Tag Archives: Viktor Orbán

CEU in Brussels: Weg met die leuzen en one-liners!

ongersman.nl

Het wordt spannend vandaag. Om 15.30 zal het Europese Parlement een plenaire bijeenkomst houden over Hongarije, waarbij EU Commissaris Frans Timmermans zich met Viktor Orbán gaat onderhouden.

Het eerste wapenfeit is al binnen. Vanochtend heeft de Europese Commissie besloten om de Lex CEU aan te gaan pakken. De besluitvorming is niet conform EU regels geweest, zo oordeelde de Commissie. Vanmiddag zal er verder worden gepraat over – naar verwachting – de NGO wet (mensenrechten, basiswaarden EU), over de anti-EU campagne van afgelopen weken en over zekere uitspraken van de regering Orbán, welke lijnrecht indruisten tegen EU opvattingen (felicitaties aan Erdogan, uitspraken over Macedonie).


UPDATE

– in stukjes het verslag en de verschillende toespraken tijdens het debat: hier

Impressie: Hoewel er hier en daar harde woorden klonken – van Timmermans, Verhofstadt en anderen – was het verweer voor Orbán redelijk makkelijk en kreeg hij ook parlementariers achter zich (en niet alleen Fidesz-soldaten). Het lukte hem verder behoorlijk om de bal terug te kaatsen met vluchtelingenrethoriek en doordat het debat allerlei zijwegen ging bewandelen. Verschillende keren werd hij opgeroepen de keus te maken voor of tegen Europa, waarop hij braaf vertelde een echte Europeaan te zijn en dat Hongaren erg van Europa houden. Ook schijnt hij dol te zijn op dialoog. Hongaren zijn wel trots, en gewoon een beetje anders, dat moet Brussel wel begrijpen. Timmermans nam vervolgens de handschoen op en stelde  door te willen gaan met samenwerken.

Citaten:

“My question is: how far will you go? What will be the next thing? Burning books on the Kossuth square?” – Verhofstadt

“With lack of arguments, we only get insults” – Timmermans

“Ik denk vanalles over Soros, maar niet, dat hij ervanuit gaat dat als hij iemand een beurs geeft, hij voor de rest van zijn leven op diens loyaliteit kan rekenen” – Orbán

“Vergeet niet: De nettobetalers aan de Europese Unie zijn ook degenen die het meeste profijt ervan hebben” – Orbán

Stemming – standpuntbepaling EP: 1 mei


Daaromheen slingert dan nog het conflict dat Orbán heeft met zijn peers van de Europese Volkspartij, de fractie waartoe Fidesz-KDNP in Brussel behoort. Ook daar werden harde woorden geuit, met als doel de terugkeer van Fidesz, democratische kampioen van weleer, tot de Europese moederborst. Volgens een brief, gisteren nog uitgezonden door Fidesz aan het partijbestuur en door Népszava besproken, wil Fidesz dat best. Sterker nog: ze kunnen het hele misverstand nog uitleggen ook.

Het zal wel.

Brian Dooley schrijft tijdens een in The Guardian gevoerde discussie:

“Orbán and his apologists can call what’s happening in Hungary what they like, but if it looks and swims and quacks like a government undermining democracy, it probably is.”

Het spel dat gespeeld wordt, is niet simpelweg meer een gevalletje van eb-en-vloed. Het gaat hier niet om een klassieke vorm van politiek bedrijven, van een hoog-ingezette maatregel die na voorspelbare weerstand gereduceerd kan worden – tot ieders grote tevredenheid – tot een wat minder extreme maatregel.

Orbán heeft op hoog niveau leren schaken, van Arthur Finkelstein. Deze mediaschuwe, in negatieve campagne gespecialiseerde politiek adviseur (inmiddels op leeftijd) heeft generaties conservatief Amerika en rechtse regeringen over de hele wereld van advies gediend. De Hongaarse verdeel- en heerstrucjes, de campagne tegen de kritische groeperingen in de samenleving – tot en met het anti-Sorosdenken en het beschimpen van de term liberal aan toe: al deze dingen zijn al eerder uitgevoerd op vergelijkbare wijze, op de Balkan, in Israel en, natuurlijk, in Rusland (hoewel ze daar waarschijnlijk geen hulp van Finkelstein nodig hadden).

Negatieve campagne, dus. Finkelstein zegt ergens in het Youtube filmpje, dat

“people get elected for the silliest reasons”

en vervolgens pakt hij uit hoe succesvol hij is als het erom gaat die ‘silly reasons’ te creeren.

Zijn cynisme, ook niet onbekend in Hongarije, is weerzinwekkend. Het doet denken aan foute sf-films, aan parasieten, vermolmde structuren, eendagsvliegen en terminale toestanden.

Maar voor Fidesz is de conclusie dat het elke dag van het jaar campagne-dag is. Negatieve campagne-dag.

“Daar is het gras groener!”

Het weigeren van de uitgestoken hand is typisch gedrag voor regeringen met identiteitsproblemen. Iedereen in een straal van 2000 kilometer rond Brussel weet dat Europa het moeilijk gaat krijgen de komende decennia, dus wat is dat dan voor een weekdier dat, na het leegeten van de ruif, het bos invlucht met achterlating van de rekeningen en de afwas? Of beter gezegd: het volk het bos instuurt, want zelf hebben ze hun zaakjes – en hun kinderen – allang op het droge, nietwaar?

Misschien moeten we Marx één ding meegeven. Hij was een goed pedagoog, want in het oostblok hebben zowel voor– als tegenstanders het goed begrepen: de praktijk is het enige criterium voor waarheid.

Goede vraag wat Brussel nu zou moeten doen. Begrijpt een regering die zelf, thuis, alleen macht erkent en inzet, elders de waarde van dialoog? Of is het alleen maar tijdrekken, tot de volgende verkiezingen? Feit is dat Hongarije kwetsbaar is. Trump kwam, maar kon niet worden overtuigd. Wilders en Le Pen moeten zich vooralsnog nog bewijzen en het hart van Europa komt langzaam wat tot rust. Tijd om constructief te worden.

Maar zonder dictators.

Het Orbán-systeem door Péter Tölgyessy, interview met Olga Kálmán

ongersman.nl

Tölgyessy Péter was te gast bij het nieuwe programma van Kálmán Olga, Egyenes. Tölgyessy was gedurende de Omwenteling in Hongarije, 1989, lid van het Ronde Tafel-genootschap, werd later belangrijk politicus van de SZDSZ, voorzitter van die partij en kamerlid tot 1996, toen hij partij verliet uit onvrede met de koers. Van 1998 tot en met 2006 was hij kamerlid voor Fidesz. In 2006 stelde hij zich niet meer verkiesbaar en trok zich terug uit de actieve politiek. Als medewerker van de Hongaarse Academie voor de Wetenschappen, MTA, houdt hij zich bezig met de grondwettelijke continuiteit sinds de Omwenteling en andere gerechtspolitieke onderwerpen.

Hier volgt een verslag van het gesprek.

——————————————

Kálmán Olga: Na de verkiezing van de president van de republiek, gisteren, verklaarden de verliezende politiek partijen dat ze eigenlijk uit symboliek achter de tegenkandidaat stonden, klopt dat, Péter?

Tölgyessy Péter: De president zegt weinig maar als hij wat zegt, dan heeft dat gewicht. Sinds 2010 werkt het niet meer zo, men lijkt het idee te volgen dat ‘Hongarije maar klein is’, zodat ‘één slim persoon genoeg is’. De Ministerpresident wil vaak ook de symbolische leider zijn van het land. Schmidt Pál was geschikt voor die ondergeschikte rol. Áder János, de volgende, is een oude makker van Orbán, die zich op zich wel identificeert met het systeem, maar regelmatig, al is het met kleine gebaren, laat zien dat hij het niet helemaal eens is met de gang van zaken. Wat dat betreft klopt het dat er sprake van was dat Orbán hem wilde omruilen. Maar dat heeft hij niet gedaan, hij leert zo zijn eigen systeem ook kennen. Door de acties van Áder wordt het systeem intelligenter, dat heeft Orbán ingezien. Hij krijgt terugkoppeling en daarbij krijgt het systeem ook een menselijk gezicht.

KO: Wat is dat systeem van Orbán?

TP: In Hongarije heeft de overgangseconomie gefaald. De hoop van 1989 is niet ingelost. We zijn als land gefrustreerd en vol met haat. De deelname aan de verkiezingen bij ons was veel lager dan in de ons omringende landen met vergelijkbare achtergronden. Vanaf het begin af aan al en dat is er niet veel beter op geworden. De participatie van de kiezers ging achteruit tot 43% in 2002. In 2006 begaf, zoals we weten (noot: rellen rondom Gyurcsány) de politiek zich op straat. Orbán heeft vanalles veranderd aan de grondwet en staatsinrichting, veel doet niet ter zake, maar de essentie is dat het systeem nu in beton gegoten is.

KO: Kunnen we dat zo zeggen?

TP: Er zijn twee succesvolle cycli geweest en als we de aanwijzingen mogen geloven – de peilingen, de toestand van de oppositie – dan zien we dat een volgende cyclus waarschijnlijk is. Maar niets is zeker, natuurlijk en Orbán weet dat hij elk moment gevaar loopt eruit te verdwijnen. Het spant er voortdurend om, want als er ooit weer een nieuwe regering komt, dan komt er ook weer een nieuw systeem. Het komt vaker voor dat leiders in deze streken met helicopters moeten vluchten. Orbán bouwt geconcentreerd zijn regeringsperiode op, naar de volgende verkiezingen, met inbegrip van de economische omstandigheden. Op het einde komt natuurlijk alles fijn bij de kiezers terecht. Hij geeft geen kans weg, hij houdt voortdurend de oppositie en de pers onder de knoet, want hij voelt dat hij weliswaar niet lijkt te kunnen worden afgelost, maar als het toch eens mocht gebeuren, wat dan?

KO: De participatie is laag en dat geeft aan dat het land niet democratisch werkt. Betekent dat nu dat Orbán dat heeft ingezien en bedacht heeft dat de slachtoffers van de situatie met zijn mooie woorden voor zich heeft kunnen winnen of heeft hij ingezien dat de situatie slecht was en wilde hij daar vervolgens echt iets aan doen?

TP: Waarschijnlijk denkt hij zelf het laatste, maar wat er gebeurd is, is dat hij vooral wilde slagen. Hij wilde succesvol worden. Al vanaf het begin werd de toestand in de gaten gehouden. In 1989 was hij progressiever dan de LMP nu. Toen kwam het trauma van 1994. Volgens de peilingen zou Fidesz gaan regeren. Alles wees erop. En toch hebben ze de verkiezingen toen verloren. Hij kwam tot de conclusie dat het westerse model, het consensusmodel, niet toepasbaar was. Dit land heeft figuren nodig als Horn (noot: toenmalige politiek leider van MSZP). Dat heeft hij ingezien. Wat we nu het Orbánisme noemen, hebben het land en Orbán samen gedaan. In 2009 hebben Amerikanen in de hele regio gemeten wat mensen vonden van hun situatie. Bij ons was de teleurstelling het hoogst. Op dat moment wist Orbán nog niet hoe zijn systeem eruit zou zien maar hij had wel overduidelijk in de gaten dat het westerse voorbeeld gefaald had. Hongarije was achtergebleven, er was iets anders nodig en dat heeft hij gedaan. Met dat alternatief heeft hij succes bereikt. Twee verkiezingen op rij is het succes geprolongeerd. Het was het resultaat van een vruchtbare interactie met de kiezers, dat is het geheim van zijn succes. Hij heeft een beeld aangereikt hoe dit land eruit moet gaan zien, een omvattend beeld, hoe Hongarije kan slagen. En dat zo, dat wij zelf niet schuldig zijn eraan –

KO: Dus hij was op zoek naar een zondebok?

TP: Ja, maar dan met enorme doorwerking. 25 jaar lang kwamen ze geen stap verder dus hij heeft twee dingen geleverd:

  • een verantwoordelijke aangewezen
  • de mythos, het verleden om kracht uit te putten

Het is niet voor niets dat sport zo’n fijn alternatief is. Dat ze massaal stadions zijn gaan bouwen. Denk aan het succes tijdens het EB vorig jaar. Heel het land was happy. En dat kan veel goedkoper dan het reorganiseren van de gezondheidszorg.

KO: Maar als Orbán steeds iemand anders aanbiedt als zondebok – de EU, Gyurcsány, Soros, immigranten – dan komt de kiezer daar toch een keer achter?

TP: Niet direct. Er zijn ook resultaten. Fidesz heeft het een en ander bereikt. Vorige leiders zaten voortdurend onder het juk van internationale leningen. Orbán heeft dat afgelost en is onder het juk vandaan gekomen. Met als resultaat autonomie. Klopt dat er daardoor minder geld beschikbaar is. Horn leefde nog heel erg op de pof en moest dan ook buigen voor het IMF. Orbán hoeft dat niet meer. Bokros (noot: oudpremier uit 90’er jaren) heeft dat ook geprobeerd, maar bij hem ging het fout. Te veel weerstand en onvrede. Orbán gaat intussen verder met het uitdelen van geld, maar dan anders dan voorheen. Hij gebruikt niet zozeer overheidsgeld om te verdelen, maar geeft liever het geld van ‘anderen’ aan de ‘goeden’. Het geld van nutsbedrijven aan de mensen (Rezsicsökkenés, verminderen van vaste lasten). Het geld van banken aan mensen (Devizacsökkenés, verminderen van aflossingstarieven), arbeiders krijgen geld van hun bazen. Ik heb daar nog eens een eclatant voorbeeld van meegemaakt. Er was overeenstemming bereikt tussen de werkgevers en werknemers – 6% loonsverhoging, komt ineens de regering ertussendoor: 25% verhoging. Het systeem heeft niet alleen altijd een zondebok paraat, maar ook manieren om vermogen van ‘slechten’ naar ‘goeden’ te sluizen. Daar horen ook bedrijven, persorganen, noem maar op bij, die afwisselend heen en weer worden geschoven, afgeremd of ondersteund. Liefst ten bate van een van de ‘onzen’ van Fidesz, maar het kan ook aan de rest van de bovenste middenklasse. Aan het eind van de cyclus krijgt arm Hongarije ook wat, maar dorpsbewoners hebben natuurlijk niet veel gasverbruik. Er wordt overal geld verdeeld.

KO: De armsten krijgen niet veel, hoe kan het dat het kamp van ontevredenen niet groeit, er zijn veel armen in het land?

TP: Armen zijn zelfs achteruit gegaan. Maar ze leggen het politieke verband niet. Ze gaan niet stemmen of ze kunnen worden gekocht met wat brandhout of etenswaren. Klinkt cynisch maar zo werkt het. En ze geloven dat het goed is voor hen, dat krijgen ze continu op tv te zien. Straks krijgen zij het ook beter, geloven ze. Maar het systeem is alleen geinteresseerd de upper 15% aan te laten sluiten bij het westers leefniveau.

KO: Want zij laten hun stem horen …

TP: Ja. Ons onsuccesvolle land kent een afwijkende economische cyclus. Toen het westerse model werd geintroduceerd volgde al snel de mislukking. Toen volgde een tegengestelde reactie met ander beleid, andere verdeelsleutels en interne steun aan de groepsleden. Dat waren reflexen, maar er zitten ook innovatieve en creatieve elementen in. Orbán is in hoge mate in staat het land te verdelen. Volgens zijn volgelingen is hij groter dan Kossuth, meer van het kaliber Sint Stefan. Tegenstanders zien dat precies omgekeerd. Maar buitenstanders erkennen dat wat hij doet, uiterst intelligent is.  Veel intelligenter dan hoe ze het in Polen doen, bijvoorbeeld. Orbán wil politieke stabiliteit bieden. Dat is gelukt. Afgelopen eeuw zijn bij ons (in Hongarije) de succesvolle systemen, meestal systemen geweest die politieke stabiliteit boden. Maar dat deelsucces ging vrijwel nooit gepaard met een goed resultaat, met een succesvol doel dat bereikt kon worden; hun opvattingen leiden zogezegd nergens toe. Dat Orbán op basis van vriendjespolitiek en niet op competentie mensen benoemd, bijvoorbeeld, dat werkt niet. De boodschap die daar vanuit gaat is ook verkeerd: je hoeft niet te voldoen aan economische wetten, maar aan die van de hierarchie. Maar je ziet het niet aan de resultaten: Hongarije heeft precies een anticyclische economische ontwikkeling laten zien. Eerst was de economische groei laag onder het juiste model, nu is het beter geworden – zij het onder een totaal ongeschikt model. Dus het effect is niet zichtbaar geworden voor de kiezer. Dat is een mazzeltje voor ze en Fidesz kan zich het huidige resultaat toerekenen.

KO: Als het zo cyclisch is en blijft, hoe lang houdt zo’n systeem stand en wat kan het omgooien?

TP: Meestal gebeurt dat door een internationale trend, vooral voor de Hongaarse werkelijkheid. Onze werkelijkheid was dat er een oppositie was, dat de macht niet kon worden gewisseld, etc de oppositie heeft maar één keer gewonnen van de politieke tegenstader en die afgelost zonder diepgaande veranderingen in de structuur: dat was in 1905. Dat is dus geen model voor ons. Hier verdwijnt een systeem in zijn geheel, op instigatie van internationale gebeurteniseen, met de oppositie samen. Ze horen bij elkaar, netjes afwisselen komt niet voor. Misschien dat het nu anders wordt, maar aangezien Orbán nu heel stevig zit, en positieve terugkoppeling krijgt in Europa en ook de VS, lijkt het erop dat dit behoorlijk massief zal blijken te zijn.

OV is heel slim, en brengt de twee tegengestelde tradities voortdurend in conflict. Hij cultiveert de tegenstelling, de zogenaamde ‘kurucus’ weerstand van weleer. Hij zegt vaak: Hongaren zijn altijd ontevreden, die woede projecteert hij op anderen, op externe partijen. Het volk denkt een krachtig leider nodig te hebben. Hij laat het volk buigen voor hem (noot: hier lijkt hij een mengsel van angst en ontzag te bedoelen) – en de oppositie heeft geen kracht iets daar tegenover te stellen.  De oppositie is daarbij ook onderdeel van het systeem zelf. Als een soort ‘over de band spelen’ bij biljarten. Hier geldt ‘verdeel en heers’, ook als het gaat om pers, de functie blijft intact en hij gebruikt de tegenkrachten, als een goed tuinman: als iets of iemand te gevaarlijk wordt, dan het mes erin en dan worden die hulpbronnen naar iemand anders toegespeeld.

Hier is links ten dele ook verantwoordelijk voor, want die heeft de jonge instroom veronachtzaamd, die zitten nu in het kamp van Jobbik, eventueel bij de LMP. Het is gelukt om de linkse krachten te demoniseren. Links is de satan, maar die kan wel worden overwonnen. Links versterkt dus met haar aanwezigheid het Fidesz-kamp, en dat ze fantastisch, meespelen in de Fidesz spelletjes.

Maar het systeem is nerveus en reageert erg snel, soms te heftig. Van Kádár, in 1988, dacht ook iedereen dat die vastgeklonken zat in de macht. Maar binnen een jaar was hij helemaal verdwenen.

KO: Wanner kan worden verwacht dat het zaakje op de helling gaat?

TP: Dat zullen internationale ontwikkelingen moeten worden. In 2010 heeft Orbán enorm veel risico gelopen. Het was niet zeker dat het zou gaan lukken wat hij wilde. Hij had gedurende zijn hele carriere opgelet, dingen geleerd in de lokale politiek en tijdens de jaren daarvoor, maar het was niet zeker dat dat wat hij had geleerd in het dorp, bij wijze van spreken, ook daarbuiten aan zou slaan. De EU was sceptisch, de VS golden toen nog als uitgesproken kritisch naar zijn bewind, het kwam er echt op aan of zijn politieke intuitie klopte. Maar inderdaad, die heeft geklopt. En de trends sindsdien hebben hem alleen maar nog meer rugwind gegeven.

KO: welke trends?

TP: Dat de middenklasse – mondiaal – erop achteruit gaat. Vroeger leefde iedere nieuwe generatie beter dan haar ouders. Dat is het geheim van het Amerikaanse wonder. Nu is dat minder geworden, de samenlevingen groeien uit elkaar, de tegenstelling tussen rijk en arm neemt toe. Middenstanders worden onzeker. En dan komen er politici die zeggen:? ‘Jullie hebben gelijk!’ De rol van de media is ook veranderd, natuurlijk, maar waar het op aankomt is dat wat de meerderheid leuk vindt, dat dat ook waar is. Veranderingen zijn onzeker. Het basisprobleem is dat de middenklasse dient te worden opgelift.

KO: Kan een nieuwe partij mogelijk de ontwikkelingen doorbreken?

TP: Nee, alleen Orbán heeft een sluitend narratief te bieden. De rest heeft niets met algemene geldigheid waar in geloofd kan worden. De rest is of gebaseerd op hele oude gedachten en tijden – a la Bokros – of een copie van Orbán’s aanpak met wat cosmetische veranderingen. Jobbik wil graag naar het midden toe bewegen, heeft het hele gedoe met de Garda en zo wat achter zich gelaten. Maar dat kan ook averechts werken. Dat Fidesz kan profiteren van die opschuiving.

Van Fidesz uit bezien, heb je links Satan en rechts het schooltje en de honingpot in één. De honing wordt verzameld in het Jobbik-kamp, totdat Fidesz de val opstelt en de aanval opent. Jobbik raakt beschadigd en de stemmen gaan naar Fidesz. Momentum is sympathiek maar geen ijsbreker. Jongeren zijn wel boos, maar dat is niet afdoende om succesvol te zijn. Ze staan ver van de kiezers. En de vraag of ze nu moeten samenwerken of niet? Momentum heeft gekozen: ik ga winnen, ik doe het alleen! Maar wie gelooft dat? Dat zijn 90 mensen, helemaal nieuw, die straks het land moeten gaan besturen …

KO: Wat is dan de toestand, hoe kan het wel? In 15 seconden graag!

TP: Er dient van buiten een verandering te komen, als de rest van Europa weer bijtrekt, dan komt de vraag – willen we naar het oosten of naar het westen kijken – vanzelf weer op tafel.

KO: Maar wie gaat de kar dan trekken?

TP: Als de poort opent, dan komt er vanzelf wel iemand, dat was – wat je ook van hem denkt (noot: Orbán) – in 1989 ook zo. De vraag is alleen: als de poort opengaat, is het land dan klaar om de stap te zetten?

Daar durf ik niet om te wedden.

———————————

Wie is die man wiens vlees ik snij?

ongersman.nlEr is goed nieuws. Viktor Orbán houdt zich internationaal tenminste koest. In Brussel liet zijn ego de kans liggen om tegen Tusk te stemmen en daarmee ook de kans om zich verder onmogelijk te maken in Europa.

Gelukkig. Maar aan het thuisfront liggen de zaken natuurlijk anders. Daar kookt het over en een deksel is nergens te vinden.

Németh Szilárd, de vice-voorzitter van Fidesz, is er na dertig jaar nu ook echt achtergekomen dat Soros slecht is. (George Soros, u weet wel, de speculant, multi-miljonair en filantroop van Hongaarse afkomst die vanuit de VS een groot criticus is van Orbán’s illiberale koers en al decennialang geldschieter achter de Central European University en talloze andere subdsidies en beurzen, gericht op het promoten van civil society.) Hoewel hij, Németh dus, waarschijnlijk ook een beetje jaloers zal zijn omdat hij er zelf nooit één gekregen heeft, vergeeft hij zijn Fidesz broertjes die in hun onbezonnen jonge jaren wel op kosten van Soros konden studeren  – Kóvács, Szájer, Orbán, Kövér, Deutsch – en stelt dat ze nu allemaal wel beter weten.

Waarom gaat het toch altijd weer over Soros? Overal duikt-ie op waar Fidesz vermoedt dat er iets onverwachts, mogelijk onaangenaams staat te gebeuren. Als ze los dreigen te worden gerukt van de moederborst waar ze, week en rossig, zalig liggen te lurken.

Zie origo.hu, een vroeger erg nuttig portal maar nu ingedaald als Fidesz-spreekbuis nr. 1. In de show die gemaakt wordt rond het afbreken van de nieuwe kritische partij Momentum zijn zij de cheerleaders. De medeleider van Momentum zou 12 miljoen forint van een bevriende investeerder (dit is niet Soros – er zijn er meer!) hebben geaccepteerd en zijn vader zou 444.hu pagina’s liken op facebook. En hij kan in verband worden gebracht met, inderdaad, je raadt het al: George Soros. Het één nog ongehoorder dan het ander!

Kun je denken: dit is slechts een portalletje, niet meer dan een rimpel in de Hongaarse Platjeszee, maar nee! Want nu wordt de staatstelevisie ook in stelling gebracht. Die het schokkende nieuws van Origo aan het volk presenteert, met opnieuw Soros als hoofdverdachte, hoofdschuldige en nationale hoofdboogieman. Momentum wordt gesteund, of zou kunnen worden gesteund, of indirect worden gesteund, of iemand die ze kennen wordt gesteund, of een werkplek waar ze connecties hebben wordt gesteund. Of anders duikt er altijd wel ergens iets van een stoeptegel op waarover ze hebben gelopen, die werd gesteund door … .

En omdat Freud zich bij voorkeur in versprekingen pleegt te manifesteren, mogen we u deze niet onthouden (met dank aan 444.hu):

 

Betudteling

einstein_questionWilt u, dat de Europese Unie ook zonder instemming van het Nationale Parlement verplichte vestiging van niet-Hongaarse staatsburgers in Hongarije kan voorschrijven?

Heel wat van de dingen die mis zijn aan de politiek in Hongarije – en aan het regime van Orbán in het bijzonder – zijn terug te vinden in deze referendumvraag.

Okee, ook een heleboel dingen niet. Die moet je je erbij voorstellen, – niet dat dat nou zo moeilijk is.

Wat – in een notedop – was er ook alweer mis aan het regime van Orbán?

  1. Dat het recht van de sterkste het enige recht is geworden;
  2. Dat de regering hetzelfde is geworden als de overheid;
  3. Dat ‘kerk’ en staat weer dichter naar elkaar kruipen (‘kerk’ in brede zin: in opvoeding/school, in economisch, burgerlijk en cultureel leven);
  4. Dat autoriteit een doorslaggevend argument is geworden;
  5. Dat corruptie een beleidsinstrument is geworden;
  6. Etcetera.

En kom nou niet met het verhaal dat het wel zo moet, bijvoorbeeld omdat Hongarije nog steeds gezuiverd dient te worden.

Of een sterke leider nodig heeft.

Of dat duizend asielzoekers opvangen (op kosten van de EU) nou zo’n vreselijk probleem is.

Of dat er geen andere manieren zijn om Merkel duidelijk te maken dat ze mogelijk niet erg slim bezig is en/of was.

Of dat het echt een nationaal belang is om de nationale schapenkudde op een nationale referendumdag een nationaal kruisje te laten zetten als ze nationaal bij elkaar gejaagd staan te dringen in de stemhokjes (op nationale kosten van de schaapjes zelf).

einstein_authority2

Tudta? Tudja? Tudna?

Ik snap weinig van zijn theorien (daar zijn andere blogs voor) maar ik vind zijn quotes leuk.

Nog een quote, dan, maar dan van een overlevende van de collectieve zelfmoord in Jonestown, in 1978:

What would someone have to tell you, or have to do to you, to have you do something that you couldn’t possible believe you were capable of?

Ik weet het – een tikkeltje aan de dramatische kant. Dat heeft Ongersman eigenlijk niet nodig …

Klopt! Helemaal waar!

Maar in Rome, doe als de Romeinen!

Nietwaar, Albi?

einstein_crap2

 

Er is een roos ontsprongen …

En de veteranen rollen over elkaar met veel gezucht, deskundige adviezen en meewarige waarschuwingen:

  • wat dapper
  • wat een clown
  • waar zitten de gaatjes in het Fidesz pantser voor deze pijl?
  • maar goed dat ze geen ‘verleden’ heeft
  • maar ze heeft wel een heden – ze werkt voor een stichting met politieke doelen
  • maar dat is ongehoord
  • maar wel logisch
  • laten we haar maar snel weer vergeten
  • dit is het laatste onderwijsproduct dat de Fidesz nog schade toe kan brengen
  • etc

veel van hetzelfde van alle kanten maar dan om net iets anders.

Overeind staat dat dit meisje niet minder is dan een belofte. Iets waarop velen zaten te wachten. Maakt niet uit of ze de nieuwe uitdager van OV wordt. Misschien vinden ze weer iets om het tij te keren. Heeft ze wel hamsters gemarteld of klasgenootjes afgeperst. Daar gaat het niet om. Het gaat erom dat hier even een vergezicht geboden is, dat ons niet alleen confronteert met haar en wat ze voorstelt maar ook met onszelf en wat we positief – naar omstandigheden – voor kunnen stellen.

Als het stemmetje dat zegt: Waarom ook niet? Het zou best kunnen …

Je hoort wel eens dat Fidesz misschien wel verre van ideaal is maar dat niemand anders in aanmerking komt om het land bij elkaar te houden. Een sterke hand krijgt nog altijd meer gedaan dan slappe hap. Persoonlijk geloof ik dat niet, want ik heb ooit het optimisme gezien – in andere tijden – maar bovenal heb ik de structurele afbraak gezien die Fidesz de afgelopen jaren meende te moeten verzetten.

Het wordt hoog tijd dat er getimmerd gaat worden. Demo’s en burgelijke ongehoorzaamheid, tussentijdse overwinningen in lokale verkiezingen en fijne, mediagenieke meiden zijn allemaal leuk en aardig voor momentum maar een echte vuist tegen de afbraak is vaak ook een hand naar de medemens.

Want Fidesz, die houden we zelf overeind. Met onze angsten, onze aversies, onze rethoriek. Allemaal, samen, tegen elkaar.

Tijd voor vervelling!

De bruidschat van Seuso: Hec Sevso tibi …

Aggtelek

Hec Sevso tibi durent per saecula multa
Posteris ut prosint vascula digna tuis

(May these, O Sevso, yours for many ages be
Small vessels fit to serve your offspring worthily)

En opeens is het internet weer vol van Rahel Orbán, de dochter van. In de weer met hotels, docent aan Corvinus Universiteit, deelnemer aan een besloten maar belangrijke toeristische bijeenkomst, zwanger en plukkend aan Egerszalok (dat toch al verpest was).

Laat duizend bloemen bloeien – okee: laat het er dan honderd zijn. Tamás Gáspár Miklós (TGM), een vroegere makker van de oude Orbán maar nu fervent criticus van FIDESZ, heeft al eens aangegeven dat kinderen wat hem betreft niet kan worden aangerekend wat hun ouders uitvoeren. Als die kinderen, bijvoorbeeld, gefotografeerd worden terwijl ze autorijden met een mobiele telefoon in haar hand, zou dat geen reden mogen zijn om haar te vierendelen. Klinkt logisch, een dochter van een minister-president is toch een ander beest dan een prins, of zo.

Maar die verantwoordelijkheid ligt wel aan drie kanten. De roddelbladen hielden zich sowieso niet eraan. De persstaf van FIDESZ ook niet. Nu blijft over de vraag wat Rahel zelf gaat doen.

Op de foto’s is zichtbaar dat vader echt vreselijk trots moet zijn en in een aandoenlijke ‘verwarring’ is in haar nabijheid. Dat zij van de drie kinderen de grootste pr-asset is, was of wordt, is duidelijk.

Het volgende script is nu te mooi om zonder doordenken in de prullenbak te gooien.
1) Wat zou u uw kind geven als dat gaat trouwen? Juist!
2) En wat als ze gaat trouwen en u zo ongeveer de belangrijkste en machtigste man van het land bent. Juist!

Het hele verhaal van de Seuso schat ga ik niet vertellen, daar is het te mooi voor. Het komt erop neer dat de verzameling zilveren voorwerpen uit de Romeinse tijd stammen. Hoogstwaarschijnlijk is het servies afkomstig uit de Balaton regio – daar duidt een inscriptie op – waarna rond 1980 onder raadselachtige omstandigheden het overgebleven deel van de verzameling – 15 stuks – in Engeland is terechtgekomen. Hongarije heeft nu de helft teruggekocht en lijkt te azen op de rest. Behalve de bekende stukken moet er trouwens nog veel meer zijn aan kelken en bekers.

3) Viktor heeft de Seuso schat in 2014 (rond het huwelijk van zijn dochter) met veel persoonlijke bombarie ‘thuis’ gehaald en heeft het regelmatig over het Hongaarse familie-zilver (“Magyar családi ezüst”).
4) De verworven eerste helft van de schat ging daarop (tijdelijk) naar Székesfehérvár, (dichtbij Balaton, okee, maar ook niet al te ver van Felcsút). Sindsdien is het erg stil.
5) De interesse van enkele bezielde leiders in kunst is afgelopen maanden wel gebleken, evenals hun losse omgang met nationaal eigendom.
6) En ook de minister-president zelf houdt wel van een kunstje: zo wil hij voor 1 miljard forint kunst gaan installeren in zijn nieuwe optrekje, op de Burcht.

Uitsmijter: zijn dochter had aantoonbare interesse voor het familie-zilver – zij was bij de persconferentie waar pa de aanschaf bekend maakte, in maart 2014.

De symboliek van losse draadjes en magnetische velden – veel nakomelingen, lang gebruik, etc – past te mooi in een Orbán-dynastie om toeval te zijn. Laten we de zaak in de gaten houden (bijvoorbeeld, als iemand snapt wat hier bedoeld wordt, dan houd ik me aanbevolen).

Eén ding is zeker: we zullen nog horen van Rahel.

Ze heeft de uitgestoken hand van TGM niet geschud.

Soros, Horthy, Putyin, Orbán: kwartet!

temetoZe flirten met Moskou, flirten met Horthy, met het Vaticaan (als het zo uitkomt). Ze flirten met alles, vooral, waaruit maar blijken zal dat ze anders zijn. Nostalgie is daarbij slechts een ingredient, nooit het doel.

Wat is juist en wat is veilig om hier te denken? Het politieke geborrel en geknetter in de Fidesz ketels lijkt vaak niet meer te betekenen dan het geexperimenteer van een eclectische klasje adhd’ers zonder toezicht. De regering lijkt ondanks alles wel een zakenkabinet dat met kunst en vliegwerk de Hongaarse boot zo lang mogelijk drijvende dient te houden (totdat onmiskenbaar het moment aangebroken is dat de bodem er werkelijk uitvalt en de bemanning vluchtelingenstatus op de Kaayman-eilanden kan gaan aanvragen). Zo doen de sprinkhanen dat immers al eeuwen!

Toch verdient – al is het alleen maar omdat we onzelf serieus nemen – een gedegener beschouwing de aandacht. In de eerste plaats vanwege de vraag wat erna zou kunnen komen. In de tweede plaats omdat erop gelet moet worden of de toegebrachte schade niet onherstelbaar is.

George Soros hoeven we daarbij niet sympathiek te vinden. Zijn speculaties tegen het Engelse Pound – tegen de Engelse Nationale Bank; tegen de Engelse burgers – stonden in 1992 aan de wieg van zijn enorme fortuin. Dergelijke acties kunnen moeilijk uitgelegd worden als gebaar van naastenliefde. Ook al lijkt hij als filantroop het beste voor te hebben met onderdrukte volkeren, zijn geld verdient hij ontegenzeggelijk net zo hard weer terug door op het hoogste niveau mee te plassen in het hoge gras van het hyperkapitalisme.

In Hongarije is Soros oa verantwoordelijk voor de Central European University en andere programma’s van de Open Society Foundation. Dat voor veel Hongaren, die deze verdwaalde appel eigenlijk alleen van zijn filantropische escapades zullen kennen, de naam Soros op één lijn staat met die van de duivel, mag dan ook een wondertje van social engineering heten.

Desalniettemin heeft Soros met regelmaat iets in de Hongaarse melk te brokkelen. Waarom men daar zo gevoelig voor is, is weer een mooie psychologische invuloefening: ‘slim oompje verlaat ons, heeft vervolgens succes en ook nog kritiek op ons’, denk ik dat het is. Zoals hij fervent anti-republikeins stelling neemt in de VS, is hij behoorlijk anti-Putyin en ook zeer kritisch op de Fidesz in Europese aangelegenheden.

Een interview met hem – in de Engelse versie – is te vinden in New York Post review of Books. Hongaars staat hier. Interessant zijn de accentverschillen – de Hongaren focussen op het verwijderen van Orbán (wat moeilijk is), de Amerikanen op de toekomst van de EU (on the verge of collapse). De mooiste uitspraak in het interview vind ik persoonlijk: “Hij is niet zo intelligent als Orbán”, over de Poolse Jaroslaw Kaczynski. Daarmee laat Soros toch even zien dat zijn hart nog altijd op de goede plek zit!

Maar goed. In het kort: Soros krijgt de eer volgens de regering mede achter de grote aantallen vluchtelingen te zitten. Dat lijkt me zelfs voor Soros een tamelijk kranige prestatie – als ik iemand aan zou moeten wijzen, dan zijn dat de Russen, maar dit terzijde. Het gaat er maar om dat volgens de Hongaarse regering Soros niet mag brokkelen. Niet in hun melk, welteverstaan.

De Open Society heeft evenwel enige tijd geleden al een 6-puntenprogramma opgesteld, dat, niet verwonderlijk, botst met dat van de regering. Details wil ik even niet op in gaan, alleen dat het niet is toegestaan deel te nemen aan het debat dat alleen de regering mag voeren. Een debat gevoerd in jubelstemming met als leitmotif dat Hongarije fantastisch bezig is. Wanneer zegt iemand toch eens tegen die lui, dat – zoals bij ons in huis behalve de hond iedereen kan zien – er logischerwijs toch echt het één en ander niet aan spoort?

Hongarije klopt zich al op de borst alsof zij de crisis hebben opgelost. Maar wat Hongarije heeft gedaan – het hek – kan toch alleen maar werken omdat de anderen dat niet hebben gedaan? Het is toch geen oplossing? Het was een signaal, OK. Het was een relatief instrument, OK. Maar het is geen oplossing. Kan het niet zijn. Als van Spanje via Italie tot en met Griekenland iedereen hekken gaat plaatsen, dan komen vanaf volgende week maandag toch die stromen met mensen ook weer Hongarije binnen? DOOR dat mooie hek? Weg van de minste weerstand? Basic natuurkunde, zelfs met adhd!

Brussel kan de problemen niet oplossen en Hongarije in haar eentje al helemaal niet. Orbán ook (net) niet, geloof me! Weglopen van onderhandelingstafels, bluffen, dwepen met je ‘inzichten’ in achterafzaaltjes in Beijeren, felicitaties in ontvangst nemen omdat je anderen met gemeenschappelijke (ook jouw) problemen opscheept en dan ook nog dreinen dat je wel de financiele middelen wilt voor dingen die je niet levert, – dat is toch te pijnlijk voor woorden?

Als het zo gaat – en met Polen op de bolderkar erbij lijkt het al ras verder in die richting te gaan – dan is het moment aangebroken dat Orbán werkelijk kan gaan omkijken naar nieuwe vrienden.

En in Szigetvár wordt een minaret gebouwd.

Wat willen ze nou eigenlijk?

 

Op de thee bij de woordvoerder – een reportage

Terrorhaz_smallHet dubbeldikke kerstnummer van Elsevier heeft zowaar iets over Hongarije! Beter zelfs: iets over heel Midden Europa! En het nieuwe onafhankelijkheidsdenken aldaar.

Daar verkneukelen we ons natuurlijk op, hier bij Ongersman. Ik bedoel, wij zijn ook maar doorsnee staatsburgers met beperkte middelen en horizon; geen haar op ons hoofd die erover denkt om deze uitgestoken hand, deze vast kloeke analyse van een dergelijk gerenommeerd instituut van het vrije woord onopgemerkt aan ons voorbij te laten gaan! Mogelijk blijkt Elsevier de sextant die ons – al of niet over Brussel – naar huis weten te loodsen?

Mwah. Wat voor politieke agenda het tijdschrift Elsevier tegenwoordig ook heeft, het heeft in ieder geval geen wortels meer in het aloude ‘hoor en wederhoor’.
Het stuk opent met Hongarije, om precies te zijn met een halfslappe inleiding waarin György Konrád ook even langs komt zwenken en een uitgever mag vertellen dat Boedapest veilig is voor joden en dat hij echt niet meer weg wil, zelfs niet met zijn twee kinderen! Fantastisch nieuws!
Dan landt de reporter in het parlementsgebouw en regel één van de journalistiek blijft aan zijn laars gelapt voor de deur staan: laat je als pers nooit overdonderen door opdringerige architectuur, pluche tapijt en meubelair of de goedige bruine ogen van de woordvoerder.
Ik vermoed dat vooral dat laatste is misgegaan. In vier paragrafen raakt het onderscheid tussen citaat en vulling (achtergrond, feitenrelaas) al snel zoek.

“De nieuwe machthebbers bleken bovendien net zo corrupt als de communistische leiders van wie hun ouders de waterdragers waren. In 2010 greep Fidesz haar kans. De economische crisis had toegeslagen en 500.000 Hongaren verlieten het land. De socialisten gaven zelfs toe te hebben gelogen. Het was tijd voor een echte Hongaarse oplosssing.
Orbán bood die met Fidesz. Hij hamerde het erin: Hongarije is altijd onrecht aangedaan. Met Westerse politiek ideeen als liberalisme en socialisme zijn we niets opgeschoten. Nu is het tijd om zelf de koers te bepalen. Het leidde tot een overwinning en in 2014 kreeg hij zelfs de absolute meerderheid. Sindsdien is de steun voor hem alleen maar gegroeid.”

Als hij maar af en toe (on cue, dus) grijnst of met understatement reageert, dan sluit het verhaaltje van Zoltán Kóvács naadloos aan bij de vroegrijpe pennevrucht van Jelte Wiersma: Turken, slachtofferrol, corruptie, 5 miljoen buitendijkse Hongaren, Fidesz dat haar kans grijpt (de term ‘De Boys van Fidesz’ valt, – waar komt die vandaan?) Fidesz van het platteland, wars van multiculturaliteit ‘Wij zijn niet gewend aan zwarte mensen’ (Kóvács) en ook: ‘Wij zien de realiteit onder ogen en handelen daarnaar’ (Kóvács). Dachten westerlingen dat een land als Hongarije hun ideeen zou overnemen, inmiddels nemen westerlingen Hongaarse politieke ideeen over (Jelte Wiersma) tot en met de uitsmijter van Kóvács – met wederzijdse instemming: ‘Politiek ontwikkelt zich altijd’.

Het zou te flauw worden om de ‘foutjes en fouten’ eruit te gaan zitten vissen; dat is het werk van de redactie van Elsevier, vind ik. Groter probleem zijn de schijnbaar typische Hongaarse verschuivingen waarvoor je zo te zien toch wel een neus moet hebben (waarna je ze vanaf dat moment dan ook overal ruikt):
– Zo was de overwinning van Fidesz in 2014 geen verbetering van het resultaat van 2010;
– Zo worden de 500.000 Hongaren die naar het buitenland trokken ook en nog wel meer, waarschijnlijk, gebruikt om het falen van Fidesz aan te kaarten (vanaf 2010, dus);
– Zo is de populariteit van Fidesz op zijn zachtst gezegd sindsdien niet stijgende;
en natuurlijk, mijn favoriet:
– Zo is het te pas en te onpas van stal halen van het gelieg van de socialisten – heb er op zich geen moeite mee, daar niet van, maar dan moet het wel wat toevoegen – ongeveer net zo steekhoudend als beweren dat de ‘Boysz van Fidesz’ familie heeft gehad in de Pijlenkruizers, om maar een zijstraat te noemen.

Maar goed, discussie dus NIET gesloten,

De brutalen hebben de halve wereld (nog wel!)

visegrad kasteelEr is een zeer integer rapport verschenen. Van zeer integere mensen, die bij een nog integerder organisatie werken. Het rapport gaat over vertrouwen. Politiek vertrouwen. In Europa. Maar ook in Hongarije.

This study summarizes the findings of Political Capital’s research on the nature and tendencies of political trust. Trust is a phenomenon with many facets. It is hectic and stable at the same time, depending on geography and the object of trust. While a certain level of trust is inevitable for a well-functioning society, mistrust is also necessary: healthy democracies are based on a fine balance between trust and mistrust. However, the balance seems to have tipped and distrust has become dominant in Europe. As a consequence, we can observe a growing influence of conspiracy theories. Besides the in-depth analysis of these topics, the study also contains recommendations on how to build and strengthen trust.

Zo ongeveer, dus.

Ik had bijna hetzelfde gevoel in mijn buik, bij het lezen hiervan, als bij het lezen van Hadewijch.

Ic en mach minnen noch laten.

Zou het echt waar zijn?

Zouden er echt een miljoen Hongaren zijn, die wel degelijk weten wat voor land ze willen, maar die geen partij kunnen vinden om op te stemmen?

Zou tot dan de enige hoop werkelijk gelegen zijn in al die losse vingertjes – van de pers, van toegewijde pedagogen, van zorgvuldige medici, van waakzame burgers, enzovoorts – die nu nog dag in, dag uit, de dijk ingaan?

Deze vinger is, helaas, geknakt:

……

(dramatisch tromgeroffel)

vandaags nieuwste:

In het wetsvoorstel “Az egyes törvényeknek a Nemzeti Adó- és Vámhivatal átalakításával, valamint a költségvetési tervezéssel és gazdálkodással kapcsolatos módosításáról” (wijzigingen in enige wetten in verband met de herzieningen van de belastingdienst en planning van en bewindvoering over de begroting) – afgelopen maandag ingediend, gisteren (dinsdag) aangenomen – zijn zo’n dertig aanpalende wetten aangepast. In aanmerking genomen dat er één dag was om de 58 pagina’s te bestuderen – het is blijkbaar hard werken in een democratie – zou je haast denken dat het om een hamerstuk zou moeten gaan.

….

Eén van de vele te wijzigen stukjes tekst is iets in de wet op openbare aanbestedingen, waar nu ‘in plaats van punt “2” komt te staan: “met de in a-i aangeduide persoon in gezamenlijk huishouden levend.” ‘

Waarmee het in een klap mogelijk is geworden voor broers, zusters, kinderen, zwagers, schoonzussen en allerlei andere familie van een trits hoge ambtenaren (belastingdienst, Bureau Statistiek, rechtelijke machten, autoriteit voor mededinging, autoriteit voor openbare aanbesteding, – plus natuurlijk de usual politici: president, premier, kamervoorzitter, en de vices en de ministers, om aan alle openbare aanbestedingen mee te doen waarvan ze tot nu toe waren uitgesloten vanwege het gevaar op belangenverstrengeling.

Oh ja: Ingaand met terugwerkende kracht op 1 november 2015, dus iemand van bovengenoemde personen was al begonnen.

Wie houdt hier nou wie voor de gek? En hoe?