Tag Archives: triffid

To Whom It May Concern: de triffids komen (terug)!

triffidStel we accepteren dat ons brein gretig is. Dol op nieuwigheden, ook. Te allen tijde bereid zich verlengstukken aan te meten om zijn onstelpbare honger naar de buitenwereld – naar groei en beheersing daarvan – te bevredigen.

Neem de auto. Voor iemand met enige ervaring en bekendheid ter plekke is van A naar B rijden vaak een routineklus. Hoeven we niet meer bij stil te staan. Ons brein lost het vrijwel zelfstandig op, als ware de auto een volledig geintegreerd onderdeel van ons eigen lichaam. Zo kunnen we onderweg ons bewustzijn sparen en gebruiken voor belangrijkere zaken.

Waar zou die manie alles te incorporeren ergens ophouden? Eén op één gaat het verhaal mooi op voor de klassieke ‘dode’ hulpstukken, zoals een auto of een zwaard. Maar hoe zit dat met een computer, bijvoorbeeld? Of specifieker: het Internet?

Al surfend scheer je onmiskenbaar langs de werelden van anderen, langs een plethora aan bewustzijnsmanifestaties, waarvan je met goed fatsoen niet meer kunt volhouden dat jij dat allemaal ‘bent’ of ooit zult worden. Het woord ‘interactief’ komt opborrelen, aanduidend dat het gretige brein hier misschien wel op een fundamentele grens is gestuit.

Aan de andere kant is het internet onovertroffen als referentie, als vraagbaak, als ‘externe hard schijf’. Wat dat betreft past het juist weer prima in het plaatje. Zo ligt het voor de hand dat de lexicologische en sommige andere functies van ons brein zullen verminderen, nu we voor navigatie, voor feitenkennis, voor ontspanning en voor allerhande communicatiedoelen steeds makkelijker naar een beeldscherm turen. Het brein heeft allang in de gaten wat internet allemaal kan, – kijk maar naar de jongste generatie.

De vonk, dat zijn wij ergens nog wel maar de substantie, die vissen we uit het net (halen we uit de cloud).

Maar toen. Een houtshredder dichtbij zorgde voor enkele ongemakkelijke associaties. Wie nog weet wat een triffid is of was, kan daar misschien wel inkomen (vonk). Zoekend op internet naar een bevestigend plaatje van de bewuste triffids uit de film (die uit 1983, geloof ik), kwam ik weinig substantie tegen. De triffids die ik kon vinden hadden minder weg van de houtshredder dan ik me meende te herinneren. In het kort: de substantie was niet bij machte mijn vonk te belichamen. Wat ik wel vond, was een plaatje met, jawel, houtshredders op een rijtje, met daarbij de opmerking dat de triffids opgesteld stonden (of iets dergelijks). Uit Schotland, nota bene! Een pracht van een zeldzame vonk-vonk ervaring die ver uitsteeg boven het gekeutel van mijn gretige brein in concert met het google-syndicaat.

Twintig jaar werd ik teruggezet. Zwoegend en zwetend in Diablo’s onderwereld kwam toen in ene het fenomeen multiplayer game om de hoek kijken: een maatje! Lange tijd zwierven we samen rond, onuitgesproken gelukkig met elkaar. Maar natuurlijk brak het moment aan dat ik hem of haar toch echt moest achterlaten (of andersom, hou me ten goede).

Wat daar toen aan weemoed bij vrijkwam, zou het allergretigste brein nog overstelpt hebben. Geloof ik.