Tag Archives: verkiezingen 2018

Verkiezingen Hongarije op 8 april 2018: de dunne rode lijn

ongersman.nlDe datum voor de Hongaarse Parlementsverkiezingen is door president János Áder vastgesteld op zondag 8 april 2018. Heel fijn natuurlijk maar wordt het ook wat?

Waarom eigenlijk niet? Uiteindelijk kan dat kruisje overal terechtkomen, toch?

Maar waarschijnlijk verandert er niets. De ‘voorsprong’ van Fidesz is torenhoog en zelfs in deze tijden van relatieve vrede weet de Fidesz-machinerie de oppositie zonder moeite in bedwang te houden. Wat zou er gebeuren als Orbán zich echt bedreigd zou voelen?

En wat zou de oppositie kunnen doen?

Oppositie valt in twee groepen uiteen. Eeuwenoude groepen, zeer herkenbaar wellicht. Hebben bijvoorbeeld lijntjes naar het historisch materialisme. Of, voor de kijkers thuis: burgemeester in oorlogstijd. Waarom? Omdat er twee basishoudingen bestaan tegenover verandering. Radicaal en geleidelijk. (Als verandering tenminste nog steeds nodig mocht zijn en me dunkt dat je daar in Hongarije wel volmondig ja op kunt zeggen.)

Mensen, samenlevingen, politieke systemen kunnen niet voortdurend onder druk staan. In crisistoestand bestaan. Hongarije staat al minstens 100 jaar (always remember “Trianon”) onder druk en het einde is nauwelijks in zicht. Dan is op gegeven moment toch echt de referentie weg en komt het moment dat alles gaat glijden.

Vandaar dat sommige slimme koppen stellen dat voor Hongarije de veranderingen altijd van buiten moeten komen. Wat er binnenshuis gebeurt, is en blijft gerommel in de marge. Zelfbevrediging over groezelige porno.

De symptomen zijn zichtbaar bij kritische volgers van het overheidsbeleid. Wat valt er zoal te beluisteren:

    • niveau 1: Er komt een volksopstand. In kringen van Jobbik-aanhangers, onder hen die gezegend zijn met een ongezonde dosis zelfoverschatting, komt deze reactie tamelijk veel voor.
    • niveau 2: Er verandert niets. De situatie is door en door hopeloos, volgens linksere kringen die netjes bijhouden waar en hoe Fidesz overal de fout in gaat, waarom fout fout is en waarom daarop toch maar geen normaal antwoord mogelijk lijkt.
    • niveau 3: …

Ja, wat zou niveau 3 eigenlijk zijn?

Even terug naar de arena. Kunnen we zeggen dat er ontwikkeling in zit? Zijn we getuige van een leerproces?

Wat Fidesz momenteel uitvoert, is in hoge mate anders dan alles wat ervoor is gepresenteerd. Toch heeft het steeds minder te maken met het de vrije, open en tolerante rechtstaat, die groeien kan door ruimte te bieden aan dissonante geluiden, zoals die bij gebrek aan beter in Europa nog immer gehanteerd wordt als second best.

Fidesz is niet geneigd tot het democratisch gerechtvaardigd nemen en bekleden van de verantwoordelijkheid voor een volledige samenleving. Wat er aan het Kossuth tér en in de ministeries en restaurants eromheen gebeurt, lijkt weinig meer op het voeren van brede maatschappelijk debatten over lopende zaken. De nieuwe weg van Fidesz ontsluit een parodie, gegrondvest op machtsverhoudingen en puttend uit angst – van twee kanten, van de medestanders en de tegenstanders; verder op het onderdrukken van communicatie, van tolerantie, van afwijkend gedrag en – denken, van mogelijkheden voor constructieve bijdragen en van kritiek uitgeoefend door om het even wat voor denkbare overige partijen, politiek of in bredere zin maatschappelijk.

Als we even inzoomen wordt het alleen maar schrijnender. Onder het mom van ‘politieke’ mening morrelen regeringsleden en prominente partijbonzen met provocerende verklaringen openlijk aan de grondwettelijke garanties van democratische besluitvorming (denk aan het uit proberen te sluiten van oppositie uit nationale veiligheidscommissie); is machtsmisbruik schering en inslag (denk aan het verbod van de plakaten van Jobbik op basis van wet op stadsaangezicht en de decennialange geheimhouding van de documenten rond Paks). Nog steeds krijgen dergelijke acties de soms vruchtbare aandacht van het grondwettelijk hof maar steeds vaker doemt onwilekeurig de vraag op hoe lang dat nog zo blijft.

Vertegenwoordigers van Fidesz spreiden een schijnbaar historisch bepaalde arrogantie ten toon en voelen zich niet meer verplicht zich te verdedigen. Voorop natuurlijk hun  ministerpresident, die al tijden geen interviews en vragenuurtjes meer geeft. In deze samenleving is machtsmisbruik regel geworden, worden zonder zelfreflectie de meest idiote politiek en financieel gemotiveerde gelegenheidswetjes in elkaar geschroefd, beginnen (onafhankelijke) staatsorganen politiek gemotiveerde acties of laten juist dingen ongestoord varen.

Kortom: Slash and burn.

En dat gaat al zo sinds de Turken hier rondliepen. Mogelijk nog langer.

Is er een derde weg?

 

 

Verkiezingen 2018: het jachtseizoen is NU geopend!

ongersman.nlDe afgelopen week werd bekend dat de Jobbik, vanwege ongeoorloofde campagne-financieringen, een boete opgelegd heeft gekregen van 662 miljoen forint (ruim 2 miljoen euro), zonder mogelijkheid tot beroep. De ÁSz, zeg maar de Rekenkamer, had bepaald dat de steun die de partij ontvangen heeft tijdens de vorige verkiezingscampagne in 2009/2010, de regels heeft overschreden. Het gaat over de reclame-diensten die Lajos Simicska ter beschikking heeft gesteld. De boete, zo stelt het Jobbik bestuur, kan de partij ten gronde richten. Er is dan ook een inzamelingsactie begonnen die na vijf dagen 27 miljoen heeft opgeleverd.

Op as vrijdag (15 december) volgt er een ‘pro-Jobbik’ demonstratie in Boedapest, tegelijkertijd een belangrijke test voor de bereidheid tot samenwerking onder de oppositie: in hoeverre dienen ze deze partij te steunen. Iedereen lijkt wel wat anders te zeggen, waarbij de één stelt met het meedemonstreren niet zozeer voor Jobbik, maar vooral voor naleven van rechtsstaatprincipes te demonstreren (a la Voltaire en vrije meningsuiting voor iedereen), de ander wonderwel juist in dit geval de regels van de rechtsstaat meent te moeten eerbiedigen en de acties van Simicska niet ongestrafd meent te willen laten (Kétfarkú Kutyapárt). Momentum en LMP gaan overigens wel, MSZP, DK en PM gaan niet demonstreren aan de zijde van Jobbik.

Even terug naar wie er van de partij zal zijn in 2018:

Van de MSZP zei de vorige MSZP-lijsttrekker László Botka bij zijn afscheid dus dat er buiten en binnen de partij krachten zijn die Orbán helemaal niet wensen te verwijderen. Oftewel: interne strubbelingen en achterklap tieren welig over, door en benevens de oeroude onderonsjes en eentweetjes van de politieke machtsblokken van weleer. Toch blijft de MSZP – met de Jobbik – één van de grootste oogsters van anti-Fidesz sentiment op het platteland. Maar misschien dat er nu echt een frisse tegenwind opsteekt voor Orbán: Lijsttrekker voor de MSZP, zo is recent bekend geworden, wordt de outsider Gergely Karácsony, afkomstig van de partij Párbeszéd (Dialoog) en de huidige burgemeester van het Boedapest stadsdeel Zugló, dat als één van de weinige qua burgemeester niet in handen is van Fidesz.

In 2014 behaalde Összefogás 2014, de alliantie van MSZP en vier kleinere linkse partijen, 38 zetels (29 voor MSZP). De overige partijen waren de volgende:

  • DK is de partij van coulissenstuk Ferenc Gyurcsány, die maar niet lijkt te snappen dat het oprollen van een systeem niet door het systeem zelf kan gebeuren
  • Együtt, de partij van Gordon Bajnai en van Péter Juhász, de laatste één van de grootste critici van het beleid in Boedapest
  • Párbeszéd, de partij van Gergely Karácsony
  • En de MLP, de Hongaarse Liberale partij van oudgediende Gábor Fodor (ex-Fidesz, ex- SzDSz)

De LMP is al sinds 2009 een volwaardige alternatieve partij die een frisse wind probeert te laten waaien. Kopstukken zijn de onvermoeide Bernadett Szél en de anti-corruptie-held (ook ex-Fidesz, geen slechte combinatie) Ákos Hadházy. Ook PM’ers Gergely Karácsony, Timea Szabó en Rebeka Szabó, en Együtt-kopstuk Péter Juhász behoorden ooit tot LMP; András Schiffer is in juni 2016 als leider van de LMP gestopt. Mogelijk vanwege dit roerige verleden staat het LMP bestuur niet erg te trappelen om nauwe samenwerking aan te gaan met andere partijen: ze hebben hun kieslijst al ingeleverd. Echter, zolang het de Fidesz lukt deze partij in de hoek van de hashkikkers en van vluchtelingen- en transgenderknuffelaars te duwen, hoeven ze hun tong alleen in het parlement te vrezen – en dat haalt de televisie toch maar zelden.

Momentum, tenslotte, is een interessante nieuwkomer deze keer met als leider András Fekete-Győr. Een zeer jonge, op Europa gerichte beweging en partij waarbij Fidesz flink moeite heeft ze aan te pakken. Hun voorlopige hoogtijdagen beleefden ze begin 2017 rond het referendum over de Olympische Spelen, waarbij ruim de benodigde hoeveelheid handtekeningen (266 duizend) op werd gehaald voor het houden van een referendum – wat op zichzelf al een behoorlijke presatie is – waarna de regering de eer aan zichzelf hield en verkoos af te zien van het willen houden van de Olympische Zomerspelen 2024. Sindsdien versterkt Momentum de regionale en lokale basis en hebben ze aangekondigd mee te willen doen aan de verkiezingen in 2018.

ongersman.nl
Bron: Republikon / 24.hu

Hoe zit het met de populariteit van de diverse politieke partijen? Volgens 24.hu staat de oppositie er helemaal niet rooskleurig op. Onder de stemmers met partijvoorkeur groeit de populariteit van Fidesz alleen maar. De overige partijen wisselen wat zetels, Jobbik verliest. Maar uiteindelijk moet natuurlijk de grote overgebleven groep van zwevende kiezers – 40% – de doorslag gaan geven.

Geen wonder dat de campagne dus hard gespeeld gaat worden.

  • Jobbik gebruikt nu merkwaardig genoeg de in wezen diep anti-fascistische slogan “Vandaag zijn wij aan de beurt, morgen jullie!”
  • Fidesz is hard bezig om Gergely Karácsony (zie onder) in de zeik te zetten (bij Origo verscheen een tape-opname waarin hij stelt dat hij ‘het kan missen als kiespijn’, die lijsttrekkersrol)
  • LMP heeft een lijst uitgedeeld met de criminele activiteiten waarvoor de Fidesz-coryfeeen vervolgd zullen gaan worden, na de verkiezingen

Blijft over de vraag hoe de oppositie nu de meeste kans heeft om een klap uit te delen, straks over een maand of vier.

Volgende keer: campagne voeren in tijden van cynisme.

Hongaarse verkiezingen 2018: oude zakken OK – goede wijn ver te zoeken

In het voorjaar van 2018 – precieze datum nog onbekend – is het weer zover. Hongarije mag naar de stembus. De grote vraag is natuurlijk of de parlementaire hegemonie van Fidesz-KDNP deze keer wel gebroken kan worden, en hoe dan? Tijd om de balans op te maken en de kaarten te schudden!

Echt overzichtelijk is het speelveld momenteel niet. Waar Fidesz-KDNP vanuit een relatief comfortable positie zich al heeft gepermitteerd een weinig opzienbarende kieslijst in te dienen, lijken bij de oppositie de gelederen slechts in één opzicht gesloten: Orbán moet weg. Hoe, dat is dan natuurlijk vers twee.

Hoe zat het ook al weer met die verkiezingen?

Zoals bekend begon de echte opmars van Fidesz-KDNP in het jaar 2010. In dat bewuste revolutie-jaar, zoals Fidesz het graag betiteld, behaalde de partij 53 % van de stemmen en 68 % van de zetels. Dat was nog met het oude twee-rondes systeem, dat ook toen al trekjes had van the winner takes it all.  Zo populair is Fidesz in ieder geval sindsdien niet meer geweest, al zul je dat aan hun zetels niet snel merken.

De tweederde meerheid heeft Fidesz in de eerste jaren effectief ingezet om, onder andere, het kiesstelsel grondig te renoveren. De twee rondes werden afgeschafd, het totaal aantal zetels ging van 386 naar 199, de verhouding tussen direct verkozenen van districtlijsten en de toegevoegde zetels van de landelijke (compensatie-) lijsten veranderde en al met al werd het nieuwe stelsel er één met het oog op ‘de gevestigde macht houdt het all‘. Lang is er gedokterd, vooral, ophet optimale aantal en de optimale vorm en samenstelling van de kiesdistricten.

In 2014 haalde Fidesz met 45% van de stemmen dan ook nog steeds 67% van de zetels tegen de overige partijen met 55 % van de stemmen dus 33%. De tweederde meerderheid in het parlement raakte Fidesz-KDNP in 2015 echter kwijt, vanwege plaatselijke verkiezingen voor twee tussentijds vrijgekomen zetels. De zetels gingen allebei naar de Jobbik.

En dan nu wat over het wat nu menu!

Om Fidesz KDNP te kunnen verslaan is derhalve meer nodig dan veel splinterpartijtjes met mooie namen. Zeker gezien de extra complicatie dat de kiesdrempel voor een enkele partij op 5% ligt, maar bij lijstverbindingen van 2 alweer op 10%, en van drie dus op 15%. Pogingen tot het maken van lijstverbindingen en andere samenwerkingsverbanden zijn dan ook al zo oud (en vaak onvruchtbaar) als slechte wijn zelf. Verder ligt de lat nu ook hoger: niet alleen de poppetjes van Fidesz dienen te worden verslagen maar ook het stelsel van bovengenoemde electorale loopgraven waar Fidesz zich zo comfortabel in heeft weten te nestelen.

MSZP, DK, Együtt PM en de Liberalen hadden in 2014 de Összefogás 2014. Deze lijstverbinding kon toen rekenen op flinke belangstelling van de kiezers – een kwart van de stemmen en eenvijfde van de zetels. Na de verkiezingen viel het verband weliswaar weer uit elkaar maar de wil om samen te werken blijft aanwezig. Puntje van aandacht met deze club is wel, dat er bij de overige oppositiepartijen hardnekkige twijfels blijven over de daadwerkelijke bereidheid offers te brengen om het systeem te veranderen. We hebben het hier natuurlijk wel, o.a., over de MSZP, de opvolger van de oude communistisch-socialistische partij van weleer en de DK, de kloon-partij van diens favoriete kroonprins Ferenc Gyúrcsány. Corruptie onder MSZP-gelieerde regeringen was vroeger ook zeker niet onbekend. En een naar en uiterst besmettelijk aspect van het aloude ping-pongmodel van de Hongaarse politiek blijft nu eenmaal het fenomeen dat policiti van beider pluimage geleerd hebben om de oppositie mee te laten delen in de (corruptie-) opbrengsten, bijvoorbeeld om toekomstige bijltjesdagen te voorkomen. Dat de partijen van Összefogás 2014 het roer graag over zouden willen nemen zal best maar strafrechtelijke vervolging voor de enorme verduisteringen en malversaties die er de afgelopen acht jaar zijn opgetreden staat niet erg hoog in hun vaandel.

Hoezeer Fidesz ook haar best doet om het tegendeel te bewijzen, een dergelijke erfsmet lijkt minder van toepassing op de Jobbik. Natuurlijk is ideologisch niet elke partij ervoor te porren maar het belang van Jobbik bij het omverwerpen van het door Fidesz opgebouwde systeem is ontegenzeggelijk cruciaal. De partij staat aan rechterzijde van Fidesz en melkt aldaar de publieke weerzin tegen de omvangrijke corruptie en de onverkorte verpatsing en uitverkoop van het ‘vaderland’. Jobbik had in 2014 in absolute getallen iets minder dan de helft van het aantal kiezers dat Fidesz had en is in het parlement op dit moment de grootste oppositiepartij met 24 van de 199 zetels. Jobbik is als een pitbull die geen gelegenheid onbenut laat om de Hongaarse bevolking erop te wijzen hoe corrupt en hypocriet Fidesz bezig is. En met de afvallige ex-Fidesz media-tycoon Lajos Simicska (Magyar Nemzet Online, Hir TV) aan hun zijde hebben ze ook nog eens een aardig bereik bij de kiezers. Feitelijk is dit Fidesz’s meest gevreesde tegenstander.

In kort bestek ligt de wei dus helemaal open voor een twee-flanken aanval. Bijvoorbeeld, aangaande vluchtelingenbeleid. 1) Wie dol is op vluchtelingen of ze gewoon als mensen zou willen zien, die kan weg bij Fidesz en stemt voor een linkse partij; 2) Wie niet houdt van de dubbele moraal van Fidesz als het gaat om buitenlanders/vluchtelingen – rijke vreemdelingen (tegen betaling) wel toelaten, maar ook feitelijk naar Brusselse maatstaven ook meer asielzoekers toelaten dan je op basis van de bombastische zelfreclame zou geloven (dit is het hypocrisie-stukje, dus) die kan dus ook weg want die kan naar Jobbik! Zo simpel kan het gaan.

Vandaar dat ook Jobbik’s Gábor Vóna er regelmatig bij betrokken wordt als het gaat om strategische samenwerking om Fidesz van de troon te stoten. Prominente vertegenwoordigers van alle betrokken oppositiepartijen spelen al tijden openlijk en minder openlijk met de gedachte en de noodzaak tot nadere samenwerking. MSZP, PM en andere linkse partijen hebben alweer afspraken gemaakt. DK is wat voorzichtiger, terwijl het erop lijkt dat de echte vernieuwers op linkerzijde – de LMP en Momentum – het meest te lijden zouden kunnen hebben van al te innige samenwerking.

Maar daarover de volgende keer meer.