Tag Archives: narratief

De vijfde colonne zit in de verzoening

bevrijdingIn het niet gevoerde debat over het politieke bestel in Hongarije balanceren de kans op verzoening aan de ene en de tendens tot polarisering aan de andere kant. Echte verzoening komt niet uit de lucht vallen, zoals iedereen met een partner, kinderen of een tekkel wel weet. Het is een moeizaam, in psychologisch opzicht een hooggewaardeerd en een tikje mysterieus fenomeen, compleet met catharsis en met veranderende zelf- en wereldbeelden tot gevolg. Als het goed gaat, tenminste.

De uitkomst is namelijk ongewis en kan leiden tot het (moeten) loslaten van comfortable overtuigingen en het (moeten) omarmen van archetypische vijanden. Onderweg is juist polarisering geen onbekende reisgenoot. Er dient geluisterd te worden naar elkaar. Oud zeer wordt uitgesproken en dat doet weer pijn, net als chilipeper.

Als Hollywood verzoening wil bewerkstelligen door films over de Holocaust met een Oscar te feteren, dan hebben zij die zich in de beklaagdenbank voelen staan, al snel genoeg daarvan en zullen dergelijke ‘verzoeningspogingen’ als te aggressief afwijzen. Eventueel worden vervolgens door echte leperds de sentimenten bij elkaar geschraapt en tot categorische probleemvisies herkneed. Zo wordt verzoening weer polarisering en dat weten ze in Hollywood natuurlijk ook best wel.

Hongarije steekt gelukkig nog steeds magertjes af bij andere ontwrichte samenlevingen, zoals Rwanda, het Rusland van na de Gulag of de landen van voormalig Joegoslavie. Toch zijn er in de vorige eeuw meerdere malen belangrijke kansen op verzoening blijven liggen. Zo schrijft Andrea Pető, verbonden aan de Central European University als Holocaust-onderzoeker, over de volkstribunalen die direct na WO II in Hongarije werden opgericht. In beginsel kunnen die worden beschouwd als een goedbedoelde poging om de oorlog en de begane misdaden een plaats te geven, de sociale orde te herstellen en, ook, openbare lynchpartijen te voorkomen.

“The People’s Tribunals were [expected to “deal with” the emotion of hate from both sides], to start the process of normalization and to reconstruct social cohesion by determining the meanings of social interactions during World War II. As a part of the post-war normalization they were supposed to transmit moral judgments about emotions and about the acts stemming from them. Their function was also to punish and to serve as a warning to the perpetrators. The legal language of the court served to mediate and express emotions. The court was a highly structured space for communicatioin between criminals, victims, and witnesses.”

Pető stelt vervolgens vast dat het instituut niet heeft kunnen bijdragen tot een voor alle partijen bevredigende verzoening. De redenen hiervoor waren divers.

  • Dergelijke tribunalen moeten aan allerlei expliciete, impliciete en intersubjectieve verwachtingen voldoen – van slachtoffers, daders en getuigen, waarbij de omstandigheden vaak niet open staan voor meer dan de primaire juridische aspecten, de feitelijke (technische) schuldvraag. De andere niveau’s die van belang worden geacht – een pragmatisch niveau waarop deals worden gesloten tussen de deelnemende partijen en een emotioneel niveau waarop de slachtoffers catharsis kunnen bereiken en daders schuld kunnen accepteren, kwamen in Hongarije niet uit de verf.
  • Door de technische ‘individualisering’ van de rechtsgang – dader-verdachten wrongen zich in bochten om hun schuld af te kunnen laten glijden – werd er ruimte geboden aan nieuwe alternatieve ‘narratieven’ van daders en de nabestaanden daarvan.
  • Dit werd nog versterkt door de omstandigheid dat de rechtsprekenden van onbesproken gezag dienden te zijn, i.e. joden die voorheen waren uitgesloten van het ambt kwamen bij uitstek in aanmerking om de tribunalen te leiden.
  • Waarbij ook meespeelde dat op instigatie van de Communistische Partij, die haar positie wilde verstevigen, op belangrijke politici geconcentreerd werd en later zelfs volledig nieuwe aanklachten mogelijk werden die weinig meer te maken hadden met de holocaust en de oorlogsmisdaden.

De tribunalen, die hadden kunnen fungeren als een ritueel voor het omgaan met haat, leidden zo tot de situatie dat de 70.000 aangeklaagden op hun beurt al snel weer zelf martelaren werden en er van een nieuw, gedeeld narratief geen sprake kon zijn.

Een tweede moment van grote betekenis had natuurlijk 1989-1990 kunnen wezen. Net als vele andere voormalige oostbloklanden, bleek ook Hongarije niet van zins deze kans te grijpen om zich van haar verleden te kwijten. Een kwart miljoen mensen heeft als verklikker voor de Partij actief meegewerkt om de onderdrukking onder het Kádár-regime tot stand te brengen. Nog steeds is het vrijwel onmogelijk inzage te krijgen in de archieven (alleen het eigen dossier kan worden ingezien – weggelakte namen – of voor onderzoek – eveneens met bescherming van privacy).

Slechts een enkeling is in al die jaren uit zichzelf met de belastende waarheid naar buiten gekomen en heeft spijt betuigd. De overgrote meerderheid van grote en kleine verklikkers ziet echter van dag tot dag de kans dat zijn of haar buurman of buurvrouw ooit nog eens aan de deur komt om verhaal te halen, langzaam afnemen en is daar content mee, helaas. Recent zijn, ter gelegenheid van de Dag van de Slachtoffers van het Communisme, de gegevens beschikbaar gekomen van wel 500 mensen die betrokken waren bij het neerslaan van de revolutie in 1956.

Verzoening, zo lijkt het, is niet iets waarom je bij de Fidesz hoeft te komen. Fijne autoritaire leiders, dat wel. En vijandsbeelden, natuurlijk. Het wij-zij denken beleeft zijn hoogtijdagen en er is geen uitzicht op verbetering.

Kapitein Iglo in barensnood

OpusztaszerEr waren mensen die de activiteiten van de voetbalsupporters in Rome ergens nog vergoeilijkten. Of in ieder geval probeerden er iets aan uit te leggen, er iets van te begrijpen. Diep in deze verwarde barbaren zou bijvoorbeeld de banier kunnen wapperen dat “in Nederland niemand zich iets moet inbeelden, ook zo’n fontein niet!” Tenminste, zoiets las ik ergens. Zit vast wel wat in maar het leidt toch feitelijk gewoon nergens naar.

Er zijn er gelukkig al een stuk minder die de gebeurtenissen in Köln recht meenden te kunnen doen. In de billen knijpen als teken van antropolgische verwaarlozing of misschien wel juist pre-emancipatoire ontluikingsdrang. Jah … .

Door in stormachtige tijden op cruciale kruispunten de verlichte wegwijzers stevig te verankeren, blijft de positie van een vijand-gedragen regering het beste overeind. Sterker nog: die wordt verstevigd.

Eén van die wegwijzers is Nógrádi György. Veel gehoord veiligheids-expert, veelvuldig aanwezig op de Hongaarse buis. Hij heeft altijd zijn woordje (en zijn telraam) klaar en als het niet zeker is, dan doe maar voorzichtig.

Kijk maar naar de alarmfase-perikelen. Sinds november vorig jaar zijn er vier niveau’s:

  • 4: als er aanwijzingen zijn over dreigende terreuracties in Nato of EU landen waarbij Hongarije betrokken is of zou kunnen raken;
  • 3 (middelmatig): als de dreiging toe is genomen, of als er in EU of NATO-landen, of in buurlanden van Hongarije, terreuracties zijn geweest waardoor de dreiging in Hongarije is toegenomen;
  • 2: als er concreet gevaar is voor terreuracties in Hongarije of als er in Hongarije volgens de beschikbare informatie terreuracties verwacht kunnen worden;
  • 1: als er een ernstige terreuractie is geweest met directe implicaties voor Hongarije of als er in Hongarije ontwikkelingen zijn die in verband kunnen worden gebracht met terrorisme.

De stadia zijn werkelijk ongeveer zo vaag als hierboven vertaald, tenminste, zowel in de beschrijving van Index als van het TEK zelf, die dezelfde taal bezigt. Ik sluit niet uit dat de regering en de TEK weet wat ze hier bedoelen en waar volgens hen de verschillen in zitten – velen daarbuiten weten het zeker niet!

Verder: Graad (fokozat) 4 is steevast de lichtste in het rijtje, de minst ernstige (in tegenstelling tot bijvoorbeeld graad 3 bij brandwonden – die altijd de zwaarste is geweest in het Nederlands en de rest van de Europese talen). Verder wordt de 3e graad structureel middelmatig genoemd – wat niet meevalt met vier gradaties. Het kan zijn dat de 5e graad de basisgraad zou zijn maar wat niet genoemd is, daar kun je geen betekenis aan ontlenen.

Toch gaat het er niet om de lachers op de hand te krijgen.

  • we weten dat het TEK – met een enorme geldings- en bewijzingsdrang rondloopt;
  • we weten dat Fidesz werkt aan een mogelijkheid om een nieuwe twee-derde meerderheidswet door de kamer te jassen met meerdere beperkingen voor in bange tijden;
  • we weten (en merken) dat de ballib pers en zelfs de politieke oppositiepartijen onder druk staan om ‘mee te werken’ aan de veiligheid van het land en dus eventueel de voorstellen van Fidesz zouden kunnen gaan steunen;
  • we kunnen ons voorstellen dat in dergelijke precaire situaties weinig zo fijn dingen kan versnellen als het – als enige – beschikken over – al of niet bestaande – kennis of informatie;
  • we weten dat de retoriek van de regering ijzersterk is voor een tweedeklasser en puur en alleen voor kniesoren wel eens wat te wensen overlaat op het gebied van sensitiviteit en specificiteit:
    • Europees = christelijk
    • christelijk = niet moslim
    • vluchteling = moslim
    • moslim = niet Europees  ⇔  terrorist = moslim
    • niet moslim = Europees
    • niet moslim = niet terrorist
    • ƒ(x) x → 0, y → 0
    • geen vluchteling = geen terrorist

Waar in London na de bommen van 2005 opgeroepen werd tot eenheid – Blair zei: “Ze willen dat we elkaar in de haren vliegen, – dat zullen we dus niet doen!” Waar mensen in Brussel verder proberen te gaan met hun leven door te laten zien dat die zelfmoordsukkels het helemaal bij het verkeerde eind hadden. Daar is in Hongarije ook de gemeenschappelijke vijand niet meer van iedereen. Die vijand is namelijk meer van de regering, dan van u en mij en het stemvee. Terwijl in London, in Brussel, de ‘vijand’ in dezelfde straten rondliep als de (rest van) de samenleving. En moslim was/is. Misschien zelfs wel vluchteling …

Waarom zitten we in vredesnaam, in Hongarije, nou momenteel in fase twee?

Even zoeken op trefwoord terrorfenyegetettség (terreurdreiging)

Het mocht tijd worden, het was toch een beetje alsof de zombies Boedapest al hadden overgenomen en we hiero de laatsten dreigden te worden die erachter zouden gaan komen. Maar goed. Bij de MNO als refrein dat de regering zich lekker aan het nestelen is in een comfortabele terreurdreiging, al dan niet gebruik makend van extra rechten, al dan niet noodzakelijk, al dan niet gepland. En dat het maar de vraag is of de samenleving nu bang is voor terroristen of de regering bang is voor de samenleving. Echt sterk is het artikel verder ook niet.

Het lijkt wel alsof iedereen paaseieren aan het schilderen is. Of zombies aan het jagen.

2016 gaat een heel raar jaar worden voor het humanistisch project: aan de ene kant de Syrische oorlog, de chaos en de nasleep inclusief vluchtelingen en Cold War II; aan de andere kant Trump die Clinton de keuken in zal proberen te jagen.

In Zuid-Hongarije hadden ze al zoveel Living Dead gekeken, dat ze dachten dat het minstens vluchtelingen moesten zijn die ‘s nachts te paard de streek onveilig maakten.

Maar goed dat Nógrádi György altijd antwoord heeft.

—————————-

Naschrift: schitterend gesprek gevonden (van 22 maart jl.) tussen Bakondi György en Kálmán Olga in de kluwen van het gelijk.

Bakondi György

Hieruit blijkt dat de dreiging – op niet ontvangen informatie gebaseerd is maar dat op de één of andere meta-manier daarmee een dreiging ontstaan is die werkelijk is (ervaren wordt). In ieder geval door Bakondi cs. Olga is zoals altijd heerlijk bezig (‘Maar zo is het altijd: we weten nooit wat de dag van morgen brengt?!’), slaat de politicus met zijn eigen papieren en definities om de oren en krijgt dan het verwijt ‘Dus volgens U is de stap van de overheid niet juist?’ waarmee we terecht dreigen te komen op het niveau van kroegdiscussies die we gewoon zijn van Fidesz-notabelen. Maar daar gaat ze niet op in. Onnodig te zeggen dat Bakondi vanalles doet behalve: uitleggen, irreele angsten wegnemen, gepaste dapperheid en oplettendheid stimuleren, of wat dan ook dat een verantwoordelijke leider zou kunnen doen die op dergelijke momenten een natie vooruithelpt.

KHf extra: Onverwachte draai aan retoriek grote leider (1)

haaiOm te beginnen is er het laatste boek van Umberto Eco, Numero Zero. Een loser-journalist laat daarin zijn talenten los op een (fictieve) dagbladformule waarbij projecties uit de onderbuik, via insinuaties en verdraaiingen, achterklap en roddelpraat tot journalistiek worden verheven. Hierbij komen vanzelfsprekend allerlei methodes aan bod, van geavanceerde technieken voor associatieve, manipulatieve nieuwspresentatie tot en met het optimaal uitspinnen van dubbele ontkenningen van uitspraken die om te beginnen al in de mond waren gelegd (of zelfs geheel verzonnen).

In de praktijk niets nieuws, natuurlijk. Zowel in Nederland als in Hongarije stralen krantenkoppen van links naar rechts vooringenomenheid uit. Verhogen we de inzet: de inhoud van het nieuws is één ding waarover te steggelen valt. De toon van het nieuws is weer een heel ander geval.

Kétfarku kútyapárt piro3
Foto: Kétfarkú Kutya Párt

De Kétfarku Kutyapárt, een onnavolgbare satirische klub (nu ook al partij – voor een staaltje van hun kunnen klik op de foto hiernaast) heeft vorig jaar zomer een alternatieve editie (link is een pdf document) van Magyar Hirlap uitgebracht. Een ‘goed nieuws’ editie. Welke coulisse (goed nieuws voor wie?) er nu precies verschoven is, is niet helemaal duidelijk: sommige fictieve artikelen komen over met een heftigheid die de Magyar Hirlap gewoon is maar verkondigen precies de feiten-versie die de Hirlap niet graag zou zien. Omgedraaid komt ook voor: lief nieuws dat niemand kwaad doet, – een beetje zoals het jeugdjournaal, vroeger.

De website Mediavadasz positioneert zichzelf als het weerwoord op de wijdverspreide links-liberale ‘vuilnissites’ (szennyoldalak) op het web. Onderwerpen en gebeurtenissen worden er besproken met als doel het gepretendeerde gelijk van ‘links’ te de-bunken. Zo stellen ze concreet over de plakaat-affaire van vorig jaar – de kritiek op de overheidsplakaten (die voortkwamen uit en aanleiding gaven tot stemmingmakerij rond de vluchtelingen), dat de reclameboodschappen van het Kétfarku Kutya-partij/Vastagbőr- verband die daarop ten antwoord verschenen (met o.a. ‘Sorry for our prime-minister’) en de verwijzingen naar bijvoorbeeld de bijbel (‘vluchtelingen zult U voeden’) hoogst verwerpelijk zijn. Want dat zou het aankweken van schuldgevoel zijn.

Wat denkt de KKP wel van christenen? Dat het een sukkelige, zelfopofferende liefdadigheidsinstelling is? Of dat ze de inbreker in huis binnenlaten, geld in diens zakken stoppen en ook nog eens het mes op de eigen keel zetten? De linksliberalen rekenen het de Hongaarse conservatieve christenen aan dat ze niet genoeg christelijk zouden zijn? Absurd!

Polemiek wil altijd gelijk hebben, als het even kan voor 100%. Polemisten zijn er vaak op uit elkaar helemaal onmogelijk te maken, liever nog met één enkele voltreffer dan op ‘punten’. De schrijver heeft schijnbaar niet door dat satire geen polemiek is – in die zin dat satire niet voor 100% gelijk kan hebben omdat het gebruik maakt van originele bronnen waarop satire zichzelf botviert (en dientengevolge voor alles wijst op hypocrisie).

Hij die zonder zonden is, werpe de eerste steen is in Hongarije opgewaardeerd tot een verlammende alles of niet toestand met alleen nog maar schreeuwers aan beide zijden. Als je kritiek durft te hebben, dan moet je ook meteen klaar staan om alle politieke associaties die via die kritiek in je ‘eigen nest’ te leggen zijn, te weerleggen. Als je tegen de verkeerde zegt: ‘Viktor verrijkt zichzelf’, dan krijg je terug dat die-en-die zich nog veel meer verrijken of verrijkt hebben, of de multi’s, of wat dan ook. Een vraag met een wedervraag beantwoorden, kritiek met een schep erbovenop.

Kijkend naar foto’s van Amerikaanse moordenaars haal ik het ‘slechte’ in de mens er niet altijd uit. Is het objectief zichtbaar, dat iemand een ‘slecht mens’ is – niet dom, of lelijk, maar echt slecht? Vaker lukt dit niet, dan wel. Vanaf een nieuwsportaal, een verzamelportal waar nieuws van allerlei bronnen verwerkt is, komt het ook wel eens voor dat je niet één-twee-drie weet wat het nieuws dat je leest, nu wil zeggen. En net als je je aan het opwinden bent over de kop en de stemmingmakende paragrafen, blijkt dat het stuk de ‘goede kant’ op wil. Of andersom. Op het verkeerde been staan bij het lezen van een story – of dat nu fictie is of non-fictie – kan heel heilzaam zijn.

Nog iets raars, tenslotte. Uitleggen is in het dagelijks Hongaars magyarázni. Uitleggen zou op die fiets in het Nederlands (ver-?)nederlandsen worden. Waarheid gebaseerd op identiteit en niet op logica.

Volgende keer: de vloeibare samenleving, kormany-info vragenuurtje en de vraag of Belgie en Nederland nog iets kunnen leren van de Hongaarse media-wet (volgens Lázar wel)

 

 

Teachers teachers: KLIK hier voor level 2

visegrad, királyi palotaIn de aanloop naar de demonstratie van 15 maart, een poging om op een rijtje te zetten hoe de diverse Hongaarse krantenlezers de slag om onderwijsland Hongarije aan zich voorbij zien trekken.

Volgens de overheid is er nog steeds niets aan de hand en wat er wel is, dat is sowieso doorgestoken kaart, partijpolitieke nonsens en verkapte kinderarbeid. Zoveel wisten we al. Magyar Hirlap (de ‘spreekbuis van’ voor oningewijden) begint vol overdrive de vuile was binnen te halen. Er kan misschien wel wat veranderd worden aan de KLIK, en ja, misschien zijn krijtjes toch wel handig, dat soort verlichte inzichten. Als doekje voor het bloeden meldt de krant ook dat bijna iedereen straks (alweer?) een zwembad, sporthal of volledig nieuwe school kan verwachten. Maar de grootste gemene deler van hirlap-nieuws is toch wel dat we terug kunnen naar de keuken. Want kijk: hoe zeer worden nu al weer klassen, gezinnen en langzaam het hele land in tweeen gespleten door die vervelende politiek. Een heerlijk kitscherig artikel dat haar licht laat schijnen over de kunst van het moddergooien en de wortels van het kwaad in het algemeen en het goed van Fidesz-KDNP in het bijzonder. Waarop iedereen wordt uitgenodigd in hetzelfde licht (die keuken, dus) te komen staan, want (het laatste woord krijg je niet, dat moet je nemen) de oppositie zou toch al in duigen liggen.

Een handschoen die weer opgepakt wordt door de Magyar Nemzet (krant van Simicka Lajos, oud vriend nu vijand van Orbán) met als achterliggende gedachte (niet bij het ‘in duigen liggen’ als zodanig maar bij dit laatste ‘weten’ van Magyar Hirlap) dat het narratief van overheid en hofkranten bijna geloofwaardig had gewezen. Bijna, maar niet helemaal. Want:

  1. ja: de protesten stamden ooit uit vaktechnische overwegingen
  2. ja: de eeuwige oppositie kan de kans bijna niet laten liggen om haar eigen punt te maken
  3. ja: er klinken wel eens ongepaste geluiden door die de ontvankelijkheid van de vakbonden ondermijnen

Maar:

  1. nee: daarmee wordt het protest niet minder waard (inhoudelijk)
  2. want nee: een regering schrijf je ook niet af op basis van de misdaden van één moordlustig parlementslid

Maar helaas:

  1. gooit de regering wel degelijk de gerechtvaardigde argumenten en de eeuwig-pruttelende oppositie op één hoop
  2. gooit ze daarmee meteen de kritiek op het KLIK en kritiek op de regering op één hoop
  3. denkt de regering dat zij persoonlijk het legitieme algemeen belang is en de complete rechtgeaarde civiele sector en alle andere goedwillende burgers van Hongarije vertegenwoordigt (en dus vooral niet aan partijpolitiek doet)
  4. mag je dus wel meedenken over het KLIK, maar niet tegen het KLIK zijn (vandaar dat gedoe over wie er uitgenodigd werd voor en meedoet aan de rondetafel-gesprekken, bijvoorbeeld)

Echter – en nou komt de mooiste van het stuk: het KLIK is ontstaan uit de koker van een re-contra-geselecteerd gezelschap.

De regenten van bourgeoisie zullen ooit het ‘geselecteerde’ gezelschap hebben uitgemaakt. Het communistische kader werd vervolgens ‘contra-geselecteerd’, terwijl daaruit weer door een volgende selectie het ‘re-contra-geselecteerde’ groepje ontstond van (wat MNO noemt) het christelijk nationaal-conservatieve potentieel. Waar we dus nu mee ziten.

Wow!

Te mooi om te laten liggen, al is niet helemaal duidelijk wat ons nu te doen staat. De Magyar Nemzet sluit het verhaal nu kort – door te stellen dat daarom het KLIK niet kan worden gezien als waarachtige vaktechnische organisatie maar uiteindelijk een controle- en pers-instrument zal blijven om de laatste zelfstandigheid van scholen uit te roeien – en doet voor vandaag de luiken dicht.

OK?

Gaan we nu wel of niet demonstreren?

Zo ja: tegen wat en voor wie?

Hoe diep gaan we?

Want als we het aan de Nepszabadság vragen, dan wordt er net zolang aan de KLIK-boom geschud tot de grond eronder bezaaid ligt met rotte appeltjes.

 

De bruidschat van Seuso: Hec Sevso tibi …

Aggtelek

Hec Sevso tibi durent per saecula multa
Posteris ut prosint vascula digna tuis

(May these, O Sevso, yours for many ages be
Small vessels fit to serve your offspring worthily)

En opeens is het internet weer vol van Rahel Orbán, de dochter van. In de weer met hotels, docent aan Corvinus Universiteit, deelnemer aan een besloten maar belangrijke toeristische bijeenkomst, zwanger en plukkend aan Egerszalok (dat toch al verpest was).

Laat duizend bloemen bloeien – okee: laat het er dan honderd zijn. Tamás Gáspár Miklós (TGM), een vroegere makker van de oude Orbán maar nu fervent criticus van FIDESZ, heeft al eens aangegeven dat kinderen wat hem betreft niet kan worden aangerekend wat hun ouders uitvoeren. Als die kinderen, bijvoorbeeld, gefotografeerd worden terwijl ze autorijden met een mobiele telefoon in haar hand, zou dat geen reden mogen zijn om haar te vierendelen. Klinkt logisch, een dochter van een minister-president is toch een ander beest dan een prins, of zo.

Maar die verantwoordelijkheid ligt wel aan drie kanten. De roddelbladen hielden zich sowieso niet eraan. De persstaf van FIDESZ ook niet. Nu blijft over de vraag wat Rahel zelf gaat doen.

Op de foto’s is zichtbaar dat vader echt vreselijk trots moet zijn en in een aandoenlijke ‘verwarring’ is in haar nabijheid. Dat zij van de drie kinderen de grootste pr-asset is, was of wordt, is duidelijk.

Het volgende script is nu te mooi om zonder doordenken in de prullenbak te gooien.
1) Wat zou u uw kind geven als dat gaat trouwen? Juist!
2) En wat als ze gaat trouwen en u zo ongeveer de belangrijkste en machtigste man van het land bent. Juist!

Het hele verhaal van de Seuso schat ga ik niet vertellen, daar is het te mooi voor. Het komt erop neer dat de verzameling zilveren voorwerpen uit de Romeinse tijd stammen. Hoogstwaarschijnlijk is het servies afkomstig uit de Balaton regio – daar duidt een inscriptie op – waarna rond 1980 onder raadselachtige omstandigheden het overgebleven deel van de verzameling – 15 stuks – in Engeland is terechtgekomen. Hongarije heeft nu de helft teruggekocht en lijkt te azen op de rest. Behalve de bekende stukken moet er trouwens nog veel meer zijn aan kelken en bekers.

3) Viktor heeft de Seuso schat in 2014 (rond het huwelijk van zijn dochter) met veel persoonlijke bombarie ‘thuis’ gehaald en heeft het regelmatig over het Hongaarse familie-zilver (“Magyar családi ezüst”).
4) De verworven eerste helft van de schat ging daarop (tijdelijk) naar Székesfehérvár, (dichtbij Balaton, okee, maar ook niet al te ver van Felcsút). Sindsdien is het erg stil.
5) De interesse van enkele bezielde leiders in kunst is afgelopen maanden wel gebleken, evenals hun losse omgang met nationaal eigendom.
6) En ook de minister-president zelf houdt wel van een kunstje: zo wil hij voor 1 miljard forint kunst gaan installeren in zijn nieuwe optrekje, op de Burcht.

Uitsmijter: zijn dochter had aantoonbare interesse voor het familie-zilver – zij was bij de persconferentie waar pa de aanschaf bekend maakte, in maart 2014.

De symboliek van losse draadjes en magnetische velden – veel nakomelingen, lang gebruik, etc – past te mooi in een Orbán-dynastie om toeval te zijn. Laten we de zaak in de gaten houden (bijvoorbeeld, als iemand snapt wat hier bedoeld wordt, dan houd ik me aanbevolen).

Eén ding is zeker: we zullen nog horen van Rahel.

Ze heeft de uitgestoken hand van TGM niet geschud.

Oorlog is zo vreselijk!

Babaakocsiban_smallDeze dagen is het 72 jaar geleden dat Boedapest onder vuur lag van de Russen, of, zo u wilt, de Hongaren bevrijd werden. Hoe dan ook een bittere pil.

Onze vriend Krisztián Úngváry, historicus met een prachtige naam, acht derhalve de tijd rijp voor een kijkje achter de toenmalige schermen. Zoals waarschijnlijk wel bekend hebben in de eerste weken van 1944 Duitse en Hongaarse legereenheden pogingen gedaan om uit te breken naar het Westen, tegen de directe orders van Hitler in. De Hongaarse verliezen als gevolg van de uitbraak waren enorm, vertelt Úngváry, groter bijvoorbeeld dan de Amerikaanse verliezen op Omaha Beach rond D-Day. Toch worden de gevechten rond Boedapest door ‘de instanties’ al jarenlang genegeerd, terwijl bepaalde andere elementen de uitbraak juist zien als een weliswaar tragische, maar toch ook als een heldhaftige daad.

Dit laatste, zo zegt Úngváry, kan snel met statistieken worden ontkracht. Van de uitbrekers overleefde slechts een fractie de oorlog. Hij zet dan ook vraagtekens bij de herinneringstochten van een ‘actiegroep’ voor de Börzsöny, waarbij de toenmalige routes van de wanhopige opa’s en hun Duitse collega’s na kunnen worden gelopen. ‘Prestatietocht’ heet het nu. Compleet met ijzeren kruizen en in Duitse, Hongaarse en Russische uniformen gestoken nepsoldaten langs de route die de stempelkaarten van de door de bossen krioelende jongeren hanteren.

Úngváry, zelf actief bij de padvinderij, keurt de activiteiten van deze ‘actiegroep’ niet af maar staat wel stil bij het grote aantal deelnemers, inmiddels duizenden per jaar. Alsof hij zeggen wil dat het niet in de haak is dat er meer mensen op komen draven voor een sportfestijn met een extreemrechts bijsmaakje, dan – om maar iets te noemen – dat er komen protesteren terwijl het land in puin ligt. Hij hoopt in ieder geval dat de deelnemers van nu, wat het gedachtengoed van toen betreft – het verdedigen van Europa tegen de verschrikking uit het oosten – inmiddels wel inzien dat dat een misvatting is geweest (zie Auschwitz, dat van binnen kwam).

Ik denk, dat Úngváry wil zeggen dat geen van bovenstaande benaderingen tot een gezonde verwerking van het verleden kan leiden. Wat er van 1945 tot 1989 gebeurd is met de nagedachtenis, is natuurlijk slecht. In die legers zaten natuurlijk ook dienstplichtige militairen en misleide zielen en natuurlijk is je grootvader je grootvader, ook al is hij gesneuveld in een anonieme en hopeloze slag aan wat officieel de ‘verkeerde kant’ werd.

Helaas hebben we aan Úngváry’s stuk verder niet zo heel veel meer want die gaat in zijn (prachtige) bronnenmateriaal op zoek naar de wederwaardigheden van een specifiek groepje Duitse soldaten. Zijn polemische benadering blijft daarmee dubbelzinnig in de modder vastzitten: “OK, er was een uitbraak, die was ook nog eens verboden door Hitler en die werd uiteindelijk nog fataler dan als ze waren blijven zitten. En dat is fout. Toch? Eh …, fout vanwege de Nazi’s? Nee, ja, …, toch? Oh ….”

Als dit de manier is om te zeggen dat mensen die in hun eigen vlees snijden, dan ook de pijn zullen voelen, waarom dan toch net dat groepje uit de duizenden uitbrekers gepikt, die het hebben overleefd?

Want daarmee zijn we in één klap terug bij Hollywood.

En daar wordt een mens nooit veel wijzer van.

KHF 3: Liever een mercedes voor de deur, dan …

PeperAlweer twee maanden geleden had Ekke Overbeek in dagblad Trouw voor onze ‘wat-is-er-mis-discussie’ een interessant punt te pakken. De aanleiding voor zijn artikel was de huidige gemoedstoestand in Polen (en andere Oost-Europese landen) als het gaat om Europees denken en opereren in een gezamenlijke politieke en humanitaire context, in concreto in deze tijden van vluchtelingenproblematiek.

De vluchtelingenquota van Juncker kwamen er bij de Polen, Slowaken en Hongaren niet in. Het westelijk deel van de Unie reageerde bevreemd en verongelijkt om de Visegrád-landen vervolgens gebrek aan solidariteit te verwijten. Dwang hing in de lucht waarop de poot nog stijver kwam te staan. Terloops kondigde Overbeek ook de overwinning van de typische stijve poten-partij PiS al aan, die inderdaad in oktober – onder aanvoering van het tactische duo Kaczyński / Szydłó – een absolute meerderheid behaalde in het Poolse parlement (het stuk is hier nog integraal te lezen).

Om eindelijk bij de echt spannende kern van zijn betoog aan te komen: het rondje dat Overbeek zich permiteert langs de ‘dug-outs’ van de Poolse velden, de politiek-culturele bastions van enige ‘zuilen’ van maatschappelijk Polen. Visitekaartjes van een oud-solidarnosc activist, van een schrijver van een alternatief historisch scenario, van een historisch revisonist die geschiedpolitiek bedrijft en van een linkse socioloog.  De clou: ze zijn volgens Overbeek opvallend eensgezind in hun oordeel:

Door de grote onderlinge verschillen – oud, jong, links, rechts – vallen de overeenkomsten des te meer op. Alle vier auteurs ondermijnen mythes over Polen als een fundamenteel nobel en onbaatzuchtig volk. We waren naïef of zelfs dom en daar deden buitenlanders en vreemde mogendheden hun voordeel mee. Realiteitszin is geboden (…).

Over de hele linie lijkt een reveille aan de gang, met terugwerkende kracht zet men vraagtekens bij gebeurtenissen en niet in de laatste plaats ook bij de narratieven die daaruit voortsproten, één en ander teneinde beter beslagen ten ijs te komen. Dit valt wat rauw op het westerse dak, wellicht. Waarom zijn ze niet gewoon tevreden en doen ze lekker mee, daar?

Overbeek:

Oost blijft moeilijk te begrijpen voor West. De lange tenen, de korte lontjes. Het heeft te maken met een ambigu zelfbeeld, het onbehagelijke gevoel een goedkope afdruk te zijn van een westers origineel, het gedeukte ego van de gastarbeider en de onderaannemer, een identiteit die zit als een pak uit een tweedehandswinkel.

(…)

De welvaartsgroei is nog te klein om je gelijkwaardig te voelen, maar groot genoeg om ambities en frustratie te voeden. De anti-liberale revolutie van Orbán en Kaczynski is daar een antwoord op. Als wij geen erkenning krijgen, dan eisen wij haar luidkeels. Helpt dat niet, dan geven wij onszelf die erkenning. Op zo’n moment slaat een minderwaardigheidscomplex om in zijn tegendeel: Europa is ziek! Wij zijn gezond!

Zie hier een redelijk verfijnde poging om de halstarrige democratieen van Polen en (bij verstek ook) Hongarije enigszins te verklaren.

En toch is het het nog net niet.

Dat minderwaardigheidscomplex zit me dwars. Het is iets te makkelijk. Het doet denken aan onze eigen beeldenstormers en hoe die werden weggedrukt door regentesk Nederland. Ik bedoel nu met name Pim Fortuyn en, vooruit, Hans Janmaat van de Centrumpartij / CD misschien ook nog wel. Toendertijd uitermate discutabel ontvangen en doodgezwegen door het verlichte deel van Nederland, nu hier en daar al onderwerp van melancholische devotie geworden en geroemd om hun avantgardistische directheid: ‘ze wilden onverbloemd kunnen zeggen waar het (volgens hen) op stond’.

In taal die de samenleving van toen niet aankon, dacht men bij de media en in politiek Den Haag.

Natuurlijk willen mensen in Hongarije graag een mercedes voor de deur om af te kunnen rekenen met dat oostblok aan hun been. Maar dat links in Polen volledig – en in Hongarije bijna – is weggevaagd, is wellicht een signaal voor iets anders.

Oost Europa heeft nauwelijks een ‘klik’ met westerse idealen. Tenminste, niet in de landelijke politiek. Ten dele omdat idealen ‘hol’ zijn (de socialistische erfenis) en verder omdat we in een ‘boter-bij-de-vis’ tijd leven. Ongegeneerd idealen vertolken komt je als politikus of bestuurder nu eenmaal duur te staan in deze tijd van reaguurders en absurde extremen. Dat kan oneerbiedig overkomen, zeker, maar opportunisme en machiavelliaanse machtsspelletjes leer je al in de zandbak. Aan de andere kant: als je nooit geleerd hebt dat vreemdelingenhaat eigenlijk niet kan, dan heb je dat nooit geleerd.

Wordt (dus) vervolgd …