. Hij zet dan ook vraagtekens bij de herinneringstochten van een ‘actiegroep’ voor de Börzsöny, waarbij de toenmalige routes van de wanhopige opa’s en hun Duitse collega’s na kunnen worden gelopen. ‘Prestatietocht’ heet het nu. Compleet met ijzeren kruizen en in Duitse, Hongaarse en Russische uniformen gestoken nepsoldaten langs de route die de stempelkaarten van de door de bossen krioelende jongeren hanteren.

Úngváry, zelf actief bij de padvinderij, keurt de activiteiten van deze ‘actiegroep’ niet af maar staat wel stil bij het grote aantal deelnemers, inmiddels duizenden per jaar. Alsof hij zeggen wil dat het niet in de haak is dat er meer mensen op komen draven voor een sportfestijn met een extreemrechts bijsmaakje, dan – om maar iets te noemen – dat er komen protesteren terwijl het land in puin ligt. Hij hoopt in ieder geval dat de deelnemers van nu, wat het gedachtengoed van toen betreft – het verdedigen van Europa tegen de verschrikking uit het oosten – inmiddels wel inzien dat dat een misvatting is geweest (zie Auschwitz, dat van binnen kwam).

Ik denk, dat Úngváry wil zeggen dat geen van bovenstaande benaderingen tot een gezonde verwerking van het verleden kan leiden. Wat er van 1945 tot 1989 gebeurd is met de nagedachtenis, is natuurlijk slecht. In die legers zaten natuurlijk ook dienstplichtige militairen en misleide zielen en natuurlijk is je grootvader je grootvader, ook al is hij gesneuveld in een anonieme en hopeloze slag aan wat officieel de ‘verkeerde kant’ werd.

Helaas hebben we aan Úngváry’s stuk verder niet zo heel veel meer want die gaat in zijn (prachtige) bronnenmateriaal op zoek naar de wederwaardigheden van een specifiek groepje Duitse soldaten. Zijn polemische benadering blijft daarmee dubbelzinnig in de modder vastzitten: “OK, er was een uitbraak, die was ook nog eens verboden door Hitler en die werd uiteindelijk nog fataler dan als ze waren blijven zitten. En dat is fout. Toch? Eh …, fout vanwege de Nazi’s? Nee, ja, …, toch? Oh ….”

Als dit de manier is om te zeggen dat mensen die in hun eigen vlees snijden, dan ook de pijn zullen voelen, waarom dan toch net dat groepje uit de duizenden uitbrekers gepikt, die het hebben overleefd?

Want daarmee zijn we in één klap terug bij Hollywood.

En daar wordt een mens nooit veel wijzer van.

KHF-X: Bid voor vadertje terreurstaat!

Sümegi vár1. Een vrouw, een dame van over de 70 jaar vertelt over het verleden. Haar schoonvader – voor, tijdens en na de laatste oorlog – was inventief, succesvol en onverzettelijk. Was altijd al voortvarend bezig geweest en op zijn manier onmisbaar, zelfs min of meer gedoogd door de Partij. Tot de onvermijdelijke breuk op een principekwestie. Vanaf dat moment speelt zijn leven – en dus dat van zoonlief en de rest – zich af in de slagschaduw van de vernietiging (maar dan letterlijk, nietig maken; het woord is eigenlijk verontmogelijking maar dat kennen wij niet op die manier). Dan de decennia van onvervulde lotsbeschikkingen en carrieres waar de volgende generatie niet aan kan ontkomen, laat staan aan voldoen. Buiten kijf dat de derde generatie opgroeit met een miniem intern moreel kompas en – de omstandigheden in aanmerking genomen – een gezonder gevoel voor eigenbelang. Echter: die twee dingen samen pakken nooit goed uit.

2. Weet u nog hoe het eraan toe ging ten tijde van de wegwerkzaamheden aan de M7, alweer enige jaren geleden? Die verbreding naar drie rijstroken? Je mocht hoogstens 60 km per uur op een stuk van wel zo’n 40 km lang. Dat zie je in Duitsland alleen als er werkelijk nog maar een rijstrook over is van minder dan 136,523 cm, of als er een brug is ingestort en je door de bedding moet waar beschermde vissen wonen. Zestig kilometer per uur! Wie toen op de M7 die snelheid aanhield werd al snel aartsvijand van de medeweggebruikers en kon bier of langos (afhankelijk van welke richting) op zijn achterraam tegemoetzien; wie de snelheid echter niet aanhield, kon een boete krijgen.

3. Zoals de Amerikanen eigenlijk Old Shatterhand in het Witte Huis zouden willen zien en de Russen naar vadertje tsaar blijven verlangen, zoeken Hongaren evengoed naar een geschikt kielzog. Het momentum is ongunstig: van groot naar klein (Trianon), en nog kleiner (WOII), naar grenzenloos (EU). Als de flux naar binnen – multinationals en vluchtelingen – de baten de andere kant op begint te overstemmen, dan gaan andere deuren weer op slot. Angst is een slechte raadgever, je angst inleveren bij politici is ronduit katastrofaal.

Jarenlang heeft Fidesz gezegd dat het systeem vergiftigd was. Met wortel en tak dienden de overgebleven functionarissen uit het oude regime – met hun gedachtengoed – te worden uitgeroeid. Een tijdlang kon dit streven nationaal en internationaal worden geaccepteerd en zelfs aangemoedigd, als een rigoreuze, pijnlijke maar begrijpelijke actie. Maar met het badwater vlogen en vliegen steeds meer kinderen  het raam uit.

“Ik zal je aangeven” gold vroeger als een enorm dreigement. Maakte niet uit bij wie of waarvoor, een onderzoek leverde altijd wel wat op. Iedereen had vuile was. De koning van de vuile was schijnt Sándor Pintér te zijn. Als politiecommissaris onder het regime heeft volgens de geruchten niemand zoveel (belastende) informatie verzameld over iedereen die telt in Hongarije. Vandaar dat deze innemelijk figuur op de achtergrond zonder morren telkens de relevante ministerspost van Binnenlandse Zaken krijgt, als Fidesz aan de beurt is.

Dat de ‘echte’ Fidesz Boys daar niet erg blij mee zijn, zal aanleiding zijn geweest tot het oprichten van de TEK, de nationale anti terrorisme dienst en lijfwacht-achtige organisatie. Een hele serieuze dienst onder directe beschikking van Orbán (in ieder geval niet van de Minister van Binnenlandse Zaken).

“Het volk heeft gesproken: 70% wil strenger optreden tegen de vluchtelingen” werd de geloofsbrief van de troeteldienst. Inmiddels concurreert de TEK aardig met de normale veiligheidsdiensten. Nieuwe taken – observeren, beschermen, controleren, intervenieren – komen niet zelden bij hen terecht. De éénpartijstaat domineert de controlemechanismes – inspecties, opsporingsdiensten, belastingdienst, vergunningverlening, rechtsspraak – en de TEK ziet erop toe dat het goed gaat.

Als je in Hongarije iets wilt betekenen, dan ga je bij de Fidesz (linksom of rechtsom). Wil je dat niet, dan vertrek je naar het buitenland. Zij die overblijven, kunnen bidden wat ze willen.

 

KHF 5.2: Finale – molto nachtpittissimmo

mangalica smallTrouwe lezers van dit blogje hadden het waarschijnlijk allang in de gaten. Een dergelijk feuilleton kan geen finale hebben, want waar zou het heen moeten? Echte tragedies – die van pik-pak-poets – bestaan alleen in de kunst en vlak voor het hiernamaals. En voor blijspelen zitten we eenvoudig in het verkeerde land.

Dus: waar hadden we het over? Kijk naar buiten, door uw raam, en zie!
Er zijn geen vluchtelingen.
Er is geen politieke onderdrukking.
Er is geen Hongarije.

Wat er wel is?
Er zijn depressieve mensen.
Er zijn mensen zonder fantasie.
Er zijn mensen die zijn opgegroeid zonder het besef dat wat goed is voor de ander, uiteindelijk terugkomt bij jezelf.
Er zijn mensen die – op geen enkele leest dan ook – samen één zijn.
(Voor je het weet word je nog een rechtse bal, ook!)

Wat kunnen wij daar dan helemaal aan doen? Behalve de spijker op zijn kop proberen te slaan in liederlijke stukjes blog? Natuurlijk, zolang we niet voortdurend met de overige drie aanwezigen klagen dat er alweer zo weinig mensen zijn gekomen, kunnen we hier en daar best demonstreren voor een beter Hongarije (kon je eigenlijk demonstreren vóór iets?) Ik doe graag mee maar ik vergeet dat soort dingen altijd zo snel weer.

Je wordt er af en toe alleen zo verrekte eenzaam van. Ik bedoel, we houden waarschijnlijk allemaal wel van een apocalyptische film (met zombies!) op zijn tijd, maar soms lijkt het allemaal zo verdomd dichtbij te komen.

Of niet? Moet Cohn-Bendit zijn mond gewoon houden omdat hijzelf een obscuur verleden heeft? En Angela Merkel, omdat zij er niet bij was in Köln?

Anderen zijn vast beter in vergelijkingen en metaforen dan ik. “Opstandige adolescenten”; “de boys van Fidesz”, of, enkele van mijn ‘favorieten’: “de tijd zal alles helen”; “dit duurt nog minstens twee generaties voordat het is weggesleten”, tot en met: “politiek is toch ook maar een spelletje”. Die laatste drie hoor ik ook al twintig jaar …

Het zal allemaal wel, heel soms, eventjes. Maar die hypocrisie. En het badinerende van die ministers, woordvoerders en andere volksmenners die zich elke dag weer schuimbekkend en meesmuilend in het zweet werken om ons (en zichzelf?) in hen te doen geloven. Dáár zou ik ze voor straffen. Allemaal, van links naar rechts.

Want als iets is gebleken, dan is het, dat niemand van de heren (en dames) politici zich nog schaap tussen de wolven voelt.

KHF-discussie gestopt, maar niet gesloten

KHF 5.1: Tussenstand, op naar de finale

cipoDe hedendaagse politieke situatie in Hongarije – met als belangrijkere tastbare implicaties de relatie met de EU en de betrekkingen met bijvoorbeeld een Rusland en een VS – en, al of niet dichter bij huis, de houding tegenover vluchtelingen en de ontwikkeling van een gezond staatsbestel – tekenen zich na enige weken onderzoek langzamerhand toch af. Daagt het bij u ook al wat? Waar het licht precies voor staat, is niet helemaal zeker maar laat ons beginnen met het duiden van de schimmen die in de tunnel opdoemen:

  1. In de eerste plaats is er het tableau vivant van verschuivende Europese waarden. Of liever gezegd: gedeelde Europese waarden die zich al te graag ontpoppen als een atomaire illusie. Tolerantie, verantwoordelijkheid, vrijheid-gelijkheid-broederschap, liberalisme: wie nog weet waar het voor stond kan zijn plek gaan innemen op de helling. Euroskepsisme is geen marginaal verschijnsel meer dat binnen een enkele lidstaat opgeld doet, het is een drug waar lidstaten van de Bosporus tot aan Skagen structureel voor vallen. Wat baten argumenten tegen demagogie? Was Spinoza, behalve vluchteling, niet ook een vrouwenhater? Die hoeven we toch niet meer te leren kennen, laat staan op ‘hun’ manier?
  2. Een agressieve reaguurdersmentaliteit overheerst op de sociale netwerken, youtube, internationale portalen en al helemaal op de nationale websites. Dus feitelijk overal waar het ertoe doet. De agressie wordt aangevoerd door de beste one-liners en gevoed vanuit een onaflatend geknaag aan het raamwerk en de pijlers van onze uitgewoonde stemhokjes (die inmiddels meer weghebben van doodgelopen bushaltes).
  3. Wat Hongarije betreft speelt het team van Fidesz ook nog een linke thuiswedstrijd. Na bijna 20 jaar is het moment aangebroken om ‘de anderen’ alles betaald te zetten, en dat zal de wereld mogen weten ook. Kinderen en badwater, Machiavelli in de zandbak, Ik ben gekozen dus ik regeer. Wat valt er nog tegen ze in te brengen?
  4. Komt nog bij dat hij die scoort, natuurlijk al gauw een halve god is. Maakt niet uit wat het verder voor figuur is op het veld of in de kleedkamer. Maakt niet uit of hij scoort door de route te blokkeren en anderen op te schepen met het ‘vuile werk’. Wie zijn poot stijf houdt is de held. Ook al belichaamt die stijve poot een verkrampte rethoriek.
  5. Een van de kenmerken van een voldragen debat was dat je tegenstanders je aan kunnen spreken op inconsistenties. In Hongarije wordt het debat uberhaupt al niet meer gevoerd en is consistentie inmiddels bijgezet onder paragraaf 1 hierboven (ongedeelde waarden). Hypocrisie (het meten met twee maten, het veranderen van argumentatie in je eigen voordeel naar gelang de situatie dat vereist), daarentegen, is een kunstje waarmee je in een goed team en met de juiste scheidsrechters veelvuldig kunt scoren. De loyaliteit van de schapen kan niet worden overschat, net zomin als het vermogen van je politieke tegenstanders om zichzelf belachelijk en/of onmogelijk te maken.
  6. (Pas op: slipgevaar!) Het Hongaarse volk, hoe dan ook, krijgt de leiders die het verdient. Heeft nooit de gelegenheid gehad om in het reine te komen met het verleden. Kreeg klappen van extreem links tot extreem rechts maar kon nooit behoorlijk iets dat op verzoening leek bewerkstelligen, laat staan vergeving en acceptatie vragen en ontvangen voor beleden en geleden kwaad. Schuldvraag en schuldbesef, grootheidswaan en minderwaardigheid, narcist en masochist strijden in elke kiezer nog immer om voorrang.

 

wordt vervolgd

KHF 3: Liever een mercedes voor de deur, dan …

PeperAlweer twee maanden geleden had Ekke Overbeek in dagblad Trouw voor onze ‘wat-is-er-mis-discussie’ een interessant punt te pakken. De aanleiding voor zijn artikel was de huidige gemoedstoestand in Polen (en andere Oost-Europese landen) als het gaat om Europees denken en opereren in een gezamenlijke politieke en humanitaire context, in concreto in deze tijden van vluchtelingenproblematiek.

De vluchtelingenquota van Juncker kwamen er bij de Polen, Slowaken en Hongaren niet in. Het westelijk deel van de Unie reageerde bevreemd en verongelijkt om de Visegrád-landen vervolgens gebrek aan solidariteit te verwijten. Dwang hing in de lucht waarop de poot nog stijver kwam te staan. Terloops kondigde Overbeek ook de overwinning van de typische stijve poten-partij PiS al aan, die inderdaad in oktober – onder aanvoering van het tactische duo Kaczyński / Szydłó – een absolute meerderheid behaalde in het Poolse parlement (het stuk is hier nog integraal te lezen).

Om eindelijk bij de echt spannende kern van zijn betoog aan te komen: het rondje dat Overbeek zich permiteert langs de ‘dug-outs’ van de Poolse velden, de politiek-culturele bastions van enige ‘zuilen’ van maatschappelijk Polen. Visitekaartjes van een oud-solidarnosc activist, van een schrijver van een alternatief historisch scenario, van een historisch revisonist die geschiedpolitiek bedrijft en van een linkse socioloog.  De clou: ze zijn volgens Overbeek opvallend eensgezind in hun oordeel:

Door de grote onderlinge verschillen – oud, jong, links, rechts – vallen de overeenkomsten des te meer op. Alle vier auteurs ondermijnen mythes over Polen als een fundamenteel nobel en onbaatzuchtig volk. We waren naïef of zelfs dom en daar deden buitenlanders en vreemde mogendheden hun voordeel mee. Realiteitszin is geboden (…).

Over de hele linie lijkt een reveille aan de gang, met terugwerkende kracht zet men vraagtekens bij gebeurtenissen en niet in de laatste plaats ook bij de narratieven die daaruit voortsproten, één en ander teneinde beter beslagen ten ijs te komen. Dit valt wat rauw op het westerse dak, wellicht. Waarom zijn ze niet gewoon tevreden en doen ze lekker mee, daar?

Overbeek:

Oost blijft moeilijk te begrijpen voor West. De lange tenen, de korte lontjes. Het heeft te maken met een ambigu zelfbeeld, het onbehagelijke gevoel een goedkope afdruk te zijn van een westers origineel, het gedeukte ego van de gastarbeider en de onderaannemer, een identiteit die zit als een pak uit een tweedehandswinkel.

(…)

De welvaartsgroei is nog te klein om je gelijkwaardig te voelen, maar groot genoeg om ambities en frustratie te voeden. De anti-liberale revolutie van Orbán en Kaczynski is daar een antwoord op. Als wij geen erkenning krijgen, dan eisen wij haar luidkeels. Helpt dat niet, dan geven wij onszelf die erkenning. Op zo’n moment slaat een minderwaardigheidscomplex om in zijn tegendeel: Europa is ziek! Wij zijn gezond!

Zie hier een redelijk verfijnde poging om de halstarrige democratieen van Polen en (bij verstek ook) Hongarije enigszins te verklaren.

En toch is het het nog net niet.

Dat minderwaardigheidscomplex zit me dwars. Het is iets te makkelijk. Het doet denken aan onze eigen beeldenstormers en hoe die werden weggedrukt door regentesk Nederland. Ik bedoel nu met name Pim Fortuyn en, vooruit, Hans Janmaat van de Centrumpartij / CD misschien ook nog wel. Toendertijd uitermate discutabel ontvangen en doodgezwegen door het verlichte deel van Nederland, nu hier en daar al onderwerp van melancholische devotie geworden en geroemd om hun avantgardistische directheid: ‘ze wilden onverbloemd kunnen zeggen waar het (volgens hen) op stond’.

In taal die de samenleving van toen niet aankon, dacht men bij de media en in politiek Den Haag.

Natuurlijk willen mensen in Hongarije graag een mercedes voor de deur om af te kunnen rekenen met dat oostblok aan hun been. Maar dat links in Polen volledig – en in Hongarije bijna – is weggevaagd, is wellicht een signaal voor iets anders.

Oost Europa heeft nauwelijks een ‘klik’ met westerse idealen. Tenminste, niet in de landelijke politiek. Ten dele omdat idealen ‘hol’ zijn (de socialistische erfenis) en verder omdat we in een ‘boter-bij-de-vis’ tijd leven. Ongegeneerd idealen vertolken komt je als politikus of bestuurder nu eenmaal duur te staan in deze tijd van reaguurders en absurde extremen. Dat kan oneerbiedig overkomen, zeker, maar opportunisme en machiavelliaanse machtsspelletjes leer je al in de zandbak. Aan de andere kant: als je nooit geleerd hebt dat vreemdelingenhaat eigenlijk niet kan, dan heb je dat nooit geleerd.

Wordt (dus) vervolgd …

 

 

‘t Is maar een spelletje … (KHF-2)

spelletje_small“Na ugye”

Vanavond, 15 november 2015, heeft voetballend Hongarije geschiedenis geschreven. Na de winst op Noorwegen met 2-1 in eigen huis, kan Hongarije door naar het EK. Geen kleine overwinning: voor het eerst in 30 jaar mag het land weer eens deelnemen aan een groot voetbaltoernooi; voor het eerst in 44 jaar aan specifiek het EK.

Dat was lang wachten! In de jaren 50 van de vorige eeuw waren de verrichtingen van de Arany Csapat, het (Gouden) Hongaarse voetbalelftal, ongeveer de laatste aanleiding voor de gemiddelde Hongaar om trots te zijn op zijn land. En voor velen ook de eerste.

De naam Ferenc Puskás is nauw verbonden met dat succes. De legendarische aanvoerder bracht zijn team tot een tweede plaats op het WK van 1954 (achter West-Duitsland). De verwikkelingen rond 1956 trokken een flinke wissel op zijn carriere: het Honvéd clubteam speelde net in het buitenland toen de revolutie uitbrak en besloot niet terug te keren. Puskás kon pas na een tweejarig voetbalverbod van de UEFA aan de slag voor Real Madrid.

Democratisch Hongarije rehabiliteerde Puskás in 1993, waarna hij tot vlak voor zijn dood in 2006 nog regelmatig gehuldigd en geeerd werd. Dat geeft niet alleen aan hoe groot en belangrijk zijn prestaties waren; het laat ook zien dat de echte winnaars, de positieve rolmodellen, voor jonge Hongaren niet voor het oprapen liggen.

Voetbal en politiek zijn in Hongarije een nieuw huwelijk aangegaan. De regerende partij van premier Viktor Orbán – met de man zelf voorop – dicht het voetbal namelijk een belangrijke gidsrol toe. Of hij houdt er zelf teveel van, dat kan natuurlijk ook. Feit is dat momenteel een deel van het ‘volk’ juicht in en om de al gebouwde en de nog geplande stadions voor het volksspel. Een ander deel gruwt van de brood-en-spelen mentaliteit van de grote aanvoerder en moet bijvoorbeeld niets hebben van de nieuwste plannen om voetballes verplicht te maken op Hongaarse scholen.

Orbán zelf, aanwezig tijdens de bewuste wedstrijd, moet ongetwijfeld gedacht hebben (met een Hongaarse variant op Johan Cruijff): elk voordeel heeft potentieel nog meer voordelen! Zijn twitterreactie liet weinig te wensen over: een simpel “Na ugye”, wat iets betekent tussen ‘Toch, he?’ en ‘Nou dan!’ in.

Hoe het ook zij: na de wedstrijd, live op de televisie, glunderde de verslaggever van de staatsomroep niet alleen vanwege de doelpunten. Wat er als eerste bij hem opkwam was – nou wordt het even goed opletten: de gedachte aan de reactie die zijn collega van de Noorse televisie gaf (die sloeg zich schijnbaar op de knieen van opluchting, een week of wat geleden) toen bekend werd dat Noorwegen en Hongarije tegen elkaar uit zouden komen. Wraakgevoelens alom. Hij stond in ieder geval midden tussen de Lonsdale Boys en de Ria-Ria-Hungaria schreeuwers en liet zich met genoegen op de schouders slaan.

Datzelfde kon niet gezegd worden van de verslaggever van de ATV, een meer aan de oppositie gelieerde omroep. Vlak voor de wedstrijd, ter plekke bij het stadion, meldde die zuinigjes dat er zekerheidsfunctionarissen rondliepen met zware wapens, dat de supporters zeer opgewonden waren en dat die zelfs met hen (de tv-ploeg van ATV) problemen hebben en dat terwijl zij (de tv-ploeg dus) Hongaren zijn, – even pauze, om er half lachend, half verontschuldigend aan toe te voegen: volgens hen dus niet!’

Geen grote, wereldbestormende ontwikkelingen maar wel symptomatisch voor de zich verwijdende breuk waar op afgestevend wordt in dit land dat het recht van de sterkste tot grondrecht heeft verheven.

Volgende keer: vluchtelingen komen en emigranten gaan.

Klein Hongarije Feuilleton (KHF): 1 – verkenningen

TelefoonEr is iets mis met Hongarije. Wat dat zou kunnen zijn, dat is het onderwerp van dit Klein Hongarije Feuilleton.

Zoals aangekondigd wil dit blog dergelijke zaken structureel onder de aandacht brengen. In deze eerste aflevering zal een beginnetje worden gemaakt, waarbij feiten, meningen, propaganda en onderbuikgevoelens nog even vrolijk over elkaar buitelen. Associeert u mee?

Feiten: om bij de symptomen van de zieke te beginnen, eerst maar eens op zoek naar de dingen die niet kloppen of die niet meer kloppen. Of nooit geklopt hebben. Of niet kloppen volgens de ene kant, maar wel volgens de andere … – U voelt het , het verzamelen van feiten vereist een speciale benadering.

Verder terug, dan maar? Misschien dat een rondje Zoek de verschillen op zijn plaats is. Op zoek naar meer of minder fundamentele overeenkomsten en verschillen: bijvoorbeeld “noord en zuid” of “oost en west”. Of hoe dacht u dat de Hongaren – als de Fin-Oegrisch eend die ze nu eenmaal zijn – zich dienen te voelen in die onmetelijke Slavisch vissoep waarin ze roeien moeten? Verschillen, dus. Leve de dichotomieën waarmee we later meteen de arena kunnen stofferen voor de finale.

Als vanzelf struikelen we verder achteruit het favoriete onderwerp van de Hongaar binnen: kom niet tussen hem en zijn verleden. Ooit groot, later klein en daar nooit meer overheen kunnen komen. Dat lijkt wel het adagium van het beestje. Gedoogd worden door Habsburg, door Hitler en door die andere Partij maar je nooit echt tegen hen kunnen afzetten. Gestraft worden voor wat je niet gedaan hebt en beloond voor wat je niet mocht. Verzoening? Met wie dan? Waarom? ‘Wacht maar tot ik weer bovenkom!’ Dat was gedurende die lange eeuw zo’n beetje het leitmotif. Meer dan genoeg materiaal voor een paar flinke knauwen in de bedrading.

Komen we dan bij het zelfbeeld van de Hongaar. Zoals ze jongleren met trots èn schroom tegelijk is voor veel buitenlanders niet licht te behapstukken. Vrijwel allemaal noemen en verwerpen ze de typische Hongaarse instelling uit het overbekende gezegde: ‘laat dan de koe van de buurman ook maar creperen!’ Maar wat betekent het dat iedereen dat doet? Verder, dieper, donkerder: de krochten in.

Om tussendoor af en toe ook wat luchtiger zaken te kunnen behandelen. Wat dacht u van de oorlog tussen automobilisten en fietsers, tegen de achtergrond van sowieso ontoereikende infrastructuur? De bloei van samenzweringstheorien? De nieuwe Russische connectie? De diverse opvattingen over de waarheid en het staatsapparaat (en of die twee echt hetzelfde zouden zijn)?

Aldus, zo’n beetje. Voorlopig. Associeren lukt dus wel, nu nog de bovenstaande dikgedrukte thema’s langzaamaan in vadsige posts vastklinken.

Reacties worden zoals altijd op prijs gesteld en het behoort zeker ook tot de mogelijkheden bij belangstelling een forum te openen over deze zaken.